Sommersonate (Georg Trakl), Marica Bodrozić, Mirko Wenig

 

 

Een vijver in de zomer door Peder Mørk Mønsted, 1906

 

Sommersonate

Täubend duften faule Früchte.
Busch’ und Bäume sonnig klingen,
Schwärme schwarzer Fliegen singen
Auf der braunen Waldeslichte.

In des Tümpels tiefer Bläue
Flammt der Schein von Unkrautbränden.
Hör’ aus gelben Blumenwänden
Schwirren jähe Liebesschreie.

Lang sich Schmetterlinge jagen;
Trunken tanzt auf schwülen Matten
Auf dem Thymian mein Schatten.
Hell verzückte Amseln schlagen.

Wolken starre Brüste zeigen,
Und bekränzt von Laub und Beeren
Siehst du unter dunklen Föhren
Grinsend ein Gerippe geigen.

 

Georg Trakl (3 februari 1887 – 4 november 1914)
Salzburg, de geboorteplaats van Georg Trakl

 

De Duitse dichteres en schrijfster Marica Bodrozić werd geboren op 3 augustus 1973 in Zadvarje in het toenmalige Joegoslavië. Zie ook alle tags voor Marica Bodrozić op dit blog.

Uit: Pantherzeit: Vom Innenmaß der Dinge

„Der Frühling ist gekommen. Seine Schönheit und sein Licht sind überirdisch wirksam. Mit der wärmenden Sonne ist unsere Innenzeit einhergegangen. Auf der ganzen Welt sitzen die Menschen in ihren Wohnungen fest. COVID-19 hat uns alle auf die gleiche Weise getroffen: als atmende Einzelwesen, die mit dem empfindlichsten Organ ihres Körpers mit allen anderen Einzelwesen verbunden sind. Vielleicht haben wir das vergessen, diese Verbindung, die die Luft uns zuweist. „Alles, was man vergessen hat”, schreibt Elias Canetti, „schreit im Traum um Hilfe.” Diese Pandemie trägt traumhafte Züge, sie fühlt sich auf eine merkwürdige Weise zeitgleich wirklich und unwirklich an, sie agiert nach Gesetzen, die wir nicht oder noch nicht genau genug kennen. Sie hat die Regie über unsere Gedanken übernommen. Aber es gibt immer noch die Innenwelt, den Blick, der mitgestaltet, weil er genauer sieht und ein Sehen ermöglicht, das alles ändern kann.
Meine Innenwelt möchte dieser äußeren Regie der kollektiven Gedanken widerstehen, ich kann sie lesen, das genügt; also verschlingt sie mich auch nicht. Eine starke Ruhe kehrt in mich ein. Mein Kind sieht mich in diesem Augenblick an, in dem sich alles in mir neu sortiert. Gregor schaut erst unsere Tochter, dann lange und ausdauernd mich an. Ohne zu sprechen wissen wir beide, was wir in diesem Augenblick denken. Denn so viele Jahre haben wir uns immer wieder gefragt, was in unserer Zeit an der Stelle eines Kriegs auf uns zukommen könnte, das unser al-ler Leben verändert. Wir haben über Wasserknappheit nachgedacht, über Klima-katastrophen, über die Gier der wenigen Reichen, über Diktaturen. Aber so etwas haben wir uns nie vorstellen können. Jetzt ist eine Zeitenwende da, und wir sind ihr Anfang, der anderen einmal Geschichte sein wird. Es könnte lange dauern, denke ich. Mein inneres Leben greift gleichsam von alleine auf tiefere Flüge der Seele zurück, die Brücke ist einmal mehr das Buch, diese Welt aus Blättern, die mir schon so viele Male das Leben gerettet hat, die mich zum Atem geführt hat, der aus der Ruhe kommt.“

 

Marica Bodrozić (Zadvarje, 3 augustus 1973)

 

De Duitse dichter Mirko Wenig werd geboren op 3 augustus 1977 in Gera. Zie ook alle tags voor Mirko Wenig op dit blog.

 

Kleinsteedse Indianen

Ze rijden niet. Maar
ze bewaken
de maan als ze ’s avonds
samenkomen beneden
op de parkeerplaats waar
de bezorgauto’s staan:
ze worden bespied
door de ogen van buren
achter de gordijnen.

En de een schreeuwt in de wind,
de ander voert kunstjes uit
op de achterkant van zijn skateboard.
O, ze vertrouwen de stilte niet,
hebben geen bivak opgeslagen,
en steeds weer,
het bij elkaar steken van de hoofden,
het uitwisselen van kusjes
met bleke meisjes.
aan de overkant, op de spoordijk,
groeien kabels uit het gras;
hier zijn geen treinvonken meer te zien.

