Jonathan Franzen, Ted Hughes

De Amerikaanse schrijver en essayist Jonathan Franzen werd geboren op 17 augustus 1959 in Western Springs, Illinois. Zie ook alle tags voor Jonathan Franzen op dit blog.

Uit: Vrijheid (Vertaald door Peter Abelsen)

“Het nieuws over Walter Berglund kwam niet van iemand uit Ramsey Hill (Patty en hij waren twee jaar geleden naar Washington verhuisd en vormden allang geen gespreksstof meer in de buurt), maar in dit deel van St. Paul was de verbondenheid met de eigen stad niet zo sterk dat er voorbij werd gegaan aan de New York Times, en volgens een uitgebreid en verre van lovend stuk in die krant was Walter behoorlijk in de fout gegaan, daar in de hoofdstad van het land. Zijn vroegere buren vonden de quotes over hem (`arrogant’, ‘achterbaks’, ‘kwalijk’) maar moeilijk te rijmen met hun herinnering aan de immer vriendelijke, opgewekte en snel blozende 3M-employé die vroeger als fietsforens de februarisneeuw op Summit Avenue had getrotseerd. Het wekte bevreemding dat Walter, die altijd groener dan Greenpeace was geweest en zijn wortels op het platteland had, in opspraak was omdat hij met de steenkoolindustrie zou hebben samengespannen om de plattelandsgemeenschap te benadelen. Maar aan de andere kant, de Berglunds hadden wél altijd iets eigenaardigs over zich gehad… Walter en Patty waren de jonge pioniers van Ramsey Hill geweest — het eerste pas afgestudeerde stel dat een huis in Barrier Street kocht sinds het oude stadshart van St. Paul dertig jaar eerder aan het verloederen was geslagen. Ze betaalden zo goed als niks voor hun victoriaanse huis, en moesten vervolgens tien jaar kromliggen om het te renoveren. Eer ze de verbouwing van de garage konden afronden had een criminele volhouder er brand gesticht en tot tweemaal toe hun auto opengebroken. Roodverbrande motorduivels streken neer op het braakliggende veldje naast het huis om er met zijn allen Schlitz te hijsen, worsten te grillen en tot in de kleine uurtjes hun motoren te laten brullen, tot Patty in haar joggingpak naar buiten kwam en riep: ‘Oké jongens, zo kan-ie wel weer!’ Patty was niet iemand om voor te bibberen, maar ze was in haar highschooltijd een kei in sport geweest en had nog altijd de onverschrokkenheid die daarbij hoorde. Vanaf haar eerste dag in de buurt liep ze onontkoombaar in het oog. Lang van gestalte en onwaarschijnlijk jeugdig duwde ze met wippende paardenstaart haar kinderwagen langs de gestripte auto’s, kapotte bierflessen en verse kotsplakkaten op de oude sneeuw. Alle uren van haar dag waren zichtbaar in de boodschappennetten die aan de wagen hingen. Je kon zien dat ze weer een ochtend achter de rug had van door de baby bemoeilijkte voorbereidingen op een door de baby bemoeilijkte rondgang langs de winkels, en een middag voor de boeg had met middengolfprogramma’s, het Silver Palate Cookbook, katoenen luiers, pleisterkalk en latexverf, e dan Goodnight Moon en een wijntje.”

 

Jonathan Franzen (Western Springs, 17 augustus 1959)

 

 

De Engelse dichter en schrijver Ted Hughes werd geboren op 17 augustus 1930 in Mytholmroyd, Yorkshire. Zie ook alle tags voor Ted Hughes op dit blog.

 

TWEE LEGENDES

I

Zwart was het zonderoog
Zwart de binnentong
Zwart was het hart
Zwart de lever, zwart de longen
Niet in staat licht op te zuigen
Zwart het bloed in zijn luide tunnel
Zwart de darmen in oven gepropt
Zwart ook de spieren
Strevend zich het licht in te trekken
Zwart de zenuwen, zwart het brein
Met zijn visioenen in tomben
Zwart ook de ziel, het enorme gestotter
Van de kreet die, zwellend, zijn
Zon niet uit kon spreken.

 

Vertaald door Daan Doesborgh

 

Ted Hughes (17 augustus 1930 – 28 oktober 1998)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 17e augustus ook mijn blog van 17 augustus 2021 en ook mijn blog van 17 augustus 2019 en ook mijn blog van 17 augustus 2016 en ook mijn blog van 17 augustus 2014 deel 2.

Sommersonate (Georg Trakl), Marica Bodrozić, Mirko Wenig

 

 

Een vijver in de zomer door Peder Mørk Mønsted, 1906

 

Sommersonate

Täubend duften faule Früchte.
Busch’ und Bäume sonnig klingen,
Schwärme schwarzer Fliegen singen
Auf der braunen Waldeslichte.

In des Tümpels tiefer Bläue
Flammt der Schein von Unkrautbränden.
Hör’ aus gelben Blumenwänden
Schwirren jähe Liebesschreie.

