In Memoriam Frida Vogels

In Memoriam Frida Vogels

De Nederlandse schrijfster Frida Vogels is afgelopen maandag, 6 juli op 96-jarige leeftijd overleden. Zie ook alle tags voor Frida Vogels op dit blog.

 

Dit is voor jou

Dit is voor jou; nu ik je niet meer spreken kan
nu ik je zoeken moet in sporen
je volgend op een afstand, steeds erop bedacht
mij niet te verraden –

spreek ik voor jou; al zul je het nooit weten.

Ik ben niet wanhopig, ik ben je niet onwaardig.
Ik heb een leven gevonden nu en hier.
Maar een leegte heerst, als een duizeling,
in de kringloop der planeten.

 

Frida Vogels ( 9 januari 1930 – 6 juli 2026)

Nuits de juin (Victor Hugo), Jakub Małecki, Ingeborg Bachmann

 

 

Een nacht in juni in de tuin door Nikolai Astrup, 1909

 

Nuits de juin

L’été, lorsque le jour a fui, de fleurs couverte
La plaine verse au loin un parfum enivrant ;
Les yeux fermés, l’oreille aux rumeurs entrouverte,
On ne dort qu’à demi d’un sommeil transparent.

Les astres sont plus purs, l’ombre paraît meilleure ;
Un vague demi-jour teint le dôme éternel ;
Et l’aube douce et pâle, en attendant son heure,
Semble toute la nuit errer au bas du ciel.

 

Victor Hugo (26 februari 1802 – 22 mei 1885)
Besançon, de geboorteplaats van Victor Hugo

 

De Poolse schrijver en vertaler Jakub Małecki werd geboren op 25 juni 1982 in Kolo, Polen. Zie ook alle tags voor Jakub Malecki op dit blog.

Uit: Roest (Vertaald door Karol Lesman)

“Szymek had nog wel even gezocht, maar had snel de moed opgegeven. Een klontertje was maar een klontertje, misschien lukte het de volgende keer wel. De wereld houdt niet op bij klonters, vooral niet op een dag als vandaag waarop zijn moeder had beloofd uit Warschau een nieuwe Asterix voor hem mee te nemen: wie zou op zo’n dag nog in het gras en tussen distels willen lopen graaien? Hij had nog een halve jampot oude munten. Hij haalde zijn schouders op en liep achter Budzik aan.
Ze liepen langzaam terug, om beurten elkaar een vlak voorwerp met gerafelde randen overhandigend. Budzik beweerde dat hij ooit al zijn klonters uit zijn schuilplaats in het kippenhok zou meenemen en ze op een plank in de kamer zou leggen. Hij zou zich niets van zijn vader aantrekken. Dat ging hij een keer doen.
Ze passeerden de oprit naar de Autobaan en Szymek vertraagde zijn pas in de hoop een blauwe Fiat Uno te ontwaren. Hij bleef even staan wachten, erop vertrouwend dat zijn ouders zo dadelijk de afslag van de hoofdweg zouden nemen. Ze namen geen afslag. Alleen Hołowczyc scheurde geheel in stijl de andere kant op, dicht langs de berm, machtig en angstaanjagend. Hij duwde de wielen met zijn dikke armen voort, iets in zijn volle baard mompelend.
Szymek hoopte dat zijn ouders snel terug zouden zijn, zoals ze hadden beloofd, hoewel je het met de beloftes van ouders wel wist: je wist het maar nooit. Hij logeerde graag bij oma Tosia, maar vanavond was Het reuzenrad met Bugs Bunny op tv en hij moest nog zoveel doen. Als ze eenmaal thuis waren wachtte hem het saaie ritueel met de visjes: levend voer uit de vriezer, wat droogvoer uit een zakje, het schoonmaken van het verwarmingselement en het filter, water bijvullen. O, en het belangrijkste van alles: het kleuren van koeien.
De koeien bracht zijn vader mee van zijn werk. Ze stonden op grote vellen papier, ingekaderd in de linkerbovenhoek. Twee flanken en van voren alleen een driehoekige kop. Geesten van koeien, dunne omlijningen zonder vlekken, want de vlekken moest je zelf invullen. Zijn vader tekende ze snel op zijn werk en gaf met een kruisje aan waar het zwart moest komen. Szymek ging dan aan zijn bureau zitten, deed de lamp met de rode metalen lampenkap aan en vulde zorgvuldig de vlekken in met viltstift.”

