Sander Kok, Wolfgang Hilbig

De Nederlandse schrijver Sander Kok (ook bekend fotomodel) werd geboren in Arnhem op 31 augustus 1981. Zie ook alle tags voor Sander Kok op dit blog.

Uit: Oorlog zonder vrede (Over Lodewijk van Deyssel)

“Het onaniedagboek is een pijnlijk werk, het verslag van een strijd, een kroniek van een serie verloren slagen, een belijdenis van een geloof dat zich niet laat doven. Van Deyssels hoop dat hij ooit door strenge zelfdisciplinering het beest van de onanie zal doden is onaantastbaar als dat van iemand wiens leven zonder het geloof door angst kapot zou gaan. Angst – waarvoor?
De amateurpsycholoog in mij zegt: voor mislukking. Zijn ambities waren te groot voor één mens. Een in het zwart geklede man die met gespreide armen over een bureau met daarop een wereldkaart ligt, dat is Van Deyssel, als je zijn lijst met doelen, op twintigjarige leeftijd opgesteld, erbij pakt. Tientallen boeken zou hij schrijven. President zou hij worden. Zijn kuisheid, zijn strijd, staan die niet vooral in dienst van de zelfsabotage? Als de kunstenaar, het taalgenie, onverhoopt faalde bij het benaderen van zijn bovenmenselijke doelen, kwam dat doordat hij zich onzedelijk betast had, niet door gebrek aan talent. Daardoor kon hij doorgaan met die andere strijd, die van het schrijven.
Van Deyssel is een mislukkingskunstenaar (zoals W.F. Hermans door zijn biograaf Willem Otterspeer werd genoemd). Hij verbeterde zich en sterkte zich en stutte zijn fragiele bouwwerk met de bespijkerde kokers die hij elke avond om zijn polsen bond.
Goed. Maar waarom er een dagboek over bijhouden? En waarom het bewaren? Waarom heeft hij die vierhonderd bladen niet verscheurd of verbrand, voor de dood op zijn deur klopte?
Niet uit nonchalance of verstrooidheid, daar was hij de man niet naar. Van Deyssel had zijn literaire nalatenschap al ruim voor zijn dood geregeld met zijn toen pas zeventienjarige biograaf, Harry G.M. Prick. Het onaniedagboek zat in een scheepskist met het weerdagboek, het slaapdagboek en talloze andere dagboeken. Waarom heeft de bejaarde, trotse Van Deyssel dat ene, schandelijke werkje in de scheepskist laten zitten? Om onze spektakelzucht te stillen? Van Deyssel was wel een beetje een provocateur. Maar toch. Hij was ook trots.”

 

Sander Kok (Arnhem, 31 augustus 1981)

 

De Duitse dichter en schrijver Wolfgang Hilbig werd geboren in Meuselwitz op 31 augustus 1941. Zie ook alle tags voor Wolfgang Hilbich op dit blog.

 

treinstation

grijze, grijze, grijze wanorde
vanwaar geen trein vertrekt, waar een gigantische raaf
zwart tussen de rails gaat zitten
treinstation, dat is de koudste plek van allemaal, ’s nachts
slaapt niemand

zie onze gezichten door zonde verscheurd en
wanneer het station vertrekt, zie ons drinken
gevangenschap drinken uit vuile glazen
drinken tot de duivel komt, spreken
tegen niemand en, ouder wordend, ons nog steeds verbazen
over de gedachten van warrig haar

zomer, winter, eeuwen komen voorbij,
ons raken ze niet, zie ons verblijven
in de rook van de razende wachtkamers, een keer
huilen, een paar keer lachen en luisteren
wanneer buiten het raam een dronkaard
als een gek een naam schreeuwt.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Wolfgang Hilbig (31 augustus 1941 – 2 juni 2007)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 31e augustus ook mijn blog van 31 augustus 2020 en eveneens mijn blog van 31 augustus 2019 en ook  mijn blog van 31 augustus 2018 en ook mijn blog van 31 augustus 2017.

Charles Reznikoff, Wolfgang Hilbig

De Amerikaanse dichter Charles Reznikoff werd op 30 augustus 1894 in New York geboren. Zie ook alle tags voor Charles Reznikoff op dit blog.

 

Autobiography: New York

XI

“Shall I go there?” “As you like—
it will not matter; you are not at all important.”
The words stuck to me
like burrs. The path was hidden
under the fallen leaves; and here and there
the stream was choked. Where it forced a way
the ripples flashed a second.
She spoke unkindly but it was the truth:
I shared the sunshine like a leaf, a ripple;

thinking of this, sunned myself
and, for the moment, was content.

XII

There is nobody in the street
of those who crowded about David
to watch me
as I dance before the Lord:
alone in my unimportance
to do as I like.

XIII

Your angry words—each false name
sinks into me, and is added to the heap
beneath. I am still the same:
they are no part of me, which I keep;
but the way I go, and over which I flow.

XIV
The Bridge

In a cloud bones of steel.

XV
God and Messenger

This pavement barren
as the mountain
on which God spoke to Moses—
suddenly in the street
shining against my legs
the bumper of a motor car.

XVI

A beggar stretches out his hand
to touch a fur collar, and strokes it unseen,
stealing its warmth for his finger tips.