Lang sich Schmetterlinge jagen;
Trunken tanzt auf schwülen Matten
Auf dem Thymian mein Schatten.
Hell verzückte Amseln schlagen.

Wolken starre Brüste zeigen,
Und bekränzt von Laub und Beeren
Siehst du unter dunklen Föhren
Grinsend ein Gerippe geigen.

 

Georg Trakl (3 februari 1887 – 4 november 1914)
Salzburg, de geboorteplaats van Georg Trakl

 

De Duitse dichteres en schrijfster Marica Bodrozić werd geboren op 3 augustus 1973 in Zadvarje in het toenmalige Joegoslavië. Zie ook alle tags voor Marica Bodrozić op dit blog.

Uit: Pantherzeit: Vom Innenmaß der Dinge

„Der Frühling ist gekommen. Seine Schönheit und sein Licht sind überirdisch wirksam. Mit der wärmenden Sonne ist unsere Innenzeit einhergegangen. Auf der ganzen Welt sitzen die Menschen in ihren Wohnungen fest. COVID-19 hat uns alle auf die gleiche Weise getroffen: als atmende Einzelwesen, die mit dem empfindlichsten Organ ihres Körpers mit allen anderen Einzelwesen verbunden sind. Vielleicht haben wir das vergessen, diese Verbindung, die die Luft uns zuweist. „Alles, was man vergessen hat”, schreibt Elias Canetti, „schreit im Traum um Hilfe.” Diese Pandemie trägt traumhafte Züge, sie fühlt sich auf eine merkwürdige Weise zeitgleich wirklich und unwirklich an, sie agiert nach Gesetzen, die wir nicht oder noch nicht genau genug kennen. Sie hat die Regie über unsere Gedanken übernommen. Aber es gibt immer noch die Innenwelt, den Blick, der mitgestaltet, weil er genauer sieht und ein Sehen ermöglicht, das alles ändern kann.
Meine Innenwelt möchte dieser äußeren Regie der kollektiven Gedanken widerstehen, ich kann sie lesen, das genügt; also verschlingt sie mich auch nicht. Eine starke Ruhe kehrt in mich ein. Mein Kind sieht mich in diesem Augenblick an, in dem sich alles in mir neu sortiert. Gregor schaut erst unsere Tochter, dann lange und ausdauernd mich an. Ohne zu sprechen wissen wir beide, was wir in diesem Augenblick denken. Denn so viele Jahre haben wir uns immer wieder gefragt, was in unserer Zeit an der Stelle eines Kriegs auf uns zukommen könnte, das unser al-ler Leben verändert. Wir haben über Wasserknappheit nachgedacht, über Klima-katastrophen, über die Gier der wenigen Reichen, über Diktaturen. Aber so etwas haben wir uns nie vorstellen können. Jetzt ist eine Zeitenwende da, und wir sind ihr Anfang, der anderen einmal Geschichte sein wird. Es könnte lange dauern, denke ich. Mein inneres Leben greift gleichsam von alleine auf tiefere Flüge der Seele zurück, die Brücke ist einmal mehr das Buch, diese Welt aus Blättern, die mir schon so viele Male das Leben gerettet hat, die mich zum Atem geführt hat, der aus der Ruhe kommt.“

 

Marica Bodrozić (Zadvarje, 3 augustus 1973)

 

De Duitse dichter Mirko Wenig werd geboren op 3 augustus 1977 in Gera. Zie ook alle tags voor Mirko Wenig op dit blog.

 

Kleinsteedse Indianen

Ze rijden niet. Maar
ze bewaken
de maan als ze ’s avonds
samenkomen beneden
op de parkeerplaats waar
de bezorgauto’s staan:
ze worden bespied
door de ogen van buren
achter de gordijnen.

En de een schreeuwt in de wind,
de ander voert kunstjes uit
op de achterkant van zijn skateboard.
O, ze vertrouwen de stilte niet,
hebben geen bivak opgeslagen,
en steeds weer,
het bij elkaar steken van de hoofden,
het uitwisselen van kusjes
met bleke meisjes.
aan de overkant, op de spoordijk,
groeien kabels uit het gras;
hier zijn geen treinvonken meer te zien.

Dan plotseling, het vertrek.
Ze gaan naar huis of
naar een café
waar geen bier meer is: onderweg
veranderen de scheuren in het asfalt
in kleine slangetjes.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Mirko Wenig (Gera, 3 augustus 1977)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 3e augustus ook mijn blog van 3 augustus 2023 en ook mijn blog van 3 augustus 2020 en eveneens mijn blog van 3 augustus 2016 en mijn blog van 3 augustus 2015 en eveneens van 3 augustus 2011 deel 1 en eveneens deel 2.

Chang-Rae Lee, Thomas Rosenlöcher

De Koreaans-Amerikaanse schrijver Chang-Rae Lee werd geboren op 29 juli 1965 in Seoel. Zie ook alle tags voor Chang-Rae Lee op dit blog.