 

Jakub Małecki (Kolo, 25 juni 1982)

 

De Oostenrijkse dichteres en schrijfster Ingeborg Bachmann werd geboren op 25 juni 1926 in Klagenfurt. Zie ook alle tags voor Ingeborg Bachmann op dit blog.

 

Praag januari 64

Sinds die nacht
loop en spreek ik weer,
het klinkt Boheems
alsof ik opnieuw thuis was,

waar tussen de Moldau, de Donau
en de rivier van mijn jeugd
alles weet van mij heeft.

Lopen – stap voor stap is het teruggekomen.
Zien – aangekeken, heb ik het weer geleerd.

Gebukt nog, knipperend,
hing ik in het raam
en zag de schaduwjaren,
waarin geen ster
in mijn mond hing,
zich over de heuvel verwijderen.

Over het Hradschin
hebben om zes uur ’s morgens
de sneeuwruimers uit de Tatra
met hun gesprongen vuisten
de scherven van de ijslaag weggeveegd.

Onder de barstende schotsen
van mijn, ook mijn rivier
kwam het bevrijde water te voorschijn.

Te horen tot aan de Oeral.

 

Vertaald door Paul Beers en Isolde Quadflieg

 

Ingeborg Bachmann (25 juni 1926 – 17 oktober 1973)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 25e juni ook mijn blog van 25 juni 2023 en ook mijn blog van 25 juni 2020 en eveneens mijn blog van 25 juni 2019 en ook mijn blog van 25 juni 2018 en ook mijn blog van 25 juni 2017 deel 2.

Thomas Heerma van Voss, Silke Scheuermann

De Nederlandse schrijver Thomas Heerma van Voss werd geboren in Amsterdam op 13 juni 1990. Zie ook alle tags voor Thomas Heerma van Voss op dit blog.

Uit: Ultimatum

“4 maart
Op Aswoensdag begon het gedenken, het vasten en het overpeinzen. Vandaag werd er gezondigd. Voor het Café du Monde stonden lange rijen; mannen en vrouwen uitgedost met boa’s, kleurrijke pruiken, eindeloos veel kralenkettingen. Iets verderop, in Bourbon Street, trokken toeristen en stedelingen over de natte straatstenen. Linten van rode lampjes en lampionnen hingen tussen de huizen, cocktails in groene bekers gingen van hand tot hand, vrouwen met ontbloot bovenlichaam lieten hun borsten aanraken in ruil voor absint. En toen de zoveelste hoosbui over de stad raasde, trok iedereen zich terug in cafés of schuilde onder een afdakje. Alle chaos die er in een mensenleven te vinden was, kwam hier samen, op deze ene avond. Mardi Gras, Vette Dinsdag, in New Orleans. Het was iets over elven toen Nathalie Underwood, in een witte spijkerbroek en een wit hemdje met glitters op de schouders, zich langs een groepje studenten wrong, richting de bar van Café du Monde. Ze bestelde een Sazerac, extra bourbon. Toen ze een hand op haar schouder voelde, verstijfde ze en keek achterom.
Een paar seconden stonden ze, te midden van al dat geruis, roerloos tegenover elkaar, Nathalie en de man verkleed als skelet. Zwart textiel maskeerde zijn lichaam, de getekende botten waren fluorescerend wit. Om zijn nek hing een ketting van afgestreken lucifers. Langzaam trok hij zijn masker af. Nathalie keek schichtig om zich heen, niemand besteedde aandacht aan hen. “Ik wist niet dat jij het was,” zei ze. Waar is jouw masker?” “Daar had ik geen zin in. Waarom wilde je hier afspreken?” ”Ik wil je iets in de buurt laten zien. Een halfuurtje rijden, hooguit. Mijn auto staat in een zijstraat.” Om hen heen klonk ‘When the Saints Go Marching In’, een zwalkende uitvoering. “Binnen een uur wil ik terug zijn,”zei ze. “Ik wil zo min mogelijk missen.” “Je zult niets missen, dat beloof ik.” Hij trok zijn masker weer over zijn hoofd, Nathalie liet haar Sazerac op de bar staan en nam van niemand afscheid.
Louisiana. Beekjes en rivieren kronkelen als opgezette aderen door de dalen, met op de achtergrond de fabriekstorens die dag en nacht roken. Akkers staan blank, riet groeit net zo lang tot de deining het doet knakken. En heel af en toe doorkruist een eenzame auto het landschap, als een vlieg die over een landkaart kruipt. “Kun je wel goed zien met dat masker op?” vroeg ze. “Mijn ogen zijn vrij.”