 

Charles Reznikoff (30 augustus 1894 – 22 januari 1976)
Cover van een bundel essays over de poëzie van Charles Reznikoff

 

De Duitse dichter en schrijver Wolfgang Hilbig werd geboren in Meuselwitz op 31 augustus 1941. Zie ook alle tags voor Wolfgang Hilbich op dit blog.

 

verzoek

laat me een beetje
nog sterven
laat me in de stoel zitten
met mijn hoofd achterover leunen
mijn mond, mijn ogen wijd openen
slap mijn armen laten hangen
in mijn ogen laten
vallen het licht van de lamp dan
uitdoven

laat me
een ogenblik nog sterven
snel voordat jullie
eeuwig leven, eindeloos licht
in de wereld wekken
een heel kort ogenblik nog
laat me sterven, ach,
gun me dat ik
niet vergeet –

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Wolfgang Hilbig (31 augustus 1941 – 2 juni 2007)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 31e augustus ook mijn blog van 31 augustus 2020 en eveneens mijn blog van 31 augustus 2019 en ook  mijn blog van 31 augustus 2018 en ook mijn blog van 31 augustus 2017.

Maria Barnas, Rita Dove

De Nederlandse schrijfster, dichter en beeldend kunstenaar Maria Barnas werd geboren in Hoorn op 28 augustus 1973. Zie ook alle tags voor Maria Barnas op dit blog.

 

Schizo scherzo
I’m Leavin’ Town Mama

Een Engelsman met prachtige ogen stemt mijn piano.

Hallo wereld.

I’ll do it very carefully, zegt hij.

Er vallen druppels en blaadjes uit de vlierbes
die in de hoek van de tuin staat, sir, would you mind?
Ik denk dat de boom ongeneeslijk ziek is.

We might have a slight problem here.

Wij.

Er is een vochtige zomer aangebroken in mijn hoofd,
dear sir, een verlammende hitte. Weet u misschien raad?
Ik weet niet wat verzengend in het Engels is.
Would you like a drink?

Thank you so much.

How much? In Brussel at ik chocola uit goudblad
en ik had smetteloze schoenen aan.
In Parijs zat ik in een reuzenrad.
Ik zou zo met u mee naar Londen gaan.

Of ik suiker heb. En melk.

De Engelsman speelt.
Erbarme mich.

Dat is dat.

Dat is alles.

Thank you so much.

 

Hotel

Toen ik wakker werd was ik verliefd. Verschrikkelijk.
Ik ben maar weer gaan slapen. Tien minuten? Een uur?
Bij het ontwaken treurde ik om een verloren liefde.

Om indruk te maken op de mooie acteur aan mijn tafel zeg ik:
de mooiste film die ik ooit zag heet Paradise Lost.
De camera bewoog zich niet en alles was zwart-wit,
vreemd als een paradijs, nee vreemder.
De jongen zegt dat ik Stranger than Paradise bedoel.
Ik concentreer me op het woord gereserveerd
op mijn tafel tot de letters zwemmen voor mijn ogen
en de wereld een vlek is.

De wereld, mijn wereld verhardt zich.
Daar is geen twijfel over mogelijk.
Er komt niet zozeer iets nieuws bij, als wel dat wat er is krimpt.
Zich samenbalt, trekt en compact wordt. Kramp?

Bijvoorbeeld: een hoofd van klei wordt in een oven geschoven
en zo heet gebakken dat het vocht eruit stoomt
en het hoofd hard wordt en de grootte heeft van een gebalde vuist.
Maar een beeld is breekbaar en dat geloof ik van de wereld niet.

Als wel, meneer. Ik droomde dat ik geneukt werd door twee mannen.
Later zal ik hierover schrijven, als ik oud ben dacht ik.
Ik ben oud en verlang twee mannen, tegelijkertijd.

Maar haal die hand uit je haar, ik weet dat je mooi bent.

Passie is het beste excuus dat ik ken
om me aan het bestaan te onttrekken.
Maar ik kan het niet uitspreken. Het is meer iets voor een acteur.

De acteur staat op, trekt zijn jas aan.
Er is een wereld die op hem wacht.

Ik blijf nog even.

 

Maria Barnas (Hoorn, 28 augustus 1973)

 

De Amerikaanse schrijfster en dichteres Rita Frances Dove werd geboren op 28 augustus 1952 in Akron, Ohio. Zie ook alle tags voor Rita Dove op dit blog.

 

Druivensorbet

De dag? Herdenking.
Na de barbecue
verschijnt papa met zijn meesterwerk —
wervelende sneeuw, gelachtig licht.
We juichen. Het recept is
geheim en hij onderdrukt
een glimlach, zijn pet omhoog
zodat het slabbetje op een eend lijkt.

Die ochtend galoppeerden we
door de met gras begroeide heuvels
en noemden we elke steen
naar een verloren melktand. Elke lik
sorbet, later,
is een wonder,
zoals zout op een meloen dat hem zoeter maakt.

Iedereen is het erover eens: het is heerlijk!
Het is precies zoals we ons hadden voorgesteld
dat lavendel smaakt. De diabetische grootmoeder
staart vanaf de veranda,
een fakkel
van pure weigering.

We dachten dat er niemand lag
onder onze voeten,
we dachten dat het
een grap was. Ik heb geprobeerd
me de smaak te herinneren,
maar die bestaat niet.
Nu begrijp ik waarom
je de moeite nam,
vader.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Rita Dove (Akron, 28 augustus 1952)

 

Zie voor de schrijvers van de 28e augustus ook mijn blog van 28 augustus 2020 en eveneens  mijn blog van 28 augustus 2018 en eveneens mijn blog van 28 augustus 2017 en ook mijn blog van 28 augustus 2016 en ook mijn twee blogs van 28 augustus 2015.