Uit: A Tender Age: A Novel

“Alife can catch up to you. It’s a wonder, really. One morning, maybe you woke up too early, the span of years will collapse and meet you in full. There’s no great thwack. Hardly even a jolt. You could follow the usual motions of the day. But here you are, resolving to pay more attention. You need to pay more attention. Otherwise, you can easily mis-place your everyday fortunes, the fact, say, that you have a loving spouse who is inordinately talented and impassioned; children who have grown up to be wry and kind, and for whom you’d give your life without pause; work that is consuming enough but not ruinously; friends to share food and drink with, and to tell silly stories. Still, I don’t always cherish things as deeply as I should. I try as hard as I can and continue to fail. I want to be here, even if I’m often dreaming. Each moment is a singular moment, particular in its coordinates, the countless dimensions in which those coordinates can be observed and measured a marvelous conspiracy that fixes us in a way that will never be repeated. And yet we can’t help but keep going back to old times, futilely scratching at a spot. It doesn’t matter how significant a certain event or instance was, sometimes the barest irritation will draw incommensurate attention and the skin can go raw before you realize it. Lately, I can’t seem to help but linger on this time or that, those tender ages rife with curiosities, and go over in serial fashion what I might have done or said to defuse a tricky situation or take a more principled stand or else assuage my frustrated heart. So many chances, ceded. What remains are these disparate patches of existence that end up knitting vaster and less randomly than you would have ever imagined. The other day, for instance, I was suddenly thinking about the circumstances of how our girls got our dog. It’s no big thing. We met him when he was three months old, while we were on a vacation in Florida. Old friends happened to live there, a family with a boy and a girl the same ages as our daughters, and during an afternoon visit with them the wife casually mentioned that they were looking for someone to adopt their new puppy. Our girls were playing tug-of-war with the dog, a black-and-white toy terrier and Shih Tzu mix, squealing as he wrenched at the snout of the armadillo plush toy and made his tiny throaty growls, and when they heard her say adopt they both cried out, “Please, Momma, please!”

 

Chang-Rae Lee (Seoel, 29 juli 1965)

 

De Duitse dichter en schrijver Thomas Rosenlöcher werd geboren op 29 juli 1947 in Dresden. Zie ook alle tags voor Thomas Rosenlöcher op dit blog.

 

De kameel

Dwars door de steppen wandelt de kameel,
de last der wereld zeulen is zijn deel,

achter een heuvel rust hij uit, gebukt,
daar ’t donker zwaar op zijn twee bulten drukt,

de reis is ver en hij moet verder gaan,
beschenen door de sterren of de maan,

bij ochtendstond en als de zon weer straalt,
met schrale kwastjesstaart, de knieën kaal,

totdat hij zich een dag – er was geen rust -,
met elke stap meer losmaakt van zijn last,

waarop men zegt: Daar ligt hij aan de kant,
zijn oog vol vliegen en zijn mond in ’t zand,

anders gezegd: Hij loopt nog immer door,
is aan de kim een donkere stip nog maar,

een stip die voor hemzelf gedurig slinkt,
die haast geheel in ’t dorre zand verzinkt,

totdat vóór hem, bij ’t almaar verder gaan,
de lang beloofde naalde-ogen staan,

Ze blinken in de zon en zijn zo wijd
dat hij er al doorheen is voor hij ’t weet,

en alweer groter wordt met elke schree,
waarmee hij nu het paradijs betreedt,

waar hij door lam en leeuw al wordt verbeid,
ze staren naar zijn bulten, zo vol nijd

dat hij beschaamd glasheldere tranen weent,
totdat de Here Jezus hem verschijnt,

die heeft toen, met zegenend handgebaar
geëffend, eindelijk, zijn bultenpaar.

 

Vertaald door Peter Verstegen

 

Thomas Rosenlöcher (29 juli 1947 – 13 april 2022) 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 29e juli ook mijn blog van 29 juli 2024 en ook mijn blog van 29 juli 2022 en ook mijn blog van 29 juli 2017 deel 1 en ook deel 2.

Katia Mann, Robert Graves

De Duitse schrijversvrouw Katia Mann, steun en toeverlaat van de Duitse schrijver Thomas Mann, werd geboren als Katharina Pringsheim op 24 juli 1883 in Feldafing. Zie ook alle tags voor Katia Mann op dit blog.