 

Thomas Heerma van Voss (Amsterdam, 13 juni 1990)

 

De Duitse dichteres en schrijfster Silke Scheuermann werd geboren op 15 juni 1973 in Karlsruhe. Zie ook alle tags voor Silke Scheuermann op dit blog.

 

Acacia

Zo bescheiden dat zelfs de zon
de betekenis van trots in twijfel trekt, maar ongeduldig,
oh ja, zelfs de uitspraken die ze doet
over de winter zijn ademloos,
een ruisen dat weinig met wind te maken heeft,
meer met taal, stille kracht. Ze
kunnen allemaal als beloftes worden gelezen. Geven aan
dat de Serengeti slechts een halte in een
spannend leven was en dat ze nu hier
haar paraplu uitspreidt, silhouet van
veiligheid. Niets eindigt snel genoeg,
geen enkele dag: er is alleen ongeduld, wachten –
totdat de zon eindelijk in slaap valt.
Samen met haar bewering: wachten, dat
maakt niet uit, wachten is overgang.
De natuur is niet donker,
de wereld is donker.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Silke Scheuermann (Karlsruhe, 15 juni 1973)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 13e juni ook mijn blog van 13 juni 2021 en ook mijn blog van 13 juni 2020 en eveneens mijn blog van 13 juni 2019 en ook mijn blog van 13 juni 2017 en mijn blog van 13 juni 2015 deel 1 en eveneens deel 2.

Federico García Lorca, Paul Farley

De Spaanse dichter en toneelschrijver Federico Garcia Lorca werd geboren op 5 juni 1898 in Fuente Vaqueros, Granada. Zie ook alle tags voor Federico Garcia Lorca op dit blog.

 

Kerseboom in bloei

In maart
reis je naar de maan.
Je laat je schaduw hier.

De weilanden worden
onwerkelijk. Het regent
witte vogels.

Ik raak verdwaald in je bos
en schreeuw: Open u, Sesam!
Ik lijk wel een kind! Die schreeuw:
Open u, Sesam!

 

Ontwaak

De kam van de dag
komt tevoorschijn.

De witte kam
van een gouden haan.

De kam van mijn lach
komt tevoorschijn.

De gouden kam
van een dolende haan.

 

Verzinsels

(sterren van sneeuw)

Er zijn bergen
die
van water willen zijn.
En ze verzinnen sterren
die hen van achteren beschijnen.

(wolken)

En er zijn bergen
die
vleugels willen hebben.
En ze verzinnen
de witte wolken.

 

Vertaald door Marije Dekkers

 

Federico García Lorca (5 juni 1898 – 19 augustus 1936)
Borstbeeld in het España-park in de stad Rosario, Santa Fe, Argentinië

 

De Britse dichter en schrijver Paul Farley werd geboren op 5 juni 1965 in Liverpool. Zie ook alle tags voor Paul Farley op dit blog.

 

Afhankelijken

Wat zijn we goed voor elkaar, wandelend door
een land van stilte en duisternis. Jij
opent deuren voor me, ik neem de telefoon voor je op.

Ik draai harde junglemuziek. Jij leest met het licht aan.
Prachtig. De ronding van je jukbeen,
explosieve klinkers, precies het juiste gebruik van parfum.

Waar denk je aan? vraag ik in een taal van aanraking
die uniek is voor ons. Je tikt op mijn handpalm, niets bijzonders.
Op stations wedijveren we met onze zintuigen, kijken we wat

het eerst komt – licht in de tunnel, een zweepslag op de rails.
Ik schop tegen je schenen als we uit eten gaan.
Jij dept mijn lippen. Ik betast die van jou als braille.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Paul Farley (Liverpool,. 5 juni 1965)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 5e juni ook mijn blog van 5 juni 2020 en eveneens mijn blog van 5 juni 2019 en ook mijn blog van 5 juni 2017 deel 1 en eveneens deel 2.

