Chang-Rae Lee, Thomas Rosenlöcher

De Koreaans-Amerikaanse schrijver Chang-Rae Lee werd geboren op 29 juli 1965 in Seoel. Zie ook alle tags voor Chang-Rae Lee op dit blog.

Uit: A Tender Age: A Novel

“Alife can catch up to you. It’s a wonder, really. One morning, maybe you woke up too early, the span of years will collapse and meet you in full. There’s no great thwack. Hardly even a jolt. You could follow the usual motions of the day. But here you are, resolving to pay more attention. You need to pay more attention. Otherwise, you can easily mis-place your everyday fortunes, the fact, say, that you have a loving spouse who is inordinately talented and impassioned; children who have grown up to be wry and kind, and for whom you’d give your life without pause; work that is consuming enough but not ruinously; friends to share food and drink with, and to tell silly stories. Still, I don’t always cherish things as deeply as I should. I try as hard as I can and continue to fail. I want to be here, even if I’m often dreaming. Each moment is a singular moment, particular in its coordinates, the countless dimensions in which those coordinates can be observed and measured a marvelous conspiracy that fixes us in a way that will never be repeated. And yet we can’t help but keep going back to old times, futilely scratching at a spot. It doesn’t matter how significant a certain event or instance was, sometimes the barest irritation will draw incommensurate attention and the skin can go raw before you realize it. Lately, I can’t seem to help but linger on this time or that, those tender ages rife with curiosities, and go over in serial fashion what I might have done or said to defuse a tricky situation or take a more principled stand or else assuage my frustrated heart. So many chances, ceded. What remains are these disparate patches of existence that end up knitting vaster and less randomly than you would have ever imagined. The other day, for instance, I was suddenly thinking about the circumstances of how our girls got our dog. It’s no big thing. We met him when he was three months old, while we were on a vacation in Florida. Old friends happened to live there, a family with a boy and a girl the same ages as our daughters, and during an afternoon visit with them the wife casually mentioned that they were looking for someone to adopt their new puppy. Our girls were playing tug-of-war with the dog, a black-and-white toy terrier and Shih Tzu mix, squealing as he wrenched at the snout of the armadillo plush toy and made his tiny throaty growls, and when they heard her say adopt they both cried out, “Please, Momma, please!”

 

Chang-Rae Lee (Seoel, 29 juli 1965)

 

De Duitse dichter en schrijver Thomas Rosenlöcher werd geboren op 29 juli 1947 in Dresden. Zie ook alle tags voor Thomas Rosenlöcher op dit blog.

 

De kameel

Dwars door de steppen wandelt de kameel,
de last der wereld zeulen is zijn deel,

achter een heuvel rust hij uit, gebukt,
daar ’t donker zwaar op zijn twee bulten drukt,

de reis is ver en hij moet verder gaan,
beschenen door de sterren of de maan,

bij ochtendstond en als de zon weer straalt,
met schrale kwastjesstaart, de knieën kaal,

totdat hij zich een dag – er was geen rust -,
met elke stap meer losmaakt van zijn last,

waarop men zegt: Daar ligt hij aan de kant,
zijn oog vol vliegen en zijn mond in ’t zand,

anders gezegd: Hij loopt nog immer door,
is aan de kim een donkere stip nog maar,

een stip die voor hemzelf gedurig slinkt,
die haast geheel in ’t dorre zand verzinkt,

totdat vóór hem, bij ’t almaar verder gaan,
de lang beloofde naalde-ogen staan,

Ze blinken in de zon en zijn zo wijd
dat hij er al doorheen is voor hij ’t weet,

en alweer groter wordt met elke schree,
waarmee hij nu het paradijs betreedt,

waar hij door lam en leeuw al wordt verbeid,
ze staren naar zijn bulten, zo vol nijd

dat hij beschaamd glasheldere tranen weent,
totdat de Here Jezus hem verschijnt,

die heeft toen, met zegenend handgebaar
geëffend, eindelijk, zijn bultenpaar.

 

Vertaald door Peter Verstegen

 

Thomas Rosenlöcher (29 juli 1947 – 13 april 2022) 

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 29e juli ook mijn blog van 29 juli 2024 en ook mijn blog van 29 juli 2022 en ook mijn blog van 29 juli 2017 deel 1 en ook deel 2.

Herman de Coninck, W. H. Auden

De Vlaamse dichter, essayist, journalist en tijdschriftuitgever Herman de Coninck werd geboren in Mechelen op 21 februari 1944. Zie ook alle tags voor Herman de Coninck op dit blog.