Uit: Katia Mann: Meine ungeschriebenen Memoiren

„Es hat eigentlich nie jemand in meiner Familie die Freundlichkeit gehabt, es mir zu sagen. Da meine Mutter eine berühmt schöne Frau war und eine meiner beiden Großmütter, die Mutter meines Vaters, immer, wenn sie mich sah, mir nur sagte: Ach, die Mutter erreichst du ja nie! habe ich mich auch damit abgefunden. Ich hatte gar keine hohe Meinung von meinen äußeren Reizen und wußte nichts davon. Schade eigentlich. Else Lasker-Schüler hat mich einmal irgend jemandem gegenüber eine »morgenländische Prinzessin« genannt, das halte ich für sehr übertrieben. Natürlich fanden sich viele Bewerber ein. Es verkehrten viele junge Leute bei uns, die mir alle mehr oder weniger den Hof machten, und der eine oder andere hätte mich wohl auch gewiß ganz gern geheiratet. Aber ich dachte nicht daran zu heiraten, selbst nicht, als ich Thomas Mann kennenlernte und er sich für mich interessierte. Ich habe das nicht so sehr ernst genommen und wäre nicht auf den Gedanken gekommen, ihn zu heiraten. Es ging von ihm aus. Ein junger Mann, der auch aus Schlesien stammte, auch den Namen Pringsheim trug und bei uns verkehrte, liebte mich offenbar sehr. Er war vielleicht um fünf bis zehn Ecken mit uns verwandt, aber das ließ sich gar nicht nachweisen. Er war ein besonders leidenschaftlich interessierter und sehr nett aussehen-der Student. Wir gingen zusammen auf die Universität und fuhren immer mit dem Fahrrad hin, wenn es die Jahreszeit erlaubte, und dann stellte man sein Rad in dem sogenannten Radstall ab. Wenn die Kollegien vorbei waren, holte man es wieder. Da kann ich mich erinnern, daß ich einmal in den Radstall ging, nichts Böses ahnend, mein Rad zu holen, und da erschien dieser gleichnamige junge Mann und machte mir eine Liebeserklärung, quasi einen Heiratsantrag — im Radstall! Ich war vollkommen flabbergasted, wie die Amerikaner sagen, vollkommen sprachlos, und sagte nur immer: Ja, aber wieso denn? Wie kommen Sie denn nur darauf? Darüber muß ich doch erst nach-denken, ich meine, das geht doch gar nicht so plötzlich. Ich habe eigentlich im Moment gar nicht an so etwas gedacht. Ich will ja, ich meine, ich habe Sie ja sehr gern, aber ich dachte doch gar nicht daran, Sie zu heiraten. Wir können doch mal abwarten, und so. Dann war er etwas beschnien und zog ab. Ich habe ihn später noch einmal aus Versehen sehr gekränkt. Sonntags hatten wir immer viele junge Leute zum Tee, und er war auch da.“

 

Katia Mann (24 juli 1883 – 25 april 1980)
In haar verlovingsjaar, 1905

 

De Engelse dichter en schrijver Robert Graves werd geboren in Londen (Wimbledon) op 24 juli 1895. Zie ook alle tags voor Robert Graves op dit blog.

 

Symptomen van de liefde

Liefde is een universele migraine,
een heldere vlek voor de ogen,
die het verstand vertroebelt.

Symptomen van ware liefde
zijn magerheid, jaloezie,
een trage dageraad;

zijn voortekens en nachtmerries –
het luisteren naar een klop,
het wachten op een teken:

naar de aanraking van haar vingers
in een donkere kamer,
naar een zoekende blik.

Houd moed, minnaar!
Zou je zulke pijn kunnen verdragen,
van een andere hand dan de hare?

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Robert Graves (24 juli 1895 – 7 december 1985)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 24e juli ook mijn blog van 24 juli 2019 en ook mijn blog van 24 juli 2018 en eveneens mijn blog van 24 juli 2016 deel 2.

Hochsommer (Hermann Lingg), Richard Russo, Steffen Popp

 

 

Hochsommer door Knut Janson, 1913

 

Hochsommer

O Frühling, holder fahrender Schüler,
Wo zogst du hin? Die Linden blühn,
Die Nächte werden stiller, schwüler,
Und dichter schwillt das dunkle Grün.

Doch ach! Die schönen Stunden fehlen,
Wo jedes Leben überquoll,
Wo trunken alle Schöpfungsseelen
Ins Blaue schwärmten wollustvoll.

Nicht singt mehr wie am Maienfeste,
Die Nachtigall, die Rosenbraut;
Sie fliegt zum tiefverborg’nen Neste
Mit mütterlich besorgtem Laut.

Der goldne längste Tag ist nieder,
Der Himmel voll Gewitter glüht;
Verklungen sind die ersten Lieder,
Die schönsten Blumen sind verblüht.

 

Hermann Lingg ( 22 januari 1820 – 18 juni 1905)
Lindau aan het Bodenmeer,  de geboorteplaats van Hermann Lingg

 

De Amerikaanse schrijver Richard Russo werd geboren op 15 juli 1949 in Johnstown, New York. Zie ook alle tags voor Richard Russo op dit blog.