Martin Amis, Charles Wright, David Szalay

De Engelse schrijver Martin Amis werd geboren op 25 augustus 1949 in Cardiff, South Wales. Zie ook alle tags voor Martin Amis op dit blog.

Uit: The Rub of Time: Bellow, Nabokov, Hitchens, Travolta, Trump.

“Saul Bellow, As Opposed to Henry James
Whereas English poetry ‘fears no one’, E.M. Forster wrote in 1927, English fic-tion ‘is less triumphant’: there remained the little matter of the Russians and the French. Forster published his last novel, A Passage to India, in 1924, but he lived on until 1970 – long enough to witness a profound rearrangement in the balance of power. Russian fiction, as dementedly robust as ever in the early years of the century (Bulgakov, Zamyatin, Bely, Bunin), had been wiped off the face of the earth; French fiction seemed to have strayed into philosophical and essayistic peripheries; and English fiction (which still awaited the crucial in-fusion from the ‘colonials’) felt, well, hopelessly English – hopelessly inert and inbred. Meanwhile, and as if in obedience to the political reality, American fic-tion was assuming its manifest destiny. The American novel, having become dominant, was in turn dominated by the Jewish-American novel, and everybody knows who dominated that: Saul Bel-low. His was and is a pre-eminence that rests not on sales figures and honorary degrees, not on rosettes and sashes, but on incontestable legitimacy. To hold otherwise is to waste your breath. Bellow sees more than we see – sees, hears, smells, tastes, touches. Compared to him, the rest of us are only fitfully sentient; and intellectually, too, his sentences simply weigh more than anybody else’s. John Updike and Philip Roth, the two writers in perhaps the strongest position
to rival Bellow, or to succeed him, have both acknowledged that his seniority is not merely a question of Anno Domini. Egomania is an ingredient of literary talent, and a burdensome one: the egomaniacal reverie is not, as many suppose, a stupor of self-satisfaction; it is more like a state of red alert. Yet American writers, in particular, are surprisingly level-headed about hierarchy. John Berry-man claimed he was ‘comfortable’ playing second fiddle to Robert Lowell; and when that old flagship Robert Frost sank to the bottom, in 1963, he said impulsively (and unsentimentally), ‘It’s scary. Who’s number one?’ But that was just a rush of blood. Berryman knew his proper place. Rather impertinently, perhaps, you could summarise the preoccupations of the Jewish-American novel in one word: ‘shiksas’ (literally, ‘detested things’). It transpired that there was something uniquely riveting about the conflict between the Jewish sensibility and the temptations – the inevitabilities – of materialist America.”

 

Martin Amis (25 augustus 1949 – 19 mei 2023)

 

De Amerikaanse dichter Charles Wright werd geboren op 25 augustus 1935 in Pickwick Dam, Tennessee. Zie ook alle tags voor Charles Wright op dit blog.

 

Diep in de mijnen

Want ik ben iemand die bestaat uit het onverdeelde,
zei hij, en ik ben vervuld van licht.
En duisternis is daar,
waar de verdeelden staan.

Hardnekkige woorden, Geweldige, harde woorden.
Witte wolken pakken zich samen langs de bergkam.
Onder de aarde zijn we ver van huis,
of juist dichterbij.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Charles Wright (Pickwick Dam, 25 augustus 1935)

 

Onafhankelijk van geboortedata

De Hongaars-Britse schrijver David Szalay werd geboren in 1974 in Montreal, Canada. Zie ook alle tags voor David Szalay op dit blog.

Uit: Het vlees (Vertaald door Auke Leistra)

“Als hij vijftien is, verhuist hij met zijn moeder naar een nieuwe stad en begint hij op een nieuwe school. Dat is niet makkelijk op die leeftijd – de verhoudingen op school liggen al vast en het kost hem moeite om vrienden te maken. Na enige tijd heeft hij met één jongen vriendschap gesloten, ook een eenling. Soms hangen ze na school samen rond in het nieuwe, typisch westerse winkelcentrum dat niet lang daarvoor geopend is. Heb jij het ooit gedaan?' waagt zijn vriend.Nee; zegt lstván. ‘lk ook niet; zegt zijn vriend, en op een of andere manier lijkt het of het niet eens zo moeilijk is dat toe te geven. Hij praat heel eenvoudig, heel natuurlijk over seks. Hij vertelt lstván over welke meisjes op school hij fantaseert, en wat hij in zijn fantasie met ze doet. Hij zegt dat hij zich vaak vier of vijf keer op een dag aftrekt, wat lstván het gevoel geeft dat hij tekortschiet, aangezien hij het maar één of twee keer doet. Als hij dat bekent, zegt zijn vriend: lij hebt waarschijnlijk een minder sterke behoefte aan seks: Misschien is dat wel zo, weet hij veel. Hij heeft geen idee hoe het voor andere mensen is. Hij kent alleen zijn eigen ervaring. Op een dag vertelt zijn vriend dat hij het gedaan heeft met een meisje dat aan de andere kant van het spoor woont. Het nieuws heeft iets desoriënterends.
István luistert als zijn vriend, vrij gedetailleerd, beschrijft wat er gebeurd is. Hij probeert uit te vogelen of zijn vriend de waarheid spreekt of dat hij liegt. Hij zou liever hebben dat hij loog, maar heeft toch het idee dat hij waarschijnlijk de waarheid spreekt. Sommige dingen die hij zegt zijn te specifiek, te verrassend, die kan hij nooit verzonnen hebben. Dan, een paar dagen later, zegt hij dat hij het meisje heeft gesproken en dat ze gezegd heeft dat ze het ook wel met lstván wou doen. ‘Serieus?’ zegt lstván. la; zegt zijn vriend. lstván weet niet of hij bedoelt alle drie samen, of alleen hij met dat meisje. Hij is niet zelfverzekerd genoeg om het te wagen. Diezelfde dag lopen ze na schooltijd over de voetgangersbrug naar de andere kant van het spoor. Het begint al donker te worden.”

