K. P. Kaváfis, Monika Rinck

De Griekse dichter Konstantínos Petros Kaváfis werd geboren te Alexandrië (Egypte) op 29 april 1863. Zie ook alle tags voor Konstantínos Petros Kaváfis op dit blog.

 

De satrapie

Wat een ongeluk dat, hoewel je bent geschapen
voor de mooie en grote daden,
je onrechtvaardig lot je altijd
aanmoediging en succes onthoudt;
dat zinloze gewoontes, kleinigheden
en onbenulligheden je belemmeren.
En wat is de dag verschrikkelijk waarop je bezwijkt
(de dag waarop je je liet gaan en bezwijkt)
en je je op reis begeeft naar Susa,
en naar monarch Artaxerxes gaat,
die je welwillend aanstelt aan zijn hof
en je satrapieën en dergelijke aanbiedt.
En jij neemt ze aan, in vertwijfeling,
die zaken die je niet wenst.
Je ziel zoekt naar iets anders, weent om iets anders:
de lof van het Volk en van de Sofisten,
het zo begeerde, onschatbare Bravo,
de Agora, het Theater en de Kransen.
Hoe zal Artaxerxes je dit kunnen geven,
waar zul je dit vinden in de satrapie
en wat voor leven zul je leiden zonder dit alles.

 

Philhelleen

Zorg er voor dat het graveren bekwaam gebeurt.
De gelaatsuitdrukking ernstig en majesteitelijk.
Het diadeem liefst wat smal:
die brede van de Parthen zijn niet naar mijn smaak.
Het opschrift zoals gebruikelijk in het Grieks;
niet overdreven, niet hoogdravend –
opdat de proconsul het niet misduiden kan,
hij die alles bespiedt en doorgeeft naar Rome –
maar vererend niettemin.
Iets zeer uitgelezens op de keerzijde:
een of andere mooie jonge discuswerper.
Bovenal druk ik je op het hart, er op toe te zien
(Sithaspes, bij god, laat het niet vergeten worden)
dat na het Koning en het Redder,
met sierlijke letters gegraveerd wordt: Philhelleen.
En kom me nu niet aan met spitsvondigheden
als ‘Waar zijn de Hellenen?’ en ‘Waar is het Grieks
hier achter de Zagros en voorbij Phraäta’.
Aangezien talloze anderen, barbaarser dan wij,
het schrijven, zullen ook wij het schrijven.
Vergeet tenslotte niet dat soms
sofisten uit Syrië naar ons toe komen
en verzenmakers en andere nietsnutten,
zodat we niet zonder Griekse beschaving zijn, dunkt me.

 

Een van de goden

Wanneer een van hen, omstreeks het uur dat het avond wordt,
over de agora van Seleukia ging,
als een lange en volmaakt mooie jongeman,
met de vreugde om onsterfelijkheid in de ogen,
met zijn geparfumeerde zwarte haren,
keken de voorbijgangers naar hem
en men vroeg elkaar of men hem kende
en of hij een Griek uit Syrië, dan wel een vreemde was. Maar sommigen
die met meer aandacht naar hem keken
begrepen, en maakten baan,
en terwijl hij verdween onder de zuilengangen,
in de schaduwen en in de lichten van de avond,
op weg naar de buurt die alleen ’s nachts
tot leven komt met orgieën en drinkgelagen
en elke soort van roes en wellust,
vroegen zij zich af wie van Hen dit misschien was
en voor welk verdacht genot
Hij afgedaald zou zijn naar de straten van Seleukia
uit de Vereerde, Heilige Verblijven.

 

Vertaald door Hans Warren en Mario Molegraaf

 

K. P. Kaváfis (29 april 1863 – 29 april 1923)

 

De Duitse dichteres en essayiste Monika Rinck werd geboren op 29 april 1969 in Zweibrücken. Zie ook alle tags voor Monika Rinck op dit blog.

 

de soufflé (Honingprotocollen)

Horen jullie dat, zo honen honingprotocollen: je moet nu simpelweg niets doen.
Alsof een doorwerkt (als een spons verzadigd) bewustzijn
het voorwerk weigerde. Ik kan me niet verstaanbaar maken. Proberen we het zo:
Je nodigt eters uit, om acht uur en er ligt rood vlees, een berg meel,
smerige wortels en een dozijn eieren en je zegt: dit is de soufflé,
zoals u wilt, of als het dat nu niet is maar over drie uur,
of als ik iemand anders zou zijn, dan zou het precies dat zijn: de soufflé.
Dan vragen de gasten meer bezorgd dan teleurgesteld: wat is er dan gebeurd?
Wat hebt u dan gedaan toen u geen soufflé gemaakt hebt?
Gejammer! De tristesse van de weigering die de verkwisting aan zichzelf
en aan de verkwisters toeschrijft. Omdat de verkwisters hun zorgvuldigheid verkwisten,
verkwisten ze? Zichzelf! Tot zover het vooranalytische laten rondslingeren,
wat echter ook geen oplossing is. Het is of troebel of puur. Zoals je wilt.
Of beter: afhankelijk van waar je op uit bent. Zo bekeken is ook het pure
troebel, zeer troebel. Waarbij de troebelheid erbij blijft in het recht van het pure te zijn.
Maar de gasten hebben het recht aan hun zijde als ze zeggen:
een soufflé ziet er anders uit.