Uit: Straight Man

“When my nose finally stops bleeding and I’ve disposed of the bloody paper towels, Teddy Barnes insists on driving me home in his ancient Honda Civic, a car that refuses to die and that Teddy, cheap as he is, refuses to trade in. June, his wife, whose sense of self-worth is not easily tilted, drives a new Saab. “That seat goes back,” Teddy says, observing that my knees are practically under my chin.
When we stop at an intersection for oncoming traffic, I run my fingers along the side of the seat, looking for the release. “It does, huh?”
“It’s supposed to,” he says, sounding academic, helpless.
I know it’s supposed to, but I give up trying to make it, preferring the illusion of suffering. I’m not a guilt provoker by nature, but I can play that role. I release a theatrical sigh intended to convey that this is nonsense, that my long legs could be stretched out comfortably beneath the wheel of my own Lincoln, a car as ancient as Teddy’s Civic, but built on a scale more suitable to the long-legged William Henry Devereauxs of the world, two of whom, my father and me, remain above ground.
Teddy is an insanely cautious driver, unwilling to goose his little Civic into a left turn in front of oncoming traffic. “The cars are spaced just wrong. I can’t help it,” he explains when he sees me grinning at him. Teddy’s my age, forty-nine, and though his features are more boyish, he too is beginning to show signs of age. Never robust, his chest seems to have become more concave, which emphasizes his small paunch. His hands are delicate, almost feminine, hairless. His skinny legs appear lost in his trousers. It occurs to me as I study him that Teddy would have a hard time starting over-that is, learning how unfamiliar things work, competing, finding a mate. The business of young men. “Why would I have to start over?” he wants to know, a frightened expression deepening the lines around the corners of his eyes.
Apparently, to judge from the way he’s looking at me now, I have spoken my thought out loud, though I wasn’t aware of doing so. “Don’t you ever wish you could?”
“Could what?” he says, his attention diverted. Having spied a break in the oncoming traffic, he takes his foot off the brake and leans forward, his foot poised over but not touching the gas pedal, only to conclude that the gap between the cars isn’t as big as he thought, settling back into his seat with a frustrated sigh.”

 

Richard Russo (Johnstown, 15 juli 1949)

 

De Duitse dichter en schrijver Steffen Popp werd geboren op 18 juli 1978 in Greifswald. Zie ook alle tags voor Steffen Popp op dit blog en ook mijn blog van 18 juli 2010.

 

Venster op de wereldnacht

Een tram staat te slapen voor het huis – geel
met ingeklapte panto, opgerold in het parkeerlicht

voorin de tram dromen twee conducteurs
hoofdeloos, onder de kleppen van hun kartonnen petten

eentje komt in beweging
stapt uit, een zwakke gloed, en ademt
rook uit, met zijn rug naar de cabine

lang kijkt hij
omhoog, door de oranje verlichting –

blind
als Homerus, in zwarte schoenen
met stalen neuzen
onder de geveltop van Uranus.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Steffen Popp (Greifswald, 18 juli 1978)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 15e juli ook mijn blog van 15 juli 2020 en eveneens mijn blog van 15 juli 2019 en ook mijn blog van 15 juli 2017 deel 2.

In Memoriam Frida Vogels

In Memoriam Frida Vogels

De Nederlandse schrijfster Frida Vogels is afgelopen maandag, 6 juli op 96-jarige leeftijd overleden. Zie ook alle tags voor Frida Vogels op dit blog.

 

Dit is voor jou

Dit is voor jou; nu ik je niet meer spreken kan
nu ik je zoeken moet in sporen
je volgend op een afstand, steeds erop bedacht
mij niet te verraden –

spreek ik voor jou; al zul je het nooit weten.

Ik ben niet wanhopig, ik ben je niet onwaardig.
Ik heb een leven gevonden nu en hier.
Maar een leegte heerst, als een duizeling,
in de kringloop der planeten.

 

Frida Vogels ( 9 januari 1930 – 6 juli 2026)

Nuits de juin (Victor Hugo), Jakub Małecki, Ingeborg Bachmann

 

 

Een nacht in juni in de tuin door Nikolai Astrup, 1909

 

Nuits de juin

L’été, lorsque le jour a fui, de fleurs couverte
La plaine verse au loin un parfum enivrant ;
Les yeux fermés, l’oreille aux rumeurs entrouverte,
On ne dort qu’à demi d’un sommeil transparent.

Les astres sont plus purs, l’ombre paraît meilleure ;
Un vague demi-jour teint le dôme éternel ;
Et l’aube douce et pâle, en attendant son heure,
Semble toute la nuit errer au bas du ciel.

 

Victor Hugo (26 februari 1802 – 22 mei 1885)
Besançon, de geboorteplaats van Victor Hugo

 

De Poolse schrijver en vertaler Jakub Małecki werd geboren op 25 juni 1982 in Kolo, Polen. Zie ook alle tags voor Jakub Malecki op dit blog.

Uit: Roest (Vertaald door Karol Lesman)