 

David Szalay (Montreal, 1974)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 25e augustus ook mijn blog van 25 augustus 2020 en eveneens mijn blog van 25 augustus 2018 deel 1 en eveneens deel 2.

Stephen Fry, Charles Wright, Vincenzo Latronico

De Engelse komiek, schrijver, acteur en presentator Stephen John Fry werd geboren in Londen op 24 augustus 1957. Zie ook alle tags voor Stephen Fry op dit blog.

Uit: Troje (Vertaald door Henny Corver, Pon Ruiter en Frits van der Waa)

“Erichthonios werd na zijn dood opgevolgd door zijn zoon TROS. Tros had een dochter, Kleopatra, en drie zonen: Ilos (vernoemd naar zijn oudoom), Assarakos en GANYMEDES. Het verhaal van prins Ganymedes is welbekend. Zo schoon was hij dat Zeus zelf ten prooi viel aan een overweldigende hartstocht voor hem. De god nam de gedaante van een adelaar aan, dook omlaag en droeg de jongen naar de Olympos, waar hij de geliefde gunsteling, gezel en hofschenker van Zeus werd. Om Tros te compenseren voor het verlies van zijn zoon stuurde Zeus HERMES naar hem toe met een geschenk: twee goddelijke paarden die zo snel en licht waren dat ze over water konden galopperen. Tros verzoende zich met het verlies toen hij deze wonderbaarlijke dieren zag en Hermes hem verzekerde dat Ganymedes nu — en per definitie voor altijd — onsterfelijk was.
De broer van Ganymedes, prins Ilos, stichtte de nieuwe stad die ter ere van Tros Troje genoemd zou worden. Hij had een worstelwedstrijd gewonnen tijdens de Phrygische Spelen, en de prijs bestond uit vijftig knapen, vijftig maagden en, het allerbelangrijkst, een koe. Een heel bijzondere koe, die volgens een orakel de plek zou aanwijzen waar Ilos een stad moest stichten. `Waar het rund zich neervlijt, daar moet je bouwen: Als Ilos het verhaal van KADMOS kende — en wie kende dat niet? — dan wist hij dat Kadmos en Harmonia de instructies van een orakel hadden opgevolgd en achter een koe aan waren gelopen tot het dier zich neervlijde op een plek waar ze een stad moesten bouwen, de stad die Thebe zou worden, de eerste grote stadstaat van Griekenland. Wij vinden het misschien een wat merkwaardige en bizarre gewoonte om koeien de plek voor een stad te laten kiezen, maar als je er even over nadenkt besef je dat het niet zo raar is. Op de plek waar een stad zal verrijzen moeten ook voldoende vlees, melk, leer en kaas voor haar burgers voorhanden zijn. Om nog maar te zwijgen van sterke trekdieren — ossen om akkers te ploegen en karren te trekken. Als een koe zo ingenomen is met de voorzieningen van een streek dat ze vindt dat ze kan gaan liggen, dan wil dat wel iets zeggen. Hoe het ook zij, Ilos liep welgemoed achter de door hem gewonnen koe aan, helemaal naar Troas* ten noorden van Phrygië, langs de hellingen van de berg Ida, de grote vlak-te van Dardanië op; en daar, niet ver van de plek waar de eerste stad van Ilos’ overgrootvader Dardanos was gebouwd, vlijde het rund zich ten slotte neer. Ilos keek om zich heen. Het was een prima plek voor een nieuwe stad.”

 

Stephen Fry (Londen, 24 augustus 1957)

 

De Amerikaanse dichter Charles Wright werd geboren op 25 augustus 1935 in Pickwick Dam, Tennessee. Zie ook alle tags voor Charles Wright op dit blog.

 

Aardse Muziek

Wat is er aan de hand, grootse architect van het universum?
De sterren vallen,
De maan verdwijnt achter je dampende wasgoed,
Planeten verliezen hun namen,
en de duisternis zakt centimeters onder de aarde.

Hier beneden nemen we het zoals het komt.
De paarden grazen verder en happen door het lange gras,
De honden krimpen ineen,
en de coyotes zingen in de stille bossen, uit het zicht.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Charles Wright (Pickwick Dam, 25 augustus 1935)

 

Onafhankelijk van geboortedata

De Italiaanse schrijver en vertaler Vincenzo Latronico werd geboren in Rome in 1984. Zie ook alle tags voor Vincenzo Latronico op dit blog.