 

De lenige liefde

2.

middenin de grote vlakte van je vreugde
kwam ik je tegen. ik woon hier, zei je.
ik keek naar de bloemen. ja, dat zie ik,
zei ik, en waar leerde je de kunst
om niet lang te duren? ook hier, zei je.

je was lenig; en je woorden waren zo
doorschijnend, ik kon je er helemaal
door zien.
en daar lag ik al in het gras
en wat hield ik in mijn hand?
een oortje, waarin ik het lange woord
‘lieveling’ uitgoot, zonder morsen.

3.

dag na dag trok ik liefde aan
als een steeds wisselende jurk.
en hij lag laag bij de gronds op het strand,
niet verhevener dan zijn meest aardse verlangen
(dat torenhoog opstak boven hem uit.)

en nadien, o emma, o, dan stak hij
een sigaret op, net als in franse films.
en het was alsof hij zeggen wou
‘dat hebben we weer goed gedaan’
wanneer hij me in de borsten kneep
met een knipoogje van zijn handen.

4.

wat heb je vandaag gekocht, vroeg ik.
een halsuitsnijding, zei je.
trek ze eens aan, vroeg ik,
en je trok alles uit: dat is ze
helemaal, zei je, maar met de jurk erbij
komt ze tot hier-

en toen wees je midden op
mijn handen.

 

Herman de Coninck (21 februari 1944 – 22 mei 1997)

 

De Engelse dichter, essayist en criticus Wystan Hugh Auden werd geboren in York op 21 februari 1907. Zie ook alle tags voor Wystan Hugh Auden op dit blog.

 

In Schrafft

Haar maal gedaan met de Dagschotel Speciaal
En nu aan de koffie toe, zat ze
Te roeren in haar kop,
Een wat vormeloos soort vrouw,
Qua leeftijd moeilijk te schatten,
Met een heel gewoon hoedje op.

Toen ze opkeek zag je meteen aan haar
Dat onze furieuze planeet,
Onze mondiale afgrond
Van zonde en zwaar materieel
En stervenden bij de vleet
Voor haar gewoon niet bestond.

Welke hemel het was van de zeven
Die zo’n glimlach bracht op haar gezicht,
Zag je niet, maar je werd je bewust
Dat een god, welke god ook, voor wie het
Goed knielen ís, haar had bezocht,
In háár tempel had uitgerust.

 

Vertaald door Peter Verstegen

 

W. H. Auden (21 februari 1907 – 29 september 1973) 
Portret door Jeffrey Morgan, z.j.

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 21e februari ook mijn blog van 21 februari 2019 en ook mijn blog van 21 februari 2016 deel 2.

José Eduardo Agualusa, Heinrich Heine, Olaf Lüken

De Angolese schrijver José Eduardo Agualusa werd op 13 december 1960 in Huambo geboren. Zie ook alle tags voor José Eduardo Agualusa op dit blog.

Uit: Regentijd (Vertaald door Harrie Lemmens)

“Die nacht droomde Lídia over de zee. Een diepe, doorzichtige zee vol trage wezens die gemaakt leken van hetzelfde weemoedige licht als je hebt in de schemering. Lídia wist niet waar ze was, maar ze wist wel dat die wezens kwallen waren. Terwijl ze wakker werd zag ze ze nog door de muren van haar kamer heen glippen, en toen moest ze denken aan haar oma, dona Josephine do Carmo Ferreira, alias nga[1] Fina Diá Makulussu, beroemd droomduidster. Volgens de oude vrouw stond dromen over de zee gelijk aan dromen over de dood.
Het eerste wat ze zag toen ze haar ogen opende was de tijd op de grote wandklok: twintig over twaalf. Angola was dus al twintig minuten onafhankelijk, dacht ze, en ze verbaasde zich over het feit dat ze in dat bed lag, in het oude huis in Ingombotas[2]. Wat deed ze hier, in het centrum van Luanda, wat deed ze in dit land? Een zinloze vraag die haar dag in dag uit kwelde.
Maar op dat moment had de vraag wat ze daar deed een andere betekenis.
Haar hoofd was helder en ze voelde niets, noch de verbittering van een verliezer, noch de euforie van een overwinnaar (die nacht was ze het allebei). Het is de nacht van de sprinkhaan, dacht ze, en ze zag zichzelf als pasgeboren baby met een grote bidsprinkhaan op haar borst.
Toen ze klein was, had de oude Jacinto haar dat verteld: ‘Vlak na je geboorte zag je moeder toen ze naar je keek een enorme bidsprinkhaan op je borst zitten.’ Lang daarna herinnerde oma Fina haar aan het voorval en zei: ‘Het leven zal jou verslinden.’
Oma Fina was die maand honderdvijf geworden, maar ze was nog even fris en fit als altijd. Lídia geloofde alles wat ze zei, ook haar voorspellingen. Heel even dacht ze erover haar te wekken en haar droom te vertellen, maar ze deed het niet, had er de kracht niet voor. Ze ademde diep de met kikombo-parfum[3] doordrenkte lucht in en voelde zich lichter. Een ver en vet rumoer drong haar oren binnen; ze kon de geluiden niet van elkaar onderscheiden maar wist dat het ging om geweerschoten, ontploffingen en kreten van pijn, woede en euforie. Eén en al razernij, maar er moest ook liefdesgekreun tussen zitten, geblaf van honden en het bonzen van harten. Lídia dacht aan Viriato da Cruz, dacht aan de dood, dacht aan het leven, dat buiten de dichte ramen van haar slaapkamer doorging. Ze ging rechtop zitten, stak haar hand uit naar het nachtkastje en pakte een langwerpig zwart notitieboekje, zo een waarin kruideniers met potlood hun dagomzet noteren.”