In Memoriam Lieke Marsman

De Nederlandse dichteres Lieke Marsman is afgelopen woensdag, 3 juni, op 35-jarige leeftijd overleden. Lieke Marsman werd op 25 juli 1990 geboren in Den Bosch.

 

In mijn mand

Ik heb niet stilgezeten, ik heb Sartre gelezen
en Kant en Kierkegaard. Als ik doodga
hoop ik op een hemel
om met hen in te kaarten
(ik vraag me af
of Marx voor geld zou spelen). Lachend
zal ik vier azen op tafel gooien, twee jokers
achter de hand. ‘Schenk mij bij!’
zal ik roepen naar een engel in een
doorzichtig gewaad,
maar de doden hebben geen stem. Natuurlijk
hebben de doden wel een stem. Driekwart
van de boeken die je leest
zijn geschreven door een dode
toen die dode nog leefde. En zo
sijpelt het verleden de toekomst in

Dying is an art, schreef Sylvia Plath
Doodgaan is weer kind zijn, denk ik
Volledig overgeleverd
aan de elementen, zonder
dat je iets te zeggen hebt
over de plekken waar het leven
(een kinderwagen als het ware)
je naartoe rijdt

Dit zal na mij zijn, wat voor mij is geweest – Seneca
Wat een dwaasheid om
verbaasd te zijn als op een dag gebeurt
wat elke dag gebeuren kan.
Ik ben een dwaas, maar dwazer is
wie leeft alsof hij morgen sterft:
wat een paniek pulseert er
vandaag door je lijf! Nooit
zul je meerdaagse plannen maken,
nooit ‘s avonds laat door het Oosterpark lopen
en verlangen naar de nazomer, nooit
een stuk taart bewaren voor morgen,
nooit kaartjes voor de biënnale kopen

Zachtjes zit ik in een kano in Frankrijk
Hoopvol zit ik weer in de zonnige erker
met bloemen
Dit zijn geen jeugdherinneringen,
maar geuren
zoals alle jeugdherinneringen op een gegeven moment
geuren worden. Proust, expert
in deze vorm van melancholie, schreef: de kracht
die de meeste keren om de aarde gaat in één seconde
is niet elektriciteit, het is pijn.

…maar hij vergat het licht, dat het allersnelst is
en altijd met dezelfde snelheid reist. Licht
dat pijn kan doen verbleken. Want wanneer ik mij
buk om de druiven die gevallen zijn
op te rapen en pijn duwt
mijn gezicht weer eens ineen
als een harmonica
maar ik kijk op en zie de zon
weerkaatst in de nieuwe koelkast
die van jou en mij samen is,
wat betekent pijn dan nog?

Jij bent geboren
in de grijze flat met plastic balustrades, ik zag
mijn eerste nacht in het kleine huis
met gekleurde kozijnen

Maar dit gedicht
gaat over de dood. In mijn kist
zal een donzen dekbed liggen, mijn lijf
omringd door pluchen knuffels
Ze noemden me kinderachtig,
maar dat was toen
Jonge honden waren we, voor het eerst
in een park zonder riem,
verbaasd bij alles wat ons lukte
dankzij of ondanks onszelf
en ons vermogen overal
een competitie in te zien

‘De dood accepteert geen jokers,’
zegt Kant in alle ernst
met zijn zwaarste stem
en: ‘Schenk mij bij!’
tegen de engel,
die geïrriteerd zijn breiwerk opzijlegt
en antwoordt: in je mand
(want is het zo onderhand niet evident
dat mensen voor engelen zijn
wat dieren voor mensen zijn?)

In mijn mand!

Is het mijn sterfdag?
Ik maak mij geen zorgen
Alle gelukkige momenten herhalen zich
Eerst als tragedie en dan als klucht
en daarna als elegie
Er zullen opnieuw tieners wild
na sluitingstijd een snackbar in rennen
Er zullen opnieuw geliefden in de wijnbar zitten
waar wij elkaar voor het eerst kusten
Zelfs jij zal opnieuw een geliefde in een wijnbar zijn
en opnieuw gelukkig zijn
ook al is je oude geliefde dood
Maar voor nu ben je boos
dat ik dit opschrijf
Veel te vroeg
zoals ik altijd overal
veel te vroeg ben
Maar juist daarom hou ik van je
omdat mijn ziekte soms
voor jou een bron van boosheid is