Uit: De perfecties (Vertaald door Manon Smits en Pieter van der Drift)

“In een hoek, op een aantal krukjes en omgekeerde kistjes bevindt zich een klein oerwoud aan alocasia’s, reuzeneuphorbia’s, ficus benjamina’s en philodendrons met donzige stelen, strelitzia’s en dieffenbachia’s. Achter de glazen deur een glimp van een balkon met twee stoelen en een tafeltje met een porseleinen asbak, een lichtsnoer.
Vanuit het tegenoverliggende gezichtspunt is de rest van de woonkamer te zien: een lage sofa en een Deense fauteuil – afgerond mahonie, petrolblauwe ruwe katoen; een plaid met visgraatmotief; een nachtblauw stoffen elektriciteitssnoer waaraan een gloeilamp hangt met een kunstige gloeidraad erin; stapels oude nummers van Monocle en The New Yorker op een zwart metalen bijzettafeltje, met ook een koperen kandelaar en een glazen kom vol fruit.
Verder een roldeurkast met daarop stekjes in glazen pot- ten, graslelies en een reeds ontkiemde avocadopit; een analoge platenspeler; twee vloerluidsprekers die zijn aangesloten op een buizenversterker op een lage plank; erboven een lp-verzameling waarvan de bijzonderste exemplaren met de hoes naar voren zijn uitgestald – een limited edition van In Rainbows, een eerste persing van Kraftwerk. Een drakenbloedboom projecteert een handvormige schaduw. Een poster van het Primavera Sound-festival.
Een zandkleurige berber met een licht geometrisch motief zorgt ervoor dat de woonkamer een eenheid vormt. De wanden zijn aan weerszijden symmetrisch onderbroken door dubbele deuren van sloophout waarop nog strepen pistachegroene verf te zien zijn. De deuren zijn dicht, wat de niet al te grote ruimte een knusse, intieme, bijna opgepropte sfeer geeft. Een woonkamer om zachtjes in te kletsen op een winteravond bij gedempt licht.”

 

Vincenzo Latronico (Rome, 1984)

 

Zie voor de schrijvers van de 24e augustus ook mijn blog van 24 augustus 2020 en eveneens mijn blog van 24 augustus 2019 en ook mijn blog van 24 augustus 2018.

X. J. Kennedy, Elisabeth Alexander

De Amerikaanse dichter, schrijver, vertaler en bloemlezer X.J. Kennedy werd geboren in Dover, New Jersey op 21 augustus 1929. X. J.. Kennedy overleed op 30 januari van dit jaar op 96-jarige leeftijd. Zie ook alle tags voor X. J. Kennedy op dit blog.

 

CITY CHURCHYARD

BITTER MAN

From birth screwed tight, I writhed inside my soul.
Now like a screw I fill a twisted hole.

WRITER

I who once dealt in words and set great store
On words have, in a word or two, no more.

PREACHER

Too late. The Hell I threatened cannot hurt you.
The wordless worm best knows how to convert you.

ANYMAN

Friend, though you call, you will not find me in.
My tombstone? Just an answering machine.

MISANTHROPE

Does misery love company? So they say.
But how am I in misery? Keep away.

ATTORNEY

In compost lying low, composed in face,
I scribble briefs for Jesus, just in case.

 

What We Might Be, What We Are

If you were a scoop of vanilla
And I were the cone where you sat,
If you were a slowly pitched baseball
And I were the swing of a bat,

If you were a shiny new fishhook
And I were a bucket of worms,
If we were a pin and a pincushion,
We might be on intimate terms.

If you were a plate of spaghetti
And I were your piping-hot sauce,
We’d not even need to write letters
To put our affection across,

But you’re just a piece of red ribbon
In the beard of a Balinese goat
And I’m a New Jersey mosquito.
I guess we’ll stay slightly remote.

 

Mixed-Up School

We have a crazy mixed-up school.
Our teacher Mrs. Cheetah
Makes us talk backwards. Nicer cat
You wouldn’t want to meet a.

To start the day we eat our lunch,
Then do some heavy dome-work.
The boys’ and girls’ rooms go to us,
The hamster marks our homework.

At recess time we race inside
To don our diving goggles,
Play pin-the-donkey-on-the-tail,
Ball-foot or ap-for-bobbles.

Old Cheetah with a chunk of chalk
Writes right across two blackboards,
And when she says, “Go home!” we walk
The whole way barefoot backwards.

 

X. J.. Kennedy (21 augustus 1929 – 30 januari 2026)

 

De Duitse dichteres en schrijfster Elisabeth Alexander werd geboren op 21 augustus 1922 in Linz am Rhein. Zie ook alle tags voor Elisabeth Alexander op dit blog.

 

Mijn vader

Mijn vader
droeg zijn oude grijze hoed
als een kroon op zijn hoofd
hij droeg hem in de zomer
hij droeg hem in de winter
voor mij, het kind
was de hoed op mijn vaders hoofd
vanzelfsprekend
net als het schort van mijn moeder.
hij droeg zijn hoed
mijn vader
als hij in zijn werkplaats zat
te werken
als hij op het land werkte
als hij in de tuin werkte
hij zette hem af als hij at
en voor zijn uitstapjes naar de stad
naar de kerk
gebruikte hij een andere
soms zit ik ook met een soort
hoofddeksel achter de typemachine
stofzuig ik met een pet
op mijn hoofd
doe ik de afwas met een hoedje op
en slaap ik ook graag
met een muts op mijn hoofd
misschien wilde mijn vader, en nu ik
gewoon met een warm hoofd
rondlopen
misschien ook nooit de gedachten
koud laten worden.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Elisabeth Alexander (21 augustus 1922 – 17 januari 2009)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 21e augustus ook mijn blog van 21 augustus 2024 en ook mijn blog van 21 augustus 2020 en eveneens mijn blog van 21 augustus 2019 en ook mijn blog van 21 augustus 2016 en ook mijn blog van 21 augustus 2016 deel 2.