 

José Eduardo Agualusa (Huambo, 13 december 1960)

 

De Duitse dichter Heinrich Heine werd geboren in Düsseldorf op 13 december 1797. Zie ook alle tags voor Heinrich Heine op dit blog.

 

Verwording

Krijgt de natuur, steeds dieper zinkend,
Al fouten met de mens gemeen?
Mij dunkt – de planten en de dieren
Die liegen nu als iedereen.

‘k Geloof niet aan de kuise lelie,
Zij houdt het met de bonte zot
Die vlinder heet; dat zoent en fladdert
Nog met haar onschuld heen tot slot.

’t Viooltje lijkt dan wel bescheiden,
Maar ‘k moet nog zien. De kleine bloem
Lokt aan met haar koket aroma,
Maar in ’t geniep dorst zij naar roem.

Doorvoelt de nachtegaal zijn zingen? –
Daar ga ik ook al niet in mee;
Hij slooft zich uit, snikt en slaakt trillers –
Lijkt mij – als pure routinier.

 

Vertaald door Marko Fondse en Peter Verstegen

 

Heinrich Heine (13 december 1797- 17 februari 1856)
Heinrich Heine monument in Düsseldorf

 

De Duitse dichter en schrijver Olaf Lüken werd geboren op 13 december 1952 in Herne (Westfalen). Zie ook alle tags voor Olaf Lüken op dit blog.

 

Advent – die Ankunft

Am Fenster glitzern Eiskristalle.
Es ruht das Wirtschaftswunderland.
In weißen Dörfern, grauen Städten,
blicken wir Menschen – wie gebannt.

Nicht Elend, sondern Herzenswärme
und jede Menge Zuversicht.
Vorfreude steckt wohl in uns allen,
weil Jesu Wiederkunft anbricht.

Heute, eine kurze Zeit vorher,
geben wir uns Tagträumen hin.
Zwischen all dem, was ist dort draußen,
steckt auch in uns ein tiefer Sinn.

 

Olaf Lüken (Herne, 13 december 1952)
Herne in de Adventstijd

 

Zie voor nog meer de schrijvers van de 13e december ook mijn blog van 13 december 2021 en ook mijn blog van 13 december 2018 en ook mijn blog van 13 december 2015 deel 1 en eveneens deel 2.

—————————————————

[1] Nga: afkorting van nganga, ‘mevrouw’.
[2] Ingombotas: wijk in Luanda.
[3] Kikombo: hout waarvan bedden werden gemaakt omdat men geloofde dat de sterke geur ervan wantsen weghield.
[4] 11 november 1975: dag waarop de Angolese onafhankelijkheid werd uitgeroepen. 

Maartje Wortel, Andrew Motion

De Nederlandse schrijfster Maartje Wortel werd geboren in Eemnes op 26 oktober 1982. Zie ook alle tags voor Maartje Wortel op dit blog.