Dan plotseling, het vertrek.
Ze gaan naar huis of
naar een café
waar geen bier meer is: onderweg
veranderen de scheuren in het asfalt
in kleine slangetjes.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Mirko Wenig (Gera, 3 augustus 1977)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 3e augustus ook mijn blog van 3 augustus 2023 en ook mijn blog van 3 augustus 2020 en eveneens mijn blog van 3 augustus 2016 en mijn blog van 3 augustus 2015 en eveneens van 3 augustus 2011 deel 1 en eveneens deel 2.

Im Sommerwind (Reinhold Fuchs), Jussi Adler-Olsen, Conrad Aiken

 

 

Tarweveld in de zomer door Ludmilla Ukrow, 2021

 

Im Sommerwind

Hoch stehen des Roggens mattgoldene Wände
Zur Rechten und Linken in flimmerndem Duft.
Schwellender Segen rings und kein Ende;
Kosend, wie schmeichelnde Mutterhände,
Streichelt die nickenden Ähren die Luft.

Sinnend vom Feldrain im Schwarzdornschatten
Laß ich ins Weite die Blicke gehn. –
Herz, o wie sanft sich die Sorgen bestatten,
Wenn um glühenden Mohn über grünende Matten
Hauche von blühenden Rosen wehn!

Was du in sternlosen Nächten geduldet,
Was du verloren, versäumt und verschuldet,
Dünkt dich ein Traum, der verweht und zerrinnt,
Während wie segnender Feen Schreiten
Rings in den wogenden Halmengebreiten
Flüstert und säuselt der Sommerwind.

 

Reinhold Fuchs (8 juni 1858 – 12 mei 1938) 
Leipzig, de geboorteplaats van Reinhold Fuchs

 

De Deense schrijver Carl Henry Valdemar Jussi Adler-Olsen werd geboren op 2 augustus 1950 in Kopenhagen. Zie ook alle tags voor Jussi Adler-Olsen op dit blog.

Uit: Dossier 64 (Vertaald door Kor de Vries)

“Proloog
November 1985
Op een onvoorzichtig moment ging haar gevoel met haar op de loop. Het koele, broze champagneglas tussen haar vingers, het geroezemoes van stemmen en de soepele hand van haar man om haar middel. Afgezien van verliefdheid waren er slechts fracties van seconden in een verre jeugd die dit gevoel konden oproepen. De geborgenheid van haar grootvaders gekeuvel. Gedempt gelach, terwijl je in slaap viel. Gelach van mensen die allang verdwenen waren. Nete perste haar lippen op elkaar om haar gevoel niet met haar op de loop te laten gaan. Dat gebeurde af en toe. Ze rechtte haar rug en keek uit over het rijke palet aan fleurige jurken en ranke ruggen. Er waren veel mensen afgekomen op het feestdiner ter ere van de Deense winnaar van de Grote Scandinavische Prijs voor Medicijnen van dit jaar. Onderzoekers, artsen, de hotshots van het land. Een gezelschap waar ze niet echt voor was geboren, maar waar ze zich in de loop van de jaren steeds beter op haar gemak voelde. Ze haalde diep adem en wilde een tevreden zucht slaken, toen ze door de menigte van hoog opgestoken haar en mannen met strak geknoopte vlinderdasjes veel te duidelijk een blik op zich gericht voelde worden. Deze ondefinieerbare, verontrustende elektrische ontladingen die alleen ogen kunnen uitzenden die niets goeds met je voor hebben. Ze dook instinctief opzij, als een opgejaagd dier dat dekking zoekt in het struikgewas. Ze legde haar hand op de arm van haar man en probeerde te glimlachen, terwijl haar ogen heen en weer schoten tussen de in feestkleding gestoken lijven en de lichte rook van de kroonluchters. Een vrouw gooide in een moment van vrolijkheid haar hoofd achterover en maakte zo een blik op de achterste muur van de zaal mogelijk. Dáár stond hij. De gestalte stak als een vuurtoren boven iedereen uit. Ondanks zijn ronde rug en zijn kromme benen een massief, reusachtig wild dier dat zijn ogen als schijnwerpers over de menigte liet glijden. Ze voelde opnieuw zijn intense observatie diep in haar lijf en wist heel zeker dat alles in haar leven in een paar seconden in elkaar zou storten als ze op dit moment niet reageerde.”

 

Jussi Adler-Olsen (Kopenhagen, 2 augustus 1950)

 

De Amerikaanse schrijver en dichter Conrad Potter Aiken werd geboren in Savannah, Georgia op 5 augustus 1889. Zie ook mijn blog van 5 augustus 2010 en eveneens alle tags voor Conrad Aitken op dit blog.

 

Preludes voor Memnon

XLII

Sluit het dagboek in je hart, dat de natuur bijhoudt;
Rep van het berijpte, kreupele waterkersblad;
Zie dat de hagendoornboog met ijs is opgetuigd,
En dat de slak, mettertijd, door malheur bevangen raakt;
Ontwerp de winter op een vensterglas,
Laat in een door de herfst uitgewoond web een waterig zonnetje schijnen;
Herinner je de zomer als de vliegen niet meer zoemen;
Herinner je de lente als de kille spin slaapt.