Anneke Brassinga, Li-Young Lee

De Nederlandse dichteres, schrijfster en vertaalster Anneke Brassinga werd geboren in Schaarsbergen op 20 augustus 1948. Zie ook alle tags voor Anneke Brassinga op dit blog.

 

Nagedachte

Al dat zinnentuig, en dan nog geen sjoege
van wat brandt in de pit waar zich verduren moet
het schroeiend neteligs en de zweepslag

van angst alsof ooit iets stilvallen zou; terwijl
op dode stronken mos gedijt, in tierende varens
uitbreekt begraven gebeente!

Kunnen dan niet, als ontzind en huidloos
doordringend verliefde grondstof, tot één zacht
vuurtje nu vervloeien mijn de weg kwijt-

rakende voortstrompeling en jouw
als sneeuw voor de zon ronddwarrelende
afwezigheid?

 

De wegen der vrijheid

Op water lopen? Zee is bedrieglijk en veel te diep
al ligt zij daar en lijkt een dier te wezen
want rillingen van schuim gaan overheen
haar luie lijf dat ademt als een stier zo luid.

Beter is wandelen door de hoge lucht
daar weet je zeker dat je niet kunt gaan
maar heel het mensdom zal versteld staan
hoe rap van dwalingen je keert.

 

Maart

Onder stammen staat het blank
als glas over roestend blad.
Onder lucht staat het zwart

bos ontdaan tot bot.
In wortels rust vuur,
het raast in wind.

Kindjes vallen, hun kreten
scherven strijdmetaal.
Zomer is hiernamaals, straks.

 

Anneke Brassinga (Schaarsbergen, 20 augustus 1948)

 

De Amerikaanse dichter Li-Young Lee werd geboren op 19 augustus 1957 in Jakarta, Indonesië. Zie ook alle tags voor Li-Young Lee op dit blog.

 

Met ruïnes

Kies een rustige
plek, een ruïne, een huis dat geen
huis meer is,
waaronder ik op een dag onder de stenen boog stond
om te schuilen voor de regen.

De vloer zonder dak, verticale
stijlen, acht houten kolommen
die niets dragen,
twee trappen die nergens heen leiden, alles
doet het lijken

op een schets, aantekeningen bij een huis, een drie-
dimensionaal raster dat afwezigheden,
overbrugt
een idee
dat verdwijnt in de oneindige regen,

of juist dat idee
dat tevoorschijn komt, skeletachtig
tegen de gehamerde hemel, een
menselijk iets, schoon en duidelijk te zien
van hieruit tot in een ijzeren hemel.

Een plek waar dingen
gezegd en gedaan werden,
daar kun je je herinneren wat je je moet
herinneren. Melancholie is nuttig. Neem die van jou mee.

Er zijn geen buren die zich afvragen
wie je bent,
wat je daar doet,
als je daar loopt,
af en toe stilstaat

om een afbrokkelende steen aan te raken
of in een deuropening te staan
omlijst door de dag.
Niemand hoeft te weten dat je
denkt aan een andere deuropening

die de regen of het nieuws van de oorlog omlijstte
afhankelijk van welke kant je opkeek.
Je denkt aan zeewegen en landwegen
waar je ooit over reisde, en altijd
in dezelfde richting: weg.

Je denkt
aan een vrouw, een favoriete
jurk, de borsten van je oude vader
de laatste keer dat je hem zag, zijn adem,
kort, het blad

dat je van een wijnrank hebt geplukt en dat je nu
tegen je wang houdt als een treinkaartje
of een stuk stof, een handje of een mes –
het hangt allemaal af
van de loop van je herinnering.

Het is een plek
voor hen die geen eigen plek hebben
om te corresponderen met ruïnes in de ziel.
Het is van mij.
Het is helemaal van jou.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Li-Young Lee (Jakarta, 19 augustus 1957)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 20e augustus ook mijn blog van 20 augustus 2020 en eveneens mijn blog van 20 augustus 2019 en ook mijn blog van 20 augustus 2017 deel 1 en ook deel 2 en eveneens deel 3.

Jonathan Coe, Li-Young Lee

De Engelse schrijver Jonathan Coe werd geboren op 19 augustus 1961 in Birmingham. Zie ook alle tags voor Jonathan Coe op dit blog.