Uit: IJstijd

“Ik verblijf in een hotel in Amsterdam-Oost als Monica in mijn leven komt. Hotel Arena (****) is niet direct een hotel naar mijn smaak, maar ze hebben er een bar en de serveersters zijn knap en ze hebben ook een huiskat, Zieck III, die ik meeneem naar mijn kamer zodat ik wat gezelschap heb. De kat is in niets te vergelijken met Marie, die mij net heeft verlaten. Het moeilijkste aan haar afwezigheid vind ik dat ze nog wel ergens is, meegroeit met de tijd, rondloopt in de stad, in bed ligt en eet en vrijt en slaapt, maar dan zonder mij. Ze heeft mij niet meer nodig om verder te kunnen leven en waarschijnlijk heeft ze mij nooit nodig gehad, wat ik een onverteerbare gedachte blijf vinden. Ook ik ben, tegen beter weten in, graag nodig en ik zou met alle liefde (`tot de dood ons scheidt’) hebben willen doen alsof ik onmisbaar ben in iemands leven. Ik zou er makkelijk in kunnen geloven. Nu drink ik longdrinkglazen wodka die ik door de keurige jongens en meisjes die in het restaurant werken naar mijn hotelkamer laat brengen. Ik kom liever niet buiten de deur. In mijn hotelkamer, een kleine studio in de nok van het pand, is alles wat ik nodig heb: wit, schoon, vierkant en overzichtelijk. De centrale verwarming staat op vijfentwintig graden afgesteld en ik lig naakt op mijn rug aan de linkerzijde van het tweepersoonsbed in een van de meest luxueuze kamers die ze hebben. Ik ben misselijk van de vier rollen pepermunt die ik uit een glazen bak bij de receptie heb gevist en die ik achter elkaar heb opgegeten. Mijn handen rusten op mijn buik, ze werken als twee magneten waar alle ellende naartoe trekt, precies onder de palmen van mijn hand borrelt het. Ik weet honderd procent zeker dat ik nooit meer pepermunt ga eten en dat ik nooit meer van de misselijkheid afkom. Ik sluit mijn ogen en laat mijn lichaam zijn gang gaan. Het is alsof de zwaartekracht harder aan me trekt dan normaal, mijn pik, mijn vlees, mijn huid hangen slap naar beneden. Ik val bijna in slaap als de telefoon overgaat, niet mijn mobiel, maar de telefoon die naast me op het nachtkastje staat en waarmee ik tot nu toe alleen nog maar uitgaande gesprekken over glazen wodka en porties gamalenkroketten heb gevoerd; die hebben ze niet in het hotel, ze hebben alleen kalfsvlees- en geitenkaaskroketten, ook goed, maar ik blijf het proberen. Als je lang genoeg om iets vraagt volgt op een dag het aanbod vanzelf.”

 

Maartje Wortel (Eemnes, 26 oktober 1982)

 

De Engelse dichter, schrijver en biograaf Andrew Motion werd geboren op 26 oktober 1952 in Braintree in Essex. Zie ook alle tags voor Andrew Motion op dit blog.

 

Dagen van herdenken

Derde jaar

Drie jaar zonder te zien,
geen spraak, geen gebaar, alleen
de schaduw van wolken die over
je gezicht schuift en dan

een wereld verder wordt geblazen.
Wat voor een slaap was dat
die het licht nooit door liet breken?
Welk betoverd land

eiste je op, verbood je om zelfs
van een kus wakker te worden?
Als het de dood was,
van wie waren dan die handen

warm in de mijne, van wie
kwam het verbijsterend woord
die dag toen ik je zonnige kamer
uit wilde gaan en hoorde

‘Blijf, blijf’, en zag hoe je ogen
open knipperden, even
keken, de mijne niet wilden
herkennen en zich afwendden?

 

Vertaald door Peter Verstegen

 

Andrew Motion (Braintree, 26 oktober 1952)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 26e oktober ook mijn blog van 26 oktober 2021 en ook mijn blog van 26 oktober 2018 en ook mijn blog van 26 oktober 2014 deel 2.

Elif Shafak, Andrew Motion

De Turkse schrijfster Elif Shafak (eigenlijk Elif Şafak) werd geboren in Straatsburg op 25 oktober 1971. Zie ook alle tags voor Elif Shafak op dit blog.