“Szymek had nog wel even gezocht, maar had snel de moed opgegeven. Een klontertje was maar een klontertje, misschien lukte het de volgende keer wel. De wereld houdt niet op bij klonters, vooral niet op een dag als vandaag waarop zijn moeder had beloofd uit Warschau een nieuwe Asterix voor hem mee te nemen: wie zou op zo’n dag nog in het gras en tussen distels willen lopen graaien? Hij had nog een halve jampot oude munten. Hij haalde zijn schouders op en liep achter Budzik aan.
Ze liepen langzaam terug, om beurten elkaar een vlak voorwerp met gerafelde randen overhandigend. Budzik beweerde dat hij ooit al zijn klonters uit zijn schuilplaats in het kippenhok zou meenemen en ze op een plank in de kamer zou leggen. Hij zou zich niets van zijn vader aantrekken. Dat ging hij een keer doen.
Ze passeerden de oprit naar de Autobaan en Szymek vertraagde zijn pas in de hoop een blauwe Fiat Uno te ontwaren. Hij bleef even staan wachten, erop vertrouwend dat zijn ouders zo dadelijk de afslag van de hoofdweg zouden nemen. Ze namen geen afslag. Alleen Hołowczyc scheurde geheel in stijl de andere kant op, dicht langs de berm, machtig en angstaanjagend. Hij duwde de wielen met zijn dikke armen voort, iets in zijn volle baard mompelend.
Szymek hoopte dat zijn ouders snel terug zouden zijn, zoals ze hadden beloofd, hoewel je het met de beloftes van ouders wel wist: je wist het maar nooit. Hij logeerde graag bij oma Tosia, maar vanavond was Het reuzenrad met Bugs Bunny op tv en hij moest nog zoveel doen. Als ze eenmaal thuis waren wachtte hem het saaie ritueel met de visjes: levend voer uit de vriezer, wat droogvoer uit een zakje, het schoonmaken van het verwarmingselement en het filter, water bijvullen. O, en het belangrijkste van alles: het kleuren van koeien.
De koeien bracht zijn vader mee van zijn werk. Ze stonden op grote vellen papier, ingekaderd in de linkerbovenhoek. Twee flanken en van voren alleen een driehoekige kop. Geesten van koeien, dunne omlijningen zonder vlekken, want de vlekken moest je zelf invullen. Zijn vader tekende ze snel op zijn werk en gaf met een kruisje aan waar het zwart moest komen. Szymek ging dan aan zijn bureau zitten, deed de lamp met de rode metalen lampenkap aan en vulde zorgvuldig de vlekken in met viltstift.”

 

Jakub Małecki (Kolo, 25 juni 1982)

 

De Oostenrijkse dichteres en schrijfster Ingeborg Bachmann werd geboren op 25 juni 1926 in Klagenfurt. Zie ook alle tags voor Ingeborg Bachmann op dit blog.

 

Praag januari 64

Sinds die nacht
loop en spreek ik weer,
het klinkt Boheems
alsof ik opnieuw thuis was,

waar tussen de Moldau, de Donau
en de rivier van mijn jeugd
alles weet van mij heeft.

Lopen – stap voor stap is het teruggekomen.
Zien – aangekeken, heb ik het weer geleerd.

Gebukt nog, knipperend,
hing ik in het raam
en zag de schaduwjaren,
waarin geen ster
in mijn mond hing,
zich over de heuvel verwijderen.

Over het Hradschin
hebben om zes uur ’s morgens
de sneeuwruimers uit de Tatra
met hun gesprongen vuisten
de scherven van de ijslaag weggeveegd.

Onder de barstende schotsen
van mijn, ook mijn rivier
kwam het bevrijde water te voorschijn.

Te horen tot aan de Oeral.

 

Vertaald door Paul Beers en Isolde Quadflieg

 

Ingeborg Bachmann (25 juni 1926 – 17 oktober 1973)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 25e juni ook mijn blog van 25 juni 2023 en ook mijn blog van 25 juni 2020 en eveneens mijn blog van 25 juni 2019 en ook mijn blog van 25 juni 2018 en ook mijn blog van 25 juni 2017 deel 2.

Thomas Heerma van Voss, Silke Scheuermann

De Nederlandse schrijver Thomas Heerma van Voss werd geboren in Amsterdam op 13 juni 1990. Zie ook alle tags voor Thomas Heerma van Voss op dit blog.

Uit: Ultimatum

“4 maart
Op Aswoensdag begon het gedenken, het vasten en het overpeinzen. Vandaag werd er gezondigd. Voor het Café du Monde stonden lange rijen; mannen en vrouwen uitgedost met boa’s, kleurrijke pruiken, eindeloos veel kralenkettingen. Iets verderop, in Bourbon Street, trokken toeristen en stedelingen over de natte straatstenen. Linten van rode lampjes en lampionnen hingen tussen de huizen, cocktails in groene bekers gingen van hand tot hand, vrouwen met ontbloot bovenlichaam lieten hun borsten aanraken in ruil voor absint. En toen de zoveelste hoosbui over de stad raasde, trok iedereen zich terug in cafés of schuilde onder een afdakje. Alle chaos die er in een mensenleven te vinden was, kwam hier samen, op deze ene avond. Mardi Gras, Vette Dinsdag, in New Orleans. Het was iets over elven toen Nathalie Underwood, in een witte spijkerbroek en een wit hemdje met glitters op de schouders, zich langs een groepje studenten wrong, richting de bar van Café du Monde. Ze bestelde een Sazerac, extra bourbon. Toen ze een hand op haar schouder voelde, verstijfde ze en keek achterom.
Een paar seconden stonden ze, te midden van al dat geruis, roerloos tegenover elkaar, Nathalie en de man verkleed als skelet. Zwart textiel maskeerde zijn lichaam, de getekende botten waren fluorescerend wit. Om zijn nek hing een ketting van afgestreken lucifers. Langzaam trok hij zijn masker af. Nathalie keek schichtig om zich heen, niemand besteedde aandacht aan hen. “Ik wist niet dat jij het was,” zei ze. Waar is jouw masker?” “Daar had ik geen zin in. Waarom wilde je hier afspreken?” ”Ik wil je iets in de buurt laten zien. Een halfuurtje rijden, hooguit. Mijn auto staat in een zijstraat.” Om hen heen klonk ‘When the Saints Go Marching In’, een zwalkende uitvoering. “Binnen een uur wil ik terug zijn,”zei ze. “Ik wil zo min mogelijk missen.” “Je zult niets missen, dat beloof ik.” Hij trok zijn masker weer over zijn hoofd, Nathalie liet haar Sazerac op de bar staan en nam van niemand afscheid.
Louisiana. Beekjes en rivieren kronkelen als opgezette aderen door de dalen, met op de achtergrond de fabriekstorens die dag en nacht roken. Akkers staan blank, riet groeit net zo lang tot de deining het doet knakken. En heel af en toe doorkruist een eenzame auto het landschap, als een vlieg die over een landkaart kruipt. “Kun je wel goed zien met dat masker op?” vroeg ze. “Mijn ogen zijn vrij.”