 

Vertaald door Miek Zwamborn

 

Monika Rinck (Zweibrücken, 29 april 1969)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 29e april ook mijn blog van 29 april 2019.

Gerbrand Bakker, Monika Rinck

De Nederlandse schrijver Gerbrand Bakker werd geboren in Wieringerwaard op 28 april 1962. Zie ook alle tags voor Gerbrand Bakker op dit blog.

Uit: Moeder, na vader

“Mijn moeder – geboren op 17 december 1934 – zegt best vaak: ‘Zo lang je eet, ga je niet dood.’ Meestal zegt ze dat als ze ziek of niet lekker is. Mijn vader hield op met eten en ging dus wél dood.
Hij is, iets anders kan ik er niet van maken, overleden aan spit. Eind mei 2021 klom hij uit de droge sloot naast zijn huis met enorme rugpijn. Hij had daar onkruid staan trekken. Tegen de tijd dat hij stierf, dat was 14 augustus, had hij allang geen pijn meer. Die hele periode van dik tweeënhalve maand komt me nu onwerkelijk voor, en ook verwarrend en raadselachtig. Hoe kan iemand doodgaan aan spit? Waarom gaat iemand überhaupt dood? We hadden onlangs vrienden te eten en ik kreeg tussen neus en lippen te horen dat die en die dood was. ‘Waarom?’ vroeg ik. Niet ‘waaraan’, omdat de overleden man nog zo jong was. Nee, waarom? Alsof doodgaan een keuze is, iets waar je zelf de hand in hebt, iets wat je eventueel zelf zou kunnen regisseren. Ik werd uitgelachen om mijn vraag: wie vraagt er nu waarom in plaats van waaraan?
En toch is het een vraag die me in het geval van mijn vader nogal bezighoudt. Hem mankeerde niets. Hij was tot het moment dat die pijn in zijn rug schoot een, zoals dat dan heet, ‘kranige oude man’. Hij was weliswaar in april 90 geworden, maar zijn vader werd 96, dus hij had nog zeker zes jaar te gaan. Tenminste: als je er een competitie van maakt. En dat is het natuurlijk niet; je kunt er namelijk niet zelf actief voor zorgen dat je zo oud mogelijk wordt, want kanker, hartverlammingen, een verkeersongeluk, een verdwaalde of gerichte kogel of een val van een keukentrapje verstoren die poging best regelmatig.
De eerste weken zijn mij een beetje ontgaan. Omdat we in de Eifel zaten, zag ik hem niet. Ik hoorde door de telefoon hoe het ging. Meestal sprak ik dan met mijn moeder, maar omdat ze de telefoon altijd op de speaker zet, kon mijn vader op de achtergrond meeschreeuwen. Na een paar dagen hevige pijn heeft mijn broer hem naar de huisarts gereden. Hij kreeg pijnstillers. Maar hij kon nauwelijks omhoog of omlaag. Dat verstoorde de routine die mijn vader en moeder samen opgebouwd hadden: hij kon mijn moeder, die slecht ter been is en last heeft van een haperend hart, niet langer helpen de dingen te doen die hij altijd voor zijn rekening had genomen.”

 

Gerbrand Bakker (Wieringerwaard, 28 april 1962)

 

De Duitse dichteres en essayiste Monika Rinck werd geboren op 29 april 1969 in Zweibrücken. Zie ook alle tags voor Monika Rinck op dit blog.

 

Stro

Horen jullie dat, zo honen honingprotocollen, nu heeft de gevoeligheid
zich uitgestrekt, nu heeft ze alle ruimtes overspannen en aangestoken.
Aardse treurigheid, de berken werden grijs, de hond heeft een oog verloren.
As, vlokkend talmen, boetedoening, vermoeidheid, verdriet misschien, toch is het je plicht
erdoorheen te gaan, als ware het licht waarin de ellende staat met handen
die jij gebonden acht. Dan zie je: het wordt minder, het begrijpen.
Helderheid ontstaat alleen nog door de intensiteit van de schok. Een geluidloze knal.
Je kunt het niet meer bevatten, bent ongedurig, en in een poging toch te begrijpen,
kom je er aan de andere kant weer uit, reliëf dat niet bestaat,
tremolo dat niet bestaat, als had je tevergeefs in de nevel gegrist,
een nevelpaardje je erin geluisd (huuhot, die grijze stort zich op mij,
ik val door hem heen) en bent diep beneden, gevoelig, onbegrepen,
in afwachting van de schok. Maar plotseling, hier, alles geel, vol stro!

 

Vertaald door Miek Zwamborn

 

Monika Rinck (Zweibrücken, 29 april 1969)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 28e april ook mijn blog van 28 april 2021 en ook mijn blog van 28 april 2020 en eveneens mijn blog van 28 april 2019 deel 1 en ook deel 2.