De Nederlandse dichter en schrijver Remco Campert werd op 28 juli 1929 in Den Haag geboren. Zie ook alle tags voor Remco Campert op dit blog.
Leven met je
Van top tot teen gloeien
alsof ik word geslagen en gestreeld
door een zon en een storm.
Hoe je mij vult, zoete regen,
beide oren in,
tot ik huid over liefde ben.
Zoals verhalen mij bewogen,
toen ik jong was,
doe je mijn aarde beven.
Bossen branden
en wij openen onze huizen
voor elkanders vlammen.
Impasse op de heide
een kempse zon schijnt hier
de wereld ontdaan van de franje
der stadse bijgeluiden
ligt als een hersenloos zoogdier
eeuwen te herkauwen
ver van de ijle bomen
der gedachten, eronder
ligt de weg op mij te wachten
wat doe ik in dit niemandsland
ik loop over het dier
dat niet beweegt maar
het speeksel van de uren
van haar kaken druipen laat
ik denk niet meer dan:
pierre laat de zon weer stevig branden.
Zo blijf je aan de gang
Wat zich afspeelt in de schaduw
in de slaapkamer, in dat huis
waar ze steeds ingaan
– muziek gaat open en dicht –
is voor mij niet na te gaan
volop in de zomer
speel ik met houtjes, met mieren, met knikkers
graaf gangen
nooit langer dan mijn arm
Nu zelf een schaduw
een bed, een huis
muziek zonder begin of eind
mier op weg naar een stroopvlek
maar wat zich daarbuiten afspeelt
is voor mij niet na te gaan.

De Duitse dichteres Claudia Gabler werd op 28 juli 1970 geboren in Lörrach. Zie ook alle tags voor Claudia Gabler op dit blog.
Mijn mouwloze truien hingen ineens in alle grote
musea ter wereld. Ik kon zoveel drinken als ik wilde
en had nog steeds dorst.
Ze hadden me kamers met ramen beloofd waar de
regen tegenaan kletterde, en toen hadden ze kleine stukjes lever
gewikkeld in spek.
Ik wilde in een hoek spugen, maar er was geen hoek vrij. Iedereen
om me heen sprak Russisch, en ik vroeg me af
of ze er ooit genoeg van zouden krijgen.
De beschaving eiste het, en er waren buttons voor iedereen.
Op het allerlaatste moment lukte het me om uit de bus te springen
voordat hij naar Joegoslavië terugreed.
Eerst namen ze geen hand voor de mond, en toen vroeg iedereen
ineens om ongewassen ingewanden op
tandenstokers. Maar er was alleen maar vettig fingerfood en
we zaten meteen vol.
De gedachte aan slapen werd obsessief, als dat
al niet zo was.
Nutteloos oververhitte hotelkamers en gekke Serviërs die de
hele nacht aan hun auto’s sleutelden.
Toen viel het water uit en moesten we ongewassen vertrekken,
wat ik niet zou vermelden als er niet op hetzelfde
moment een telefoontje uit Duitsland was gekomen.
Vertaald door Frans Roumen

Zie voor de schrijvers van de 28e juli ook mijn blog van 28 juli 2020 en eveneens mijn blog van 28 juli 2019 en ook mijn blog van 28 juli 2017 en ook mijn blog van 28 juli 2011 deel 2.
