Uit: De afschuwelijke eenzaamheid van Maxwell Sim (Vertaald door Otto Biersma en Willem Muilenburg)

“… De mensheid is, zoals je misschien gemerkt hebt, erg inventief geworden in het bedenken van manieren om te voorkomen dat we met elkaar praten, en ik heb me met volle overtuiging gestort op de meest recente daarvan. Ik sms liever dan dat ik de telefoon gebruik. Liever dan dat ik met een van mijn vrienden afspreek, zet ik een vrolijke, ironische update op Facebook, zodat iedereen kan zien wat voor een druk leven ik leid. En waarschijnlijk waren er mensen die ervan genoten, want ik had nu al meer dan zeventig vrienden op Facebook, merendeels volstrekt onbekenden. Maar echt persoonlijk contact, in de trant van: zullen-we-ergens-koffie-gaan-drinken-en-even-bijpraten? Het leek wel of ik vergeten was wat dat precies was…”
[…]

“… Er is één ding dat mensen van mijn leeftijd niet kunnen uitstaan, namelijk dat mensen van jouw leeftijd gaan preken over moraal. Kijk naar de wereld om je heen. De wereld die jij ons hebt nagelaten. Vind je dan dat je ook maar iets mag zeggen over principes? Ik ben het zat om te horen dat mijn generatie geen normen en waarden heeft. Dat we zo vreselijk materialistisch zijn. Dat we geen belangstelling voor politiek hebben. Weet je hoe dat komt? Doe eens een gok. Precies! Omdat jullie ons zo hebben opgevoed! Jij vindt dat we een product van Margaret Thatcher zijn, maar jullie hebben op haar gestemd, keer op keer, en daarna hebben jullie gestemd op iedereen die na haar kwam en precies hetzelfde deed. Jullie hebben hebberige zombies van ons gemaakt. Jullie hebben alle andere normen onder het tapijt geveegd. Het christendom? Niet nodig. Solidariteit? Wat heeft dat ooit opgeleverd? Echt handwerk? Dingen maken? Dat is voor losers. We laten de losers in het Verre Oosten alles voor ons maken en wij zitten op onze reet voor de tv te kijken hoe de wereld naar de verdommenis gaat, in breedbeeld en HD, dat spreekt vanzelf…”

 

Jonathan Coe (Birmingham, 19 augustus 1961)

 

De Amerikaanse dichter Li-Young Lee werd geboren op 19 augustus 1957 in Jakarta, Indonesië. Zie ook alle tags voor Li-Young Lee op dit blog.

 

Ik vraag mijn moeder te zingen

Ze begint, en mijn grootmoeder zingt met haar mee.
Moeder en dochter zingen als jonge meisjes.
Als mijn vader nog leefde, zou hij
op zijn accordeon spelen en wiegen als een boot.

Ik ben nooit in Peking geweest, of in het Zomerpaleis,
noch heb ik op de grote Stenen Boot gestaan ​​om te zien
hoe het begint te regenen op het Kuen Ming-meer, hoe de picknickers
wegrennen in het gras.

Maar ik vind het heerlijk om het te horen zingen;
hoe de waterlelies zich vullen met regenwater tot
ze kantelen, water in water morsen,
en dan weer terug deinen en zich vullen met meer water,

Beide vrouwen beginnen te huilen.
Maar geen van beiden stopt met zingen.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Li-Young Lee (Jakarta, 19 augustus 1957)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 19e augustus ook mijn blog van 19 augustus 2020 en eveneens mijn blog van 19 augustus 2019 en ook mijn blog van 19 augustus 2017 deel 2.

Caroline Emcke, Idea Vilariño

De Duitse schrijfster en journaliste Caroline Emcke werd geboren op 18 augustus 1967 in Mülheim an der Ruhr. Zie ook alle tags voor Caroline Emcke op dit blog.

Uit: Respekt ist zumutbar: Texte zu unserer Gegenwart

»Hüter, ist die Nacht bald hin?«, in der Zeile aus dem »Lobgesang« von Mendelssohn Bartholdy, den alten Worten aus dem Buch Jesaja, klingt das furchtsame Unbehagen an, das mancher in diesen Tagen spürt: »Hüter, ist die Nacht bald hin?« möchten wir flüstern angesichts der Nöte und Krisen, deren Zeugen wir werden. Die simultane Dringlichkeit der Konflikte zwischen der Ukraine und Russland, in Syrien und im Irak, bis vor Kurzem zwischen Gaza und Israel, die atem-beraubende Geschwindigkeit, mit der Heimaten vernichtet oder verschoben werden, und die unheimliche Entgrenzung der Gewalt, das verfolgen wir, von morgens bis nachts — und möchten nurmehr, dass es heller werde. Wir schauen zu, wie türkische Soldaten dabei zuschauen, wie Kurden in Kobanê im Kampf gegen die IS-Miliz sterben, eben jene Kurden, die fast allein die staatliche Einheit des Irak verteidigen sollen, denen aber ein eigener Staat nicht zugestanden wird. Wir schauen zu, wie Zivilisten in der Ostukraine an der Bruchlinie Europas zerrieben werden. Wir schauen zu, wie junge Studenten in Hongkong bewusstlos geknüppelt werden, während sie für Bürgerechte demonstrieren, wir schauen zu, wie junge Journalisten, muslimische oder jüdische oder katholische, gefoltert und getötet werden. Wir schauen zu, wie Flüchtlinge, die an ein Europa der Menschenrechte noch glauben, sich an unseren Grenzzäunen den Leib aufreißen oder vor unseren Stränden ertrinken. Und unsere eigene passive Zeugenschaft wird fraglich. Wie lange wollen wir so zusehen? Wie lange können wir zusehen? Wer sind wir, die wir da jeden Tag, jeden Moment, gewissermaßen im Liveticker, Menschen im Wendekreis des Elends betrachten? Wer sind wir, die wir, unbewusst oder bewusst das Leid auch noch hierarchisieren, die wir unterscheiden und werten, je nach eigener religiöser Zugehörigkeit, kultureller oder ethnischer Prägung, je nach Hautfarbe oder Geschlecht, dann noch manche Gewalt erschütternder als andere empfinden. Weil uns die einen näher sind als die anderen. Die amerikanische Autorin Susan Sontag glaubte einst noch, dass das Betrachten des Leids der anderen die Zu-schauer mitunter mit einer gewissen Erleichterung erfüllen könnte. Wie immer groß die »Tele-Intimität aus Tod und Zerstörung« (Sontag) auch sein mochte, Zuschauen bedeutete eben auch, nicht dort zu sein, nicht bedroht zu sein, nicht schutzlos zu sein, bedeutete die Gnade, verschont zu sein von jenem Leid. In dieser Hinsicht konnte sich im Leid der anderen auch das eigene Glück spiegeln.“

