Annunciation (Malcolm Guite), Paul Meeuws, Joy Ladin

 

 

De Annunciatie door Leonardo da Vinci, ca. 1472

 

Annunciation

We see so little, stayed on surfaces,
We calculate the outsides of all things,
Preoccupied with our own purposes
We miss the shimmer of the angels’ wings,

They coruscate around us in their joy
A swirl of wheels and eyes and wings unfurled,
They guard the good we purpose to destroy,
A hidden blaze of glory in God’s world.

But on this day a young girl stopped to see
With open eyes and heart. She heard the voice;
The promise of His glory yet to be,

As time stood still for her to make a choice;
Gabriel knelt and not a feather stirred,
The Word himself was waiting on her word.

 

Malcolm Guite (Ibadan, 12 november 1957)
De St. Petruskathedraal in Aremo, Ibadan, Nigeria, de geboorteplaats van Malcolm Guite

 

De Nederlandse dichter en schrijver Paul Meeuws werd geboren op 25 maart 1947 in Roermond. Zie ook alle tags voor Paul Meeuws op dit blog.

Uit: Het genadeloze oog

“De galeriehoudster, vermaard om haar collectie wajangs, chinees aardewerk, een dikbuikige Boeddha en sinds kort, een ‘gedurfde verzameling moderne kunst’ (de plaatselijke pers) wist de kinderen tactisch van haar oosterse snuisterijen te weren. Ze stelde, mits ze goed naar hun onderwijzer luisterden, een kartonnetje in het vooruitzicht, waaruit ze hun eigen wajang konden prikken voor boven hun bed. Haar broze garnituur was maar schijn. Toen enkele belhamels te dicht in de buurt van haar porseleinkast kwamen, werden ze domweg terug geduwd. Hun onderwijzer zond ze een krisscherpe blik.
De vorm van de bronzen dwong tot uitleg. Waarom geen armen maar stompjes? Waarom hadden de hoofden geen ogen, maar de borsten wel tepels?
De jongens betrokken hem knipogend in een complot tegen de meisjes. Ze waren pas tien, maar hadden nu al van hun vaders geleerd over dit soort zaken vrijpostig te zwijgen. De onderwijzer had op zijn opleiding het een en ander over de kunst van het weglaten geleerd. Men kan, ook al is men pas tien, een ontwikkeling die inzette bij de Venus van Milo toch zomaar niet weghonen? Een keur van argumenten had hem kunnen wapenen tegen de spotlust van deze kinderen. Er waren manifesten geschreven, epaterende pamfletten vaak, die het mes zetten in de realistische verbeelding; niet een was er gericht tegen kinderen. Sprak er uit al die geschriften niet hetzelfde respect voor de onbezoedelde kinderblik, als een nostalgisch a priori? Hadden die pamfiettenschrijvers dan geen kinderen?
Hij had te kiezen uit twee even uitzichtloze conclusies. Of de kinderblik was wel degelijk bezoedeld, vooringenomen en benepen en die van de moderne kunstenaar dus niet minder. Of de kinderlijke schamperheid gold een bij uitstek volwassen aangelegenheid, waarover zij niet oordelen konden, en waarvan men de drijfveren uit kiesheid verzweeg of met een zekere sprookjesachtigheid omgaf. Ook dan was deze excursie tijdverlies, verspilde moeite.
Hij zocht houvast bij een paar meisjes, altijd dezelfde, die zich aan hun onderwijzer hadden gehecht. Ze knikten trouwhartig op alles wat hij hakkelend te berde bracht. Maar toen hij die befloerste oogjes zag, sloeg even de vlam in zijn betoog, dat oplaaide als de arabesk van gepolijst koper waar hij met zijn bespreking net aan toe was.
‘Dit’, riep hij uit, ‘is als het vuur dat nu nog smeult in jullie hartjes en in de kinderlijke grilligheid vergeefs een uitweg zoekt’.”

 

Paul Meeuws (Roermond, 25 maart 1947)

 

De Amerikaanse dichteres, schrijfster en hoogleraar transgender-wetenschappen Joy Ladin werd geboren in Rochester, New York, op 24 maart 1961. Zie ook alle tags voor Joy Ladin op dit blog.