 

Thomas Heerma van Voss (Amsterdam, 13 juni 1990)

 

De Duitse dichteres en schrijfster Silke Scheuermann werd geboren op 15 juni 1973 in Karlsruhe. Zie ook alle tags voor Silke Scheuermann op dit blog.

 

Acacia

Zo bescheiden dat zelfs de zon
de betekenis van trots in twijfel trekt, maar ongeduldig,
oh ja, zelfs de uitspraken die ze doet
over de winter zijn ademloos,
een ruisen dat weinig met wind te maken heeft,
meer met taal, stille kracht. Ze
kunnen allemaal als beloftes worden gelezen. Geven aan
dat de Serengeti slechts een halte in een
spannend leven was en dat ze nu hier
haar paraplu uitspreidt, silhouet van
veiligheid. Niets eindigt snel genoeg,
geen enkele dag: er is alleen ongeduld, wachten –
totdat de zon eindelijk in slaap valt.
Samen met haar bewering: wachten, dat
maakt niet uit, wachten is overgang.
De natuur is niet donker,
de wereld is donker.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Silke Scheuermann (Karlsruhe, 15 juni 1973)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 13e juni ook mijn blog van 13 juni 2021 en ook mijn blog van 13 juni 2020 en eveneens mijn blog van 13 juni 2019 en ook mijn blog van 13 juni 2017 en mijn blog van 13 juni 2015 deel 1 en eveneens deel 2.

Federico García Lorca, Paul Farley

De Spaanse dichter en toneelschrijver Federico Garcia Lorca werd geboren op 5 juni 1898 in Fuente Vaqueros, Granada. Zie ook alle tags voor Federico Garcia Lorca op dit blog.

 

Kerseboom in bloei

In maart
reis je naar de maan.
Je laat je schaduw hier.

De weilanden worden
onwerkelijk. Het regent
witte vogels.

Ik raak verdwaald in je bos
en schreeuw: Open u, Sesam!
Ik lijk wel een kind! Die schreeuw:
Open u, Sesam!

 

Ontwaak

De kam van de dag
komt tevoorschijn.

De witte kam
van een gouden haan.

De kam van mijn lach
komt tevoorschijn.

De gouden kam
van een dolende haan.

 

Verzinsels

(sterren van sneeuw)

Er zijn bergen
die
van water willen zijn.
En ze verzinnen sterren
die hen van achteren beschijnen.

(wolken)

En er zijn bergen
die
vleugels willen hebben.
En ze verzinnen
de witte wolken.

 

Vertaald door Marije Dekkers

 

Federico García Lorca (5 juni 1898 – 19 augustus 1936)
Borstbeeld in het España-park in de stad Rosario, Santa Fe, Argentinië

 

De Britse dichter en schrijver Paul Farley werd geboren op 5 juni 1965 in Liverpool. Zie ook alle tags voor Paul Farley op dit blog.

 

Afhankelijken

Wat zijn we goed voor elkaar, wandelend door
een land van stilte en duisternis. Jij
opent deuren voor me, ik neem de telefoon voor je op.

Ik draai harde junglemuziek. Jij leest met het licht aan.
Prachtig. De ronding van je jukbeen,
explosieve klinkers, precies het juiste gebruik van parfum.

Waar denk je aan? vraag ik in een taal van aanraking
die uniek is voor ons. Je tikt op mijn handpalm, niets bijzonders.
Op stations wedijveren we met onze zintuigen, kijken we wat

het eerst komt – licht in de tunnel, een zweepslag op de rails.
Ik schop tegen je schenen als we uit eten gaan.
Jij dept mijn lippen. Ik betast die van jou als braille.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Paul Farley (Liverpool,. 5 juni 1965)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 5e juni ook mijn blog van 5 juni 2020 en eveneens mijn blog van 5 juni 2019 en ook mijn blog van 5 juni 2017 deel 1 en eveneens deel 2.