Zo’n dagboek zegt ook het volgende: het hart
Sloeg vandaag twee of drie keer zonder goede reden,
Voor vrienden en geliefden die voor hun tijd gestorven zijn,
Voor wijsheid die te laat kwam, en voor niets.
Noteer ‘de hand die schudt’, ‘het oog dat staart’;
‘De stap die wankelt tussen vanwaar en vandaar’;
Aanschouw dat rozenbottels en bessen het helderst rood
Opgloeien als Noordpool en zon het verst van elkaar af staan.

Teken aan dat de maan er is, koud als altijd,
Met de eeuwen op haar gelaat, en ijs en sneeuw,
Zoals alleen de tot stand brengende geest kan weten,
Wanneer liefde en haat twijgen zijn die beven.
PS: het is opgehouden met regenen.
De wind draait vanuit het zuidwesten naar het zuiden,
Alle rampen zijn vergeten, pijntjes vergeven,
En de veranderlijke Poolster straalt voor eeuwig.

Zeg dan: ik was onderdeel van het ontwerp van de natuur,
Kende haar koude hart, want ik was bewustzijn,
Dat ermee begon haar te haten en op het laatst haar zegende.
Ik geloofde in haar, twijfelde, geloofde opnieuw.
Mijn geliefde korstmos had dezelfde wortels als ik,
De sneeuwvlok was mijn vader; ik keer terug,
Na dit intermezzo vol vertrouwen en vragen,
Naar het hart van Moeder aarde, even pijnlijk als toen ik ontstond.

 

Vertaald door Hans Dekkers & René Huigen

 

Conrad Aiken (5 augustus 1889 – 17 augustus 1973)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 2e augustus ook mijn blog van 2 augustus 2020 en eveneens mijn blog van 2 augustus 2018 en ook mijn blog van 2 augustus 2017 en ook mijn blog van 2 augustus 2011 deel 2.

Gerrit Krol, Mehis Heinsaar

De Nederlandse dichter en schrijver Gerrit Krol werd geboren op 1 augustus 1943 in Groningen. Zie ook alle tags voor Gerrit Krol op dit blog.

 

Existentie

Heldere nacht met zijn sterren –

minstens één kleine ster is er,
door niemand ooit gezien.

Eén lantaarn vannacht
die heeft geschenen op de tegels
voor niets.

Eén straatlantaarn die heeft geschenen
de hele nacht in een kamer.

Eén man is er die fietst
in de donkere morgen.

Eén man die niet heeft geslapen
en stilstaat voor het licht,

één gedachte, één zweepslag.

 

Distantie

Als je door de wolken vliegt maak je het mee:
hoe wit de wereld is
en dicht,
baard van sinterklaas,
kleefband
plakt waar het dunste is,
waar het glinstert
in de diepte: de Noordzee

in de microscoop de zon
een gele vla

staat aan de randen op.

 

Fur

Ongerept, ongestreken
zonder stemrecht, onvoorzichtig
onbevreesde onverlaat
opvallend langs de kreek
die zilverwit – daar
gaat hij, zoolganger
zonder Winchester, ongevraagd
ongegrond, onverminderd
onheilspellend, ontveld
gestroopt leven
door het ruggemerg
te scheiden, te drenken
te verven, te bezielen
pelswerk, laatste ventiel.

 

Gerrit Krol (1 augustus 1934 – 24 november 2013)

 

De Estse schrijver Mehis Heinsaar werd geboren op 1 augustus 1973 in Tallinn. Zie ook alle tags voor Mehis Heinsaar op dit blog.

 

VOOR EN NA

Voor en na
grote oorlogen,
filosofiestudies
en glazen miljoenensteden,
romances van ravissante beauty’s,
gastronomische wonderwerken
en veroveringen
van ongenaakbare bergtoppen,

voor en na
geniale ontdekkingen
op het gebied van de kwantumfysica,
allesverwoestende epidemieën,
bewonderenswaardige tirannen en
een kortstondige triomf
van de democratie

scharrelt er
op een augustusmorgen,
als de vale mist
nog boven de zee hangt,
een mager vosje
langs de lange, zandige kust bij Rooslepa
richting Spitham.

De koele, windstille ochtend
maakt zoetjesaan plaats
voor een warme, zonnige dag.

 

Vertaald door Frans van Nes

 

Mehis Heinsaar (Tallinn, 1 augustus 1973)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 1e augustus ook mijn blog van 1 augustus 2020 en eveneens mijn blog van 1 augustus 2019 en ook mijn blog van 1 augustus 2017 en ook mijn blog van 1 augustus 2011 deel 3.