Is het mijn sterfdag?
De lucht is stil, als lucht
op een kalender
Is het mijn sterfdag?
Vergeet klokken die luiden
De lucht is stil, als lucht
Is het mijn sterfdag?
Vergeet engelen en psalmen
Ik wil de vanille van een oud boek
Ik wil een koud flesje bier
en ik wil jou, nog één keer
Vergeet vogels die zingen
Ik wil mijn hond horen drinken

 

Lieke Marsman (25 juli 1990 – 3 juni 2026)

Libris Literatuur Prijs 2026 voor Bert Natter

Libris Literatuur Prijs 2026 voor Bert Natter

De Nederlandse schrijver Bert Natter heeft de Libris Literatuur Prijs gekregen voor zijn roman “Aan het einde van de oorlog”.Zie ook alle tags voor Bert Natter op dit blog.

Uit: Aan het einde van de oorlog

“CHRISTINE BIJ DE KAPPER IN HET STADJE Christine sluit haar ogen, vooral om niet steeds in de spiegel de gedienstige kapper te hoeven zien. Een mankepoot. Als ze haar ogen sluit, lijkt het net of ze thuis is. Daar heeft ze er eentje die zich met soortgelijk gebonk door het leven beweegt.
Vanochtend aan de ontbijttafel vroeg ze haar echtgenoot of het niet verstandig was de jongens thuis te houden, vanwege het gerommel, dat sinds zonsopgang steeds luider leek te worden.
“Hoezo?” vroeg hij met volle mond, niet eens opkijkend van het rapport dat hij doorbladerde. Hij nam een slok thee en spoelde een hap brood weg.
“Vanwege de Russen: Het was de tweede keer dat ze het onderwerp aansneed. Vanmorgen vroeg wilde ze alleen bij haar echtgenoot schuilen, maar nu… nu verwachtte ze antwoorden en actie.
“Jij met je Russen..: zei hij zacht ‘Ik heb je toch gezegd dat ze..”
‘Ik ben niet gek. Mijn hart zegt dat mijn jongens als ze uit school komen beter binnen kunnen blijven. En we moeten hier weg.”
Haar echtgenoot zette zijn kop op tafel. ”Die jongens gaan vanmiddag gewoon naar buiten. Een gezonde geest in een gezond lichaam. En wij blijven. Ik kan toch niet als… als kapitein het schip verlaten.”
Op z’n hoogst is hij tweede stuurman, maar dat zei Christine niet, ze zuchtte alleen diep.
“Misschien moeten ze dat kettinkje afdoen” zei hij even later, terwijl hij van tafel opstond. ”Het kamp komen ze helemaal niet meer binnen.”
“Nee, laat ze alsjeblieft dat kettinkje omhouden”.
“Wat jij wilt.” Hij draaide zich van haar af, naar de piano, waar hij midden in de nacht nog op had zitten oefenen, tot wanhoop van haar. ‘Ik heb te veel aan mijn hoofd voor dit soort vermoeiende gesprekken. Vanavond moet ik spelen… Goed, ze houden het kettinkje om en als ze uit school komen, gaan ze buiten spelen, ze weten heel goed waar de grens van hun speelterrein ligt en jij ziet erop toe dat ze op tijd thuis zijn, zodat je erbij kunt zijn vanavond.”
Boink-stap, boink-stap, daar komt de kapper weer aan, met een ronde spiegel in een houten lijst. Net als hij die omhooghoudt, zodat Christine haar kapsel van achter kan zien, grijpt de man onder de kreet “Mijn been!” naar zijn houten poot.
De spiegel valt in stukken op de vloer.”

 

Bert Natter (Baarn, 19 januari 1968)

4 mei (Jaap Zijlstra), Roni Margulies

 

Bij 4 mei (Dodenherdenking)

 

Oorlogsmonument in Veghel, Noord-Brabant

 

4 mei
.
De oorlog is al jarenlang voorbij.
Men zegt het, maar het is niet waar.
Ik zie ze nog, gebonden aan elkaar
gaan naar hun graf. De duinenrij
ligt in de zon, de wind streelt door hun haar.

.
Voorover liggen. het is niet voorbij.
Wachten met het gezicht op de grond.
Roepen tot God met een gesloten mond.
Mijn God, mijn God, ontferm U over mij.

