Liliana Corobca, Tadeusz Różewicz

De Roemeense schrijfster Liliana Corobca werd geboren op 10 oktober 1975, in het dorp Săseni, raion Călărași, Sovjet Socialistische Republiek Moldavië. Zie ook alle tags voor Liliana Corobca op dit blog.

Uit: Kinderland (Vertaald door Jan Willem Bos)

“De moeders komen!
Net als de geiten in het sprookje komen de moeders naar huis, trillend van opwinding en angst wachten de bokjes thuis op hen, zijn ze niet door de wolf verslonden? De kinderen huilen bij de komst van de moeders, die overdonderd en ontdaan zijn hoeveel hun kroost is gegroeid tijdens hun afwezigheid. De moeders komen naar de kinderen van het dorp, want nu is het zomer en hebben ze vakantie, alleen onze moeder komt niet.
Ik wil er niet eens aan denken dat ik zou willen dat oma doodgaat zodat mama en papa allebei meteen naar huis komen. Dat hebben al oma’s kinderen zo besloten en daarom zijn we deze zomer alleen thuis. Onze ouders hebben dat afgesproken zodat ze niet twee keer hoeven te komen en twee keer geld uitgeven voor de reis. Afgelopen zomer is papa voor een paar dagen gekomen en toen heeft hij wat klusjes gedaan, wat reparaties uitgevoerd. Daarna is ook mama voor vakantie gekomen. En dit jaar wachten ze eerst totdat oma is overleden.
Wanneer mama komt, huilt ze niet in ons bijzijn, ze zegt, weet je, ik moet eventjes de schuur gaan opruimen of het varken knort van de honger of ze bedenkt een ander smoesje om zich te verbergen en daarna, als ze eenmaal uitgehuild is, komt ze glimlachend naar ons toe. En Marcel, die mama zo weinig in haar armen heeft gehouden, wil haar, als ze komt en in de weer is met de bagage en allerlei telefoontjes, zo graag knuffelen, dat hij neerhurkt en een van haar benen omklemt. Mama zegt niets, ze laat het toe, ze zou hem in haar armen willen nemen, maar dat kan nu even niet, daar heeft ze geen tijd voor. Ze loopt, of beter gezegd: ze sleept zich van hot naar her, terwijl Marcel aan haar been blijft hangen.
En een keertje, bij een eerdere gelegenheid, had Marcel zich verstopt, ik weet niet of hij geschrokken was, maar we riepen hem allemaal: Marcel, mama is er, mama zoekt je, en hij zat weggedoken onder de kussens in de woonkamer en we begonnen aan hem te sleuren, maar hij hield de kussens vast en gilde, hij gilde ook toen mama hem in haar armen nam, alsof ze te heet was en hij zich aan haar brandde. Nu verstopt hij zich niet langer. Mama brengt kleertjes, speelgoed, koekjes en heel fraai verpakte chocolaatjes voor hem mee en hij verheugt zich er even ongeduldig op als wij.”

 

Liliana Corobca (Săseni, 10 oktober 1975)

 

De Poolse dichter en schrijver Tadeusz Różewicz werd geboren in Radomsko op 9 oktober 1921. Zie ook alle tags voor Tadeusz Różewicz op dit blog.

 

GOUDEN BERGEN

Voor het eerst
zag ik bergen
toen ik zesentwintig
was

Ik lachte niet
ik schreeuwde niet
in hun aanschijn
sprak ik op fluistertoon

Toen ik thuiskwam
wilde ik vertellen
aan moeder
hoe bergen eruitzien

Het was een ingewikkeld verhaal
’s nachts
ziet alles er anders uit
ook bergen en woorden

Moeder zweeg
misschien was ze in slaap gevallen
van vermoeidheid

In de wolken
groeide de maan
de gouden berg
van arme mensen

 

Vertaald door Karol Lesman

 

Tadeusz Różewicz (9 oktober 1921 – 24 april 2014)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 10e oktober ook mijn blog van 10 oktober 2025 en ook mijn blog van 10 oktober 2021 en ook mijn blog van 10 oktober 2018 en ook mijn blog van 10 oktober 2017 en eveneens mijn blog van 10 oktober 2015 deel 2 en eveneens deel 3.

Herman Brusselmans, Tadeusz Różewicz

De Vlaamse schrijver Herman Brusselmans werd geboren in Hamme op 9 oktober 1957. Zie ook alle tags voor Herman Brusselmans op dit blog.