 

Psalm

[III]

De voetstappen van de Heer
in de tuin. Ik weet
wat me te doen staat, trek mijn huid aan

en doe een poging tot mens,
wetend dat jij allang weet
wat er scheelt tussen het schepsel dat ik ben

en het schepsel waarvan jij dacht
dat je jezelf er naar binnen zou blazen
op de avond van de zesde dag. Ik weet,

je zal mijn naaktheid teder bedekken,
maar ook ontgoocheld
dat ik mij iets moet voelen

anders dan naakt,
want naaktheid is het beeld
waarin ik ben geschapen, het beeld

te kijk door je doorkijkvoile
van verlegen jonge sterren
die heel stilletjes zingen

om maar niet te smoren
wat jouw beeld binnenin hen zingt.
Je wilt dat ik jou zie,

hoe je je weg plukt daar
door de tuin binnen mijn huid.
Je doet zo je best

te worden gezien. Ik doe zo mijn best niet
iets te zijn waar je op hoopt
als ik hongerig tussen de blaadjes door spied.

Niet tegen je praten kan ik niet
maar je kunt op de vingers narekenen
van de hand die je niet hebt

hoe vaak je hebt geantwoord. Soms misschien
verblind je mij
met al je staatsie. Eén zweem,

en het geruststellend
levensooglid knijpt
zich weer op je toe. Nu

lijd ik geen enkel leven
over het grimmig continent van je verlangen
naar een staren

naar jouw staren
naakt en onbeschaamd, een beeld van jou
dat niet wegkijkt

bij het beeld waarin het is gemaakt.

 

Vertaald door Joost Baars

 

Joy Ladin (Rochester, 24 maart 1961)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 25e maart ook mijn blog van 25 maart 2021 en ook mijn blog van 25 maart 2020 en eveneens mijn blog van 25 maart 2019 en ook mijn blog van 25 maart 2018 deel 2.

Joy Ladin

De Amerikaanse dichteres, schrijfster en hoogleraar transgender-wetenschappen Joy Ladin werd geboren in Rochester, New York, op 24 maart 1961. Zie ook alle tags voor Joy Ladin op dit blog.

 

In the Beginning

There was love.  And out of love
Came graves and mountains,
Clefts in rocks, footsteps in gardens,
Warm-blooded creatures
Taking shape in darkness,
Peppermills and grocery lists,
Squirrels scrabbling on copper roofs,
The smalls of backs, the backs of necks,
Tea lights and tapers,
Badly sewn curtains,
Sobs in the night, policemen on lawns,
IVs and ambulances,
Skies full of stars
Waiting for eyes
To see them as constellations.

 

The World at Your Feet

What is man that you are mindful of him…
laying the world at his feet?
                                             — Psalm 8

Eden eyes you from afar.  Waterbirds
Flick their white-tipped wings

Shyly as they skim
The paradise ashiver

In the river’s ripples:  palm and eucalyptus,
Animals eager to receive their names,

Sheep and oxen, wild beasts, all the birds of heaven.
The Garden that’s longed for you

From the instant longing split you
Colors like a jilted lover, flashing

The iridescent eyes of peacocks, brushing your brow
With willow fingertips,

While you, who long to lose yourself
In the world that longs to take you

Where God is imperative to blossom
And thirst for the knowledge of sorrow

Becomes the sorrow of the knowledge
There was no need to thirst,

Find yourself
With the world at your feet

Choosing again
To betray her.

 

Making Love

I reach for God
and brush your breast,

reach for you
and brush God

dangling and tipped,
gathered over years

of concealment and revelation
into this teardrop of flesh

spilling toward my lips.
I don’t know

what is entering me.
I don’t know what I’ve entered,

or when God became
a shudder of pleasure,

compressing the universe’s exploding center
into this triangle of desire

so that touching you
is touching God

swaddled in arms and legs,
shy as a new-made planet

you and I, breath-filled clay,
were created to inhabit.

 

Een klein stukje oceaan

Kinderen hurken op een luchtbed midden in het water.
Het halfvolwassen hert verdwijnt

in een bosje jeneverbes en riet. We weten dat schelpen
ooit leefden, maar het is moeilijk voor te stellen

wat stenen ooit hebben meegemaakt. Moeilijk om een aards wezen te zijn
in een wereld bedekt met water. Ik maak me geen zorgen

over gelukkig zijn. Ik wilde voelen:
Missie volbracht.

Ik wilde de schaduw die ik wierp erkennen,
meer licht dan schaduw werpen. Mijn dochter en ik

bereiken de boeien die het touw drijvende houden. Onder ons,
duisternis, die oprukt.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Joy Ladin (Rochester, 24 maart 1961)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 24e maart ook mijn blog van 24 maart 2021 en ook mijn blog van 24 maart 2020 en eveneens mijn blog van 24 maart 2019 en ook mijn blog van 24 maart 2018 deel 1 en eveneens deel 2.