.
Nog klopt hun bloed tegen het witte zand.
Nog zoekt hun hart de verre overkant.
Ik hoor de schoten. het is niet voorbij.

 

Jaap Zijlstra (5 september 1933 – 22 december 2015)
Oorlogsmonument in wassenaar, de geboorteplaats van Jaap Zijlstra

 

De Turkse schrijver, dichter, vertaler en journalist Roni Margulies werd geboren op 5 mei 1955 in Istanbul. Zie ook alle tags voor Roni Margulies op dit blog.

 

BANAAN EN SAFFRAAN

’s Ochtends toen ik langs de keuken liep
Zag ik de banaan op de aanrecht liggen.
Gisterenavond heb ik hem niet gegeten en daar laten liggen.

Ik zou hem gaan pakken en hem in de koelkast leggen,
Ik keek: de bovenkant van de banaan zat vol met saffraan!

Ik herinnerde me, dat tijdens het maken van een salade
Het deksel van het saffraanpotje van zijn plaats verdwenen was.

Kijk dat is toevallig, dacht ik, dat rijmt: banaan en saffraan
In mijn keuken banaan
Met bovenop saffraan
Het heeft geen betekenis
Noch enige noodzaak
Zoals alle gedichtjes van mijn leven. 

 

Vertaald door Bruno van der Werff

 

Roni Margulies (Istanbul, 5 mei 1955)

 

Zie voor de schrijvers van de 4e mei ook mijn blog van 4 mei  mijn blog van 4 mei 2019 deel 2.

Leonard Nolens, Mark Strand

De Belgische dichter en schrijver Leonard Nolens werd geboren in Bree op 11 april 1947. Zie ook alle tags voor Leonard Nolens op dit blog. Leonard Nolens overleed op 26 december 2025 op 78-jarige leeftijd.

 

Het feest

1

Laten we drinken omdat er niets te vieren valt
Dan dat we bleven leven om mekaar te bezoeken.
Het is een feest dat jij vandaag niet bent gestorven.
Het is een feest dat hij geen degelijke wortels had
Maar benen om te komen naar mijn huis van ons.
Het is een feest dat zij haar eenzaamheid kan geven
Aan het muzikale oor dat deze kamer is geworden.
Laten we drinken zonder andere reden dan wij.

2

De avond valt. Het ernstige oktoberlicht
Dat ouder is dan wij, kijkt door de tuimelramen
Op ons neer met zijn oorspronkelijke perfectie.
Zijn juiste warmte leert ons wat we kunnen worden,
Delend in zijn antieke waarde van levend goud.
Zijn sprakeloos gezicht doet ons de dromen aan
Waarin we samen sprekend worden opgenomen –
Zijn pure buitenkant is helemaal zichzelf.

3

Vriendschap heeft vanavond de deuren vernageld.
De kamer bestrijkt de wereld zoals we hem denken.
Het kijkende wiel van onze gesprekken neemt hem
In zich op – we maken naam en krijgen zin.

De fles gaat rond zoals een woord dat laaft en lest.
De wildpastei als voorgerecht is een memento mori
Recht uit de oven. De dode dieren heb ik gered
Van hun dood – die moge jullie goed en wel bekomen.

Wat ik bedacht en deed in mijn eenzame keuken
Wandelt nu door onze darmen en verandert zich
In ons denken en doen. Ik heb me uitgedeeld –
Het is mijn vlees en bloed dat in de borden dampt.

 

Leonard Nolens (11 april 1947 – 26 december 2025)

 

De Amerikaanse dichter en schrijver Mark Strand werd geboren op 11 april 1934 in Summerside, Prince Edward Island, Canada. Zie ook alle tags voor Mark Strand op dit blog.

 

Wat het was

II

Het was de omtrek van een stoel;
Het was de grijze bank; het was de ommuring,
De tuin, de grindweg; het was de manier
Waarop het verbrokkelde maanlicht over haar haar viel.
Dat was het, en het was meer. Het was de wind die aan de bomen
Rukte; het was het gerommel en gedonder van wolken, de kust
Bezaaid met sterren. Het was de tijd die leek te zeggen
Dat als je wist hoe laat het werkelijk was, je nergens meer
Naar vragen zou. Dat was het. Dat was het beslist.
Het was ook wat nooit gebeurde – een ogenblik zo vol
Dat toen het onvermijdelijk voorbijging, geen smart groot genoeg was
Om het te bevatten. Het was de kamer die er na zoveel jaren
Onveranderd uitzag. Dat was het. Het was de hoed
Die zij vergeten was, haar pen die op de tafel lag.
Het was de zon op mijn hand. Het was de gloed van de zon. Het was de manier
Waarop ik zat, de manier waarop ik uren, dagen wachtte. Dat was het. Precies dat.