Uit: Simpele personages

“Kleefland en Dorrus zaten op zekere dag in De Lobos. Ze dronken elk voor zich een Jupiler-pils. Buiten was het weer guur.
“Ik zou wel eens een dierentuin willen bezoeken”: zei Kleefland.
“Ach: zei Dorrus, “je weet niet waar je aan begint. Met al die beesten. Sommige spuwen in je gezicht”.
“Alleen de lama’s”, zei Kleefland, “en daar houd ik afstand van, je kent mij”.
De uitbater, tevens eigenaar van De Lobos, werd Fristi genoemd, vanwege dat roze drankje. Hij zei: “Ook vreemde wezens zijn Idafkoppers”.
“Wat zijn dat?’ wilde Kleefland weten.
“Kleine hagedissen die alleen voorkomen in het verleden”.
“Zijn ze derhalve uitgestorven?’ vroeg Dorrus.
“God mag het weten”, zei Fristi, en hij nam een slok van z’n Fristi. Je mocht hem midden in de nacht wakker maken om zo’n Fristi te drinken, maar niemand maakte hem ooit midden in de nacht wakker, wat hij een voordeel van slapen vond.
Verder zaten er in De Lobos een man in een rolstoel, twee nerveuze vrouwen, en iemand die leek op een jong kind maar toch al negentien jaar was. Hij heette Ros-veld, was op de sukkel en zat vaak op café om de tijd, die zichzelf nooit doodde, alsnog te doden. Op bepaalde tijdstippen ging hij naar het toilet om zich in te spuiten met speed.
“We kennen je niet, oude kerel”, zei Kleefland tegen de man in de rolstoel, “wie ben je?” “Noem jij mij een oude kerel?” zei de man. “Ik ben pas zeventig”.:
“En toch nog in een rolstoel zitten”, zei Dorrus.
“Dat komt door een ongeluk en door niks anders”, zei de man, “ik ben op m’n fiets geschept door een Scania Vabis”.
“Er gebeuren vele ongelukken met Scania’s”, zei Fristi, “en wat doet de regering eraan? Geen fluit”.

 

Herman Brusselmans (Hamme, 9 oktober 1957)

 

De Poolse dichter en schrijver Tadeusz Różewicz werd geboren in Radomsko op 9 oktober 1921. Zie ook mijn blog van 9 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Tadeusz Różewicz op dit blog.

 

Einst habe ich die Muse gefragt,
Und sie antwortete mir
Am Ende wirst du es finden…

maar hij die na het Einde kwam
kreeg geen antwoord

Op weg naar de Nieuwe Mens
het Nieuwe Jerusalem
Utopia

zocht ik moegeworden
naar schaduw
onder de boom van de kennis
van goed en kwaad
maar de boom was verdord
verwaaid

door de zwarte engel beroofd
van geloof hoop liefde
bevond ik me op een weg
leeg donker
ijzig koud

uit de verte bereikte me
geblaf van honden en mensen

maar thuis trof ik Vader
noch mijn broers noch was er brood

voor mij liet ik voetsporen achter
en ik week terug in een land zonder licht

 

Vertaald door Gerard Rasch

 

Tadeusz Różewicz (9 oktober 1921 – 24 april 2014)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 9e oktober ook  mijn blog van 9 oktober 2018 en ook mijn blog van 9 oktober 2017 en eveneens mijn blog van 9 oktober 2016 deel 2.

Menno Wigman, Tadeusz Różewicz

De Nederlandse dichter en vertaler Menno Wigman werd geboren in Beverwijk op 10 oktober 1966. Zie ook alle tags voor Menno Wigman op dit blog.

 

Eindpunt

In bed. De tijd waait weg.
Alleen mijn sigaret en ik.

Hoe komt het toch dat ik,
die sta en val op een gedicht

waarin de wereld feller is,
soms dagen lang niet leven kan?

Ik kan niet leven met gemis
en als ik bij Larissa blijf

verlies ik tijd. Tot aan mijn dood
zal ik mijn grootste vijand zijn.

 

Lichaam, mijn lichaam

Lichaam, mijn lichaam, hoeveel handen
van hoeveel vreemden kreeg je op je af?

Ooit was de dood een klamme kappershand.
Toen kwam de vrieskou van een stethoscoop.

Weer later brak je in een tandartsstoel
of zat een valse leerkracht aan je hoofd.

En dan die metro’s met dat drukke vlees,
dat restvolk dat als vissen langs je gleed

in winkels, liften, stegen en coupés,
lichaam, mijn lichaam, denk toch aan de geur

van eerste kamers en verliefde lakens,
de lente die het in ons werd. Want wij

zijn bang. En angst duurt soms een lichaam lang.
Straks lig ik daar en wordt mijn haar gekamd.

 

Sluipwesp

Een wesp, een sluipwesp, pal onder mijn glas,
die zomer dat ik niks te vrezen had.
Zijn onbeholpen dood in mijn cognac
en ik die nog in vrijheid was. Luister:
ik zag een schilderij waarop doodleuk

een mes was neergelegd en vroeg me af
of die schilder nooit aan gekken had gedacht.
Luister: ik had een vrouw die handen had,
twee handen met een onbeheersbaar gat.

Dus stal ik wel eens wat. Of brak ik in.
Geen woord over die nacht dat ik was betrapt.
Natuurlijk kwam dat mes niet echt van pas.

Hier spreekt een dapper hoofd vol dom verdriet
dat zestig maanden tegen glas aan vliegt.

 

Menno Wigman (10 oktober 1966 – 1 februari 2018)

 

De Poolse dichter en schrijver Tadeusz Różewicz werd geboren in Radomsko op 9 oktober 1921. Zie ook alle tags voor Tadeusz Różewicz op dit blog.