Uit: Zo houd je moed in een tijd van verdeeldheid (Vertaald door Manon Smits)

“Ik keek haar na tot ze aan het eind van de straat de hoek om ging. Ik had nog nooit een vrouw gezien die zo zichtbaar gebroken was en toch koppig doorging. Ik voelde me schuldig dat ik mijn raam niet had opengedaan om iets tegen haar te zeggen, te vragen of alles in orde was. En ik schaamde me omdat mijn eerste reactie was geweest om me terug te trekken in de veiligheid van mijn appartement, alsof ik bang was dat haar ellende misschien besmettelijk zou zijn. Ik bleef eraan denken, aan de overeenkomsten en de verschillen. Haar eenzaamheid, die vast niet anders was dan mijn eenzaamheid. Maar ook mijn schuchterheid tegenover haar lef. Zij had genoeg van Istanbul, terwijl ik de stad nog moest gaan ontdekken. En belangrijker nog: zij was een sterke strijder, ik was slechts een toeschouwer.
Er zijn sindsdien vele jaren verstreken. Ik woon niet meer in Istanbul. Maar vandaag, nu ik in Londen aan mijn bureau zit te schrijven over onze gepolariseerde, geteisterde wereld, denk ik onwillekeurig terug aan dat moment, aan haar, en zit ik te peinzen over woede en eenzaamheid en gekwetstheid.
De pandemie. Terwijl het coronavirus de aardbol teisterde en honderdduizenden mensen doodde, miljoenen mensen werkloos maakte en het leven zoals we het kenden aan diggelen sloeg, doken er overal in de Londense parken tekstborden op. ‘Als dit allemaal voorbij is, hoe wil je dat de wereld er dan uitziet?’ was de vraag die de borden stelden. Wat er precies werd bedoeld met dit allemaal werd niet expliciet benoemd; de voorbijganger moest zelf maar bedenken wat dat inhield – deze plotselinge verstoring van ons dagelijks leven, dit gevoel om vast te zitten in de golf van onzekerheid en de vrees voor wat er komen gaat, in deze enorme wereldwijde gezondheidscrisis met op de lange duur economische, sociale en mogelijk politieke gevolgen, in die tunnel waar wij, als mensheid, doorheen moeten zonder dat we enig idee hebben hoe en waar die kan eindigen en of er in de nabije toekomst misschien weer een nieuwe uitbraak van een virusziekte kan komen.
Onder de vraag was bewust veel ruimte vrijgelaten op de borden, zodat mensen hun antwoorden eronder konden schrijven, en vele hadden dat ook gedaan. Van alle haastig neergekrabbelde opmerkingen was er met name één die me is bijgebleven. Iemand had met blokletters geschreven: IK WIL GEHOORD WORDEN.
Als dit allemaal voorbij is wil ik leven in een andere wereld waarin ik gehoord kan worden.”

 

Elif Shafak (Straatsburg, 25 oktober 1971)

 

De Engelse dichter, schrijver en biograaf Andrew Motion werd geboren op 26 oktober 1952 in Braintree in Essex. Zie ook alle tags voor Andrew Motion op dit blog.

 

Gezelschap

I

Het is altijd eender: alleen ontwakend zie ik
de rijen okeren lichtjes van het dorp,
een veld bij ons vandaan, zie ik ze flakkeren
wanneer vogels opvliegen of bomen er
schaduw tussen drijven. Zonder dat iemand

luistert, geef ik ze de namen waar ik zin in heb
– zeg dat ze een volmaakte dorpsgemeenschap vormen,
vensters herstellen er een verborgen wereld
waar het geluk wacht. Tien jaar is nog maar kort
om te leren begrijpen dat hun leven niets op heeft met

het mijne, opgesloten in een klein vertrek
waar zachte vertrouwde stilte weer bezit van neemt.
Hoe opeens angst begint. Wanneer ik me voorstel
dat aan liefde haar zichtbaarheid is ontzegd. Ik zie
hem boven slapen, de man die mij lieveling noemt,

zijn vrouw, en bijna begin ik te geloven
dat zijn vertrouwen in mij is om geslagen in matte,
onverschillige zorg. Ik ben geworden tot
de droefenis waar hij nooit van scheidt, een sterfgeval
dat al zijn kamers erft en de verloren

wereld daar veranderen zal in bezit
– tafels en verschoten stoelen die spoedig
buitenstaanders zullen toebehoren die nu hun gordijnen
opentrekken om het tafereel te zien van nevel
die opgestegen is vanuit afkoelende lucht.

 

Vertaald door Peter Verstegen

 

Andrew Motion (Braintree, 26 oktober 1952)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 25e oktober ook mijn blog van 25 oktober 2022 en ook mijn blog van 25 oktober 2018 en ook  mijn blog van 25 oktober 2016 en eveneens mijn blog van 25 oktober 2015 deel 2.