 

Vertaald door H. C. ten Berge

 

Mark Strand (11 april 1934 – 29 november 2014)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 11e april ook mijn blog van 11 april 2020 en eveneens mijn blog van 11 april 2019 en mijn blog van 11 april 2017 en ook mijn blog van 11 april 2015 deel 1 en eveneens deel 2 en deel 3.

Willem de Mérode, Pim te Bokkel, Hermann Lenz

Dit Romenu Blog bestaat vandaag precies twintig jaar! Dank weer aan alle oude en nieuwe bezoekers voor hun interesse en reacties van het afgelopen jaar. De eerste bijdrage in 2006 ging over de dichter en schrijver Willem de Mérode. Traditiegetrouw, omdat hij aan de wieg stond van dit blog, ook nu weer een gedicht van hem. Zie ook alle tags voor Willem de Mérode op dit blog en Romenu’s eerste lustrumpagina.

 

De vrienden

Bij ’t portret van Jaap en Okke
Hun houding drukt hun diepste wezen uit
De grootste zit, in wakkren droom verloren,
Op ’t rijzen van de stem des bloeds te hooren,
De nachtegaal die in harts meinacht fluit.

Hij wond zijn arm los om zijn makker heen
In groote goedheid, niet om steun te ontvangen.
Wie luistert naar zijn innigste verlangen,
Hij vindt zijn vastheid in zichzelf alleen.

De jongste staat, zijn oogen moedig open,
Gereed om met zijn onbevlekte kracht
Het schoone leven naar zijn wil te dwingen.

Gelukkigen! Zij hebben wat zij hopen:
De reine houdt de wereld in zijn macht,
En die gelooft, bezit reeds alle dingen.

 

Willem de Mérode (2 september 1887 – 22 mei 1939)

 

De Nederlandse dichter Pim te Bokkel werd geboren in Winterswijk op 21 maart 1983. Zie ook alle tags voor Pim te Bokkel op dit blog.

 

Dan dooft de kleine prins het licht

We woonden nog op het kasteel
en vader stapte binnen
met wat voor ons
de eerste teletijdmachine was
een commodore
een plastic bak met vensterglas
waarachter
ik de nieuwe wereld zag
met broertjes vocht ik
om de aandacht van het ding
de gunst
van de betovering –
het spel
met de Perzische prins

We belden later
later eenzaam in
als onverbonden wezen
weifelend zocht de modem
vertraging
van het verlangen
contact

Maar we leefden net zolang
tot elk van ons
zichzelf
in de ban van het ding
volledig omringde met schijn
met de glans van de ring
met het schijnsel
van schermen
online scheen alles
onmiddellijk
nabij

Op een kleine planeet groeide toen het idee
dat je in deze wereld
helemaal
je hele zelf kan zijn
astronaut
in het diepst van je gedachten
ongebonden
tijdloos tollend om je eigen as
planeet
zonder zon

Alleen
je blijkt niet alleen zo alleen
in de ruimte woekert
oneindig
de braamstruik
ik zie het aan
en breid mijn databundel uit
schrijf
en schrijf
om
er te zijn

We tasten, we zweven
soms lijkt iets dichtbij
maar weet jij
of weet ik veel
want wat is er waar
dit hier
jij daar
zonder nabijheid
is alles verhaal

 

Pim te Bokkel (Winterswijk, 21 maart 1983)

 

De Duitse dichter en schrijver Hermann Lenz werd op 26 februari 1913 in Stuttgart geboren. Zie ook alle tags voor Hermann Lenz op dit blog.

 

Terugblik

Geen huis gebouwd,
Geen zoon gekregen,
Alleen boeken geschreven.

Is dat genoeg?
Nee, dat is niet genoeg.

Zelfs bezittingen
zijn een lastig iets voor je,
Een twijfelachtig iets uiteraard.