 

Caroline Emcke (Mülheim an der Ruhr, 18 augustus 1967)

 

De Uruguayaanse dichteres Idea Vilariño werd geboren op 18 augustus 1920 in Montevideo. Zie ook alle tags voor Idea Vilariño op dit blog.

 

De huid

Jouw aanraking
jouw huid
zacht, sterk, uitgestrekt
vreugde schenkend
gehecht
aan liefde, aan warmte.

Bleek op het voorhoofd
fijn op de botten
droevig bij de slapen
sterk in de benen
zacht in de wangen
en levendig
heet
vol vuur
levend
met een leven dat graag doorgegeven wil worden
teder
overgegeven, intiem
Dat was jouw huid
wat ik nam
wat jij gaf.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

 Idea Vilariño (18 augustus 1920 – 28 april 2009)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 18e augustus ook mijn blog van 18 augustus 2025 en ook mijn blog van 18 augustus 2024 en ook mijn blog van 18 augustus 2018 en ook mijn blog van 18 augustus 2017 en ook mijn blog van 18 augustus 2016 en ook mijn blog van 18 augustus 2013 deel 1 en ook deel 2.

Guillaume van der Graft, Mary Jo Salter

De Nederlandse dichter Guillaume van der Graft (eig. Willem Barnard) werd op 15 augustus 1920 geboren in Rotterdam. Zie ook alle tags voor Guillaume van der Graft op dit blog.

 

Globaal gesproken

Het geloof dat de aarde rond is
heeft ernstig geleden,
er kwamen onvermoede hemelstreken
overdrijven en de Dom bleef onbedreigd
recht staan,

er waren oppervlakkigheden,
er was een zee van gelijk,
er woedde een storm van religie
maar de hemel bleef even ver
boven ons, waar wij ook waren.

Nee, de aarde is alleen rond
voor wie zichzelf tegenkomt,
waar hij ook heen gaat.

 

Overlijdensberichten

Het sterft om mij heen, ik blijf over
voorlopig. Ik reken niet meer
met lustra, decennia, al dat Latijn.

Dat ik nog leef is een feit
maar het begin van een leugen. Ik
zit als een klein

kind tussen zijn speelgoed
met al die heugenis
aan wat en waar en wie. Het is

een stage in stervelingschap.

 

Eenzamerij

Het spijt mij dat er zoveel leven is
dat niet mee mocht in mijn gedicht: bacillen
bijvoorbeeld, onwelwillende

kiemen, de zwanenzang
van hoestende longen, klieren
waaruit alleen maar tranen

geboren worden. Hun taal
verdraagt mijn woorden niet.

Dat dingen niet bestaan is geen bezwaar
getuige die denkwaardige
vissen die naar mij fluiten, vogels

die met nieuwsgierige kieuwen
toonladders oefenen, tak op tak af.
Ze schuilen hier, ze waren nergens welkom,

tenzij bij die eenzamerij van mij.

 

Guillaume van der Graft (15 augustus 1920 – 21 november 2010)


De Amerikaanse dichteres Mary Jo Salter werd geboren op 15 augustus 1954 in Grand Rapids, Michigan. Zie ook alle tags voor Mary Jo Salter op dit blog en ook mijn blog van 15 augustus 2010.

 

Een regenboog boven de Seine

Eerst geruisloos, een zweem
van mist in het gezicht, een briesje
vochtigheid dat nooit
een stortbui zou worden.

Totdat de doorweekte wolken
banken plotseling met een luide
klap in de Seine leeglopen,
gevolgd door een ovatie

voor de ondoordringbare
zon – die onze schoenen nog laat glanzen
terwijl ze zich vullen
als open bootjes en de zeilen

van onze krantenhoedjes
wapperen, en omdat
niemand eraan gedacht heeft
een paraplu mee te nemen,

als alternatief een regenboog plaatst.
Een regenboog boven de Seine,
perfect gevormd als een ophaalbrug
gedroomd door een kind

met kleurpotloden, en volgens de wet
van dromen kan de verbinding
eenmaal gelegd alleen maar verloren gaan;
Omdat we geen kinderen meer zijn

staan we boven het rooster
van de metro die we niet nemen,
met de donder onder onze voeten, en
nemen we in ons op wat we weten:

de triomf van deze arc-
en-ciel, de schittering
van dit monumentale
prisma doorsneden door motregen, is

dat het verdwijnt.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Mary Jo Salter (Grand Rapids, 15 augustus 1954)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 15e augustus ook mijn blog van 15 augustus 2020 en eveneens mijn blog van 15 augustus 2019 en ook mijn blog van 15 augustus 2016 en eveneens mijn blog van 15 augustus 2015 deel 2 en ook deel 3.