In Memoriam Lieke Marsman

De Nederlandse dichteres Lieke Marsman is afgelopen woensdag, 3 juni, op 35-jarige leeftijd overleden. Lieke Marsman werd op 25 juli 1990 geboren in Den Bosch.

 

In mijn mand

Ik heb niet stilgezeten, ik heb Sartre gelezen
en Kant en Kierkegaard. Als ik doodga
hoop ik op een hemel
om met hen in te kaarten
(ik vraag me af
of Marx voor geld zou spelen). Lachend
zal ik vier azen op tafel gooien, twee jokers
achter de hand. ‘Schenk mij bij!’
zal ik roepen naar een engel in een
doorzichtig gewaad,
maar de doden hebben geen stem. Natuurlijk
hebben de doden wel een stem. Driekwart
van de boeken die je leest
zijn geschreven door een dode
toen die dode nog leefde. En zo
sijpelt het verleden de toekomst in

Dying is an art, schreef Sylvia Plath
Doodgaan is weer kind zijn, denk ik
Volledig overgeleverd
aan de elementen, zonder
dat je iets te zeggen hebt
over de plekken waar het leven
(een kinderwagen als het ware)
je naartoe rijdt

Dit zal na mij zijn, wat voor mij is geweest – Seneca
Wat een dwaasheid om
verbaasd te zijn als op een dag gebeurt
wat elke dag gebeuren kan.
Ik ben een dwaas, maar dwazer is
wie leeft alsof hij morgen sterft:
wat een paniek pulseert er
vandaag door je lijf! Nooit
zul je meerdaagse plannen maken,
nooit ‘s avonds laat door het Oosterpark lopen
en verlangen naar de nazomer, nooit
een stuk taart bewaren voor morgen,
nooit kaartjes voor de biënnale kopen

Zachtjes zit ik in een kano in Frankrijk
Hoopvol zit ik weer in de zonnige erker
met bloemen
Dit zijn geen jeugdherinneringen,
maar geuren
zoals alle jeugdherinneringen op een gegeven moment
geuren worden. Proust, expert
in deze vorm van melancholie, schreef: de kracht
die de meeste keren om de aarde gaat in één seconde
is niet elektriciteit, het is pijn.

…maar hij vergat het licht, dat het allersnelst is
en altijd met dezelfde snelheid reist. Licht
dat pijn kan doen verbleken. Want wanneer ik mij
buk om de druiven die gevallen zijn
op te rapen en pijn duwt
mijn gezicht weer eens ineen
als een harmonica
maar ik kijk op en zie de zon
weerkaatst in de nieuwe koelkast
die van jou en mij samen is,
wat betekent pijn dan nog?

Jij bent geboren
in de grijze flat met plastic balustrades, ik zag
mijn eerste nacht in het kleine huis
met gekleurde kozijnen

Maar dit gedicht
gaat over de dood. In mijn kist
zal een donzen dekbed liggen, mijn lijf
omringd door pluchen knuffels
Ze noemden me kinderachtig,
maar dat was toen
Jonge honden waren we, voor het eerst
in een park zonder riem,
verbaasd bij alles wat ons lukte
dankzij of ondanks onszelf
en ons vermogen overal
een competitie in te zien

‘De dood accepteert geen jokers,’
zegt Kant in alle ernst
met zijn zwaarste stem
en: ‘Schenk mij bij!’
tegen de engel,
die geïrriteerd zijn breiwerk opzijlegt
en antwoordt: in je mand
(want is het zo onderhand niet evident
dat mensen voor engelen zijn
wat dieren voor mensen zijn?)

In mijn mand!

Is het mijn sterfdag?
Ik maak mij geen zorgen
Alle gelukkige momenten herhalen zich
Eerst als tragedie en dan als klucht
en daarna als elegie
Er zullen opnieuw tieners wild
na sluitingstijd een snackbar in rennen
Er zullen opnieuw geliefden in de wijnbar zitten
waar wij elkaar voor het eerst kusten
Zelfs jij zal opnieuw een geliefde in een wijnbar zijn
en opnieuw gelukkig zijn
ook al is je oude geliefde dood
Maar voor nu ben je boos
dat ik dit opschrijf
Veel te vroeg
zoals ik altijd overal
veel te vroeg ben
Maar juist daarom hou ik van je
omdat mijn ziekte soms
voor jou een bron van boosheid is

Is het mijn sterfdag?
De lucht is stil, als lucht
op een kalender
Is het mijn sterfdag?
Vergeet klokken die luiden
De lucht is stil, als lucht
Is het mijn sterfdag?
Vergeet engelen en psalmen
Ik wil de vanille van een oud boek
Ik wil een koud flesje bier
en ik wil jou, nog één keer
Vergeet vogels die zingen
Ik wil mijn hond horen drinken

 

Lieke Marsman (25 juli 1990 – 3 juni 2026)