 

eerst

is er het woord
de grote vreugde van het scheppen

na het gedicht
begint
de oneindigheid

leg je oor te horen

voor de begenadigden
verandert deze
in God

maar voor de dichter
gaat de afgrond open

jaren later
wordt hij opgegraven
van modder
stof aarde ontdaan

een steen uit de hemel
een meteoor
van vuur gespeend

 

Vertaald door Gerard Rasch

 

Tadeusz Różewicz (9 oktober 1921 – 24 april 2014)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 10e oktober ook mijn blog van 10 oktober 2021 en ook mijn blog van 10 oktober 2018 en ook mijn blog van 10 oktober 2017 en eveneens mijn blog van 10 oktober 2015 deel 2 en eveneens deel 3.

Herman Brusselmans, Tadeusz Różewicz

De Vlaamse schrijver Herman Brusselmans werd geboren in Hamme op 9 oktober 1957. Zie ook alle tags voor Herman Brusselmans op dit blog.

Uit: De promotie

“Toen ik ongeveer in het midden zat van m’n eerste gedicht, getiteld `De zomer van ’91’, werd m’n zoontje wakker en begon leuk te brabbelen, en kwam m’n vriendin binnen, die niet over de blauweregen repte, maar wel zei: ‘Wil jij de vaatwasser uitruimen?’ Zij haalde ons zoontje uit het park en knuffelde hem, en ik liep naar beneden om de vaatwasser uit te ruimen. De tweede helft van ‘De zomer van ’91’ zou ik later wel schrijven. Een vaatwasser moet nu eenmaal uitgeruimd worden, en het is niet altijd een vrouw die dat moet doen. Dat is althans, als feminist, m’n mening. De tweede helft schreef ik uren later, terwijl m’n vriendin op de bank in slaap gevallen was, en ons zoontje genoot van z’n nachtrust in z’n kamer boven. Ik vond ‘De zomer van ’91’, voor zover ik er verstand van had, geen mis gedicht. Soms rijmden een paar woorden met elkaar, soms Set. Wat ik er leuk aan vond was dat m’n moeder erin voorkwam, in haar mythische bloemetjesjurk. In de zomer van ’92 zou ze overlijden, het ergste nekschot in m’n leven tot dan toe. De dag daarna was Michael, zoals ons zoontje heet, naar de crèche, en was Thera, de naam van m’n vriendin, gaan zwemmen in het Van Eyck-zwembad. Ik zette me aan het schrijven van het tweede gedicht, getiteld te doelman van Dikkelvenne’. Dat kwam zo: eerder die dag was ik naar de Poolse winkel geweest, waar alle producten inderdaad in het Pools zijn gelabeld en belettend. Ik zou enige zakjes nat voer voor onze hond Bert kopen. Dat deed ik. Op weg naar de kassa werd ik staande gehouden door een man met een baard, die zei: `Wie we hier hebben, Walter Waterschoot, ik zag je laatst nog op tv.’ Ik zei dat ik dat niet was, maar wel iemand die erg op mij leek, de imitator Ferdy Smal. ‘Ach zo,’ zei hij, ‘ja, iedereen heeft wel een dubbelganger.’ Hij ging door met lullen en tijdens deze monoloog kwam ik aan de weet dat hij havenarbeider was, dat hij in Zomergem woonde, dat hij speciaal naar Gent en deze winkel kwam om Poolse worst te kopen, volgens hem de beste worst ter wereld, en dat hij voetbalde, als doelman van het elftal van het dorp Dikkelvenne. Tevens zei hij dat z’n vrouw gestorven was aan longkanker en dat ze nooit een sigaret had aangeraakt. Ik condoleerde hem, waarop hij zei: ‘Ze deugde niet. Ik heb om haar geen traan gelaten.”

 

Herman Brusselmans (Hamme, 9 oktober 1957)

 

De Poolse dichter en schrijver Tadeusz Różewicz werd geboren in Radomsko op 9 oktober 1921. Zie ook mijn blog van 9 oktober 2010 en eveneens alle tags voor Tadeusz Różewicz op dit blog.

 

GOUDEN BERGEN

Voor het eerst
zag ik bergen
toen ik zesentwintig
was

Ik lachte niet
ik schreeuwde niet
in hun aanschijn
sprak ik op fluistertoon

Toen ik thuiskwam
wilde ik vertellen
aan moeder
hoe bergen eruitzien

Het was een ingewikkeld verhaal
’s nachts
ziet alles er anders uit
ook bergen en woorden

Moeder zweeg
misschien was ze in slaap gevallen
van vermoeidheid

In de wolken
groeide de maan
de gouden berg
van arme mensen

 

Vertaald door Karol Lesman

 

Tadeusz Różewicz (9 oktober 1921 – 24 april 2014)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 9e oktober ook  mijn blog van 9 oktober 2018 en ook mijn blog van 9 oktober 2017 en eveneens mijn blog van 9 oktober 2016 deel 2.