Je woonde op zolder
Met meubels uit het verleden.
Die heb je lang gekend.

Wat anderen “leven” noemen,
Was hard werken voor jou.
Gelukt is het je nooit.

Als je het maar net redt.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Hermann Lenz (26 februari 1913 – 12 mei 1998)

 

Zie voor de schrijvers van de 21e maart ook mijn blog van 21 maart 2022 en ook mijn blog van 21 maart 2021 en ook mijn blog van 21 maart 2020 en eveneens mijn blog van 21 maart 2019 en ook mijn blog van 21 maart 2018 deel 2 en ook Romenu’s 1e lustrum pagina.

Robert Gray, Elisabeth Langgässer

De Australische dichter Robert Gray werd geboren op 23 februari 1945 in Port Macquarie. Zie ook alle tags  voor Robert Gray op dit blog.

 

Gardenias

Lamps through the quiet house; outside, there’s rain.
Open windows; verandah; TV moon
next door, amongst dark fronds; the typewriter
sounds of wetness; and bougainvillea
entwining each carved white pole with a vine
cruel as wire. The petals make their clamour
silently; held by heat of the houselights
in high arc, above the steps — hovering,
a red surf, blown from darkness. Down the street’s
the light-pole, that stands as though a fountain,
its cowl soda-white, in rains that thicken.
And, going in, my hand again searches
quietness, along the books. I come sidling
into the deep presence of these flowers.

 

Summer, Summer

A game of cricket on the English grass, in the slow-motion blast
of the sun and
amid the slow hand-claps —
the bats’
are similar but even slower strokes.
Aimless as a blowfly on its motorbike, or as some real bike
among distant lanes,
the afternoon.
Canvas chairs and crumbs and the match from Lords kept low
on a portable,
and some
are stretched along the turf, and half turning the head,
at times, can watch
from under
cover, a pair who, laughing near, wine-flushed,
have each begun their slow ticklings with grass stalks.
The clouds are soap froth
built up on the hands of someone
who pauses indoors above the sink, in silhouette
even to himself,
and that hold; that still, still nothing can dissipate. This frosted
glass that’s pushed up
in the changing room
invites
a glimmer, as there passes the white figure quickly scissoring across
the wide lawn, although
nothing comes undone.
Whatever
the bird is called, whether it’s a wood pigeon
or a dove,
it faithfully makes its rich idle bubblings like a Moroccan pipe —
the brief
billows, loose as summer wash.
And now you notice the young couple have got up and gone,
and you see, too,
how the man
who has become so quiet
is one
who must realise
he will never
have his hands upon a firm breast again.

 

Robert Gray (Port Macquarie, 23 februari 1945)

 

De Duitse dichteres en schrijfster Elisabeth Langgässer werd geboren op 23 februari 1899 in Alzey. Zie ook alle tags voor Elisabeth Langgässer op dit blog.

 

Hymne van het laatste zaad

Laat ons het wilde onkruid zingen,
Waaruit de grauwe lewerk stijgt,
Als hij met nietige vlerken
Zich in het eigen lied vertakt.
Van de schermvormige sterrebloem
Leer de bestuiving,
Beschouw de schuwe mier
En glijd bij neerwaarts
Genijgden, verzonken gang
Uw vinger de bedauwde stengel langs.

Nu is de tijd gekomen
Dat aarde zelf ons aanzet
Verrukt te prijzen, wat de vrome
Graanakkers eenmaal krenkte:
De tere winde,
Het licht gepeupel
Der verwaaide grassen,
De gloeiende glazen
Der bedwelmende papaver op de slaperige barm,
En zie het doorwaskruid steekt zijn hazenoren uit.

Ach, de verzwonden marsyas drijven
De stenen zelf nu weder uit,
Wij voelen bevend hoe we blijven
En luisteren in een ledig huis.
Het cymbelkruid wendt,
Terwijl het reeds sterft,
Zich af van de dag,
En strooit dat het drage
Van muur tot muur het aardse geluk
Het heilige zaad in het donker terug.

 

Vertaald door René Verbeeck

 

Elisabeth Langgässer (23 februari 1899 – 25 juli 1950)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 23e februari ook mijn blog van 23 februari 2022 en ook mijn blog van 23 februari 2019 deel 1 en eveneens deel 2.