David Vann, Jan Wagner, Kristine Bilkau

De Amerikaanse schrijver David Vann werd geboren op 19 oktober 1966 op Adak Island, Alaska. Zie ook alle tags voor David Vann op dit blog.

Uit: Caribou Island (Vertaald door Arjaan van Nimwegen)

“MIJN MOEDER WAS niet echt. Ze was een vroege droom, een hoop. Ze was een plek- Sneeuwachtig, zoals hier, en koud. Een houten huis op een heuvel boven een rivier. Een bewolkte dag, de oude witte verf van de huizen die lichter leek door het opgesloten licht, en ik kwam thuis uit school. Tien jaar, ik liep in mijn eentje, liep door plekken vuile sneeuw in de tuin, liep de smalle veranda op. Ik weet niet meer hoe mijn gedachten toen werkten, weet niet meer wie ik was of hoe ik me voelde. Dat is allemaal weg, uitgewist. Ik deed onze voordeur open en zag mijn moeder hangen aan de dakspanten. Sorry, zei ik, deed een stap terug en sloot de deur. Ik stond weer buiten op de veranda. Zei je dat? vroeg Rhoda. Zei je sorry? Ja. 0, mam… Het is lang geleden, zei Irene. En het was iets wat ik zelfs op dat moment niet kon zien, dus ik zie het nu ook niet. Ik weet niet hoe ze eruitzag toen ze daar hing. Ik weet er niets meer van, alleen dat het zo was. Rhoda schoof dichterbij op de bank en legde haar arm om haar moeder heen, drukte haar tegen zich aan. Allebei keken ze naar het haardvuur. Een metalen scherm ervoor, kleine achthoeken, en hoe langer Rhoda keek, des te meer gingen die achthoekjes lijken op de achterwand van de open haard, door de vlammen verguld. Alsof de achterwand, zwartberoet, onthuld of veranderd kon worden door vuur. Daarna zou haar blik wegglijden en zou het weer gewoon een scherm worden. Ik wou dat ik haar had gekend, zei Rhoda. Ik ook, zei Irene. Ze gaf Rhoda een klopje op haar knie. Ik moet gaan slapen. Morgen een drukke dag. Ik zal dit huis missen. Het was een fijn huis. Maar je vader wil bij me weg, en de eerste stap is dat hij ons naar dat eiland laat verhuizen. Dan is het net alsof hij het nog geprobeerd heeft. Dat is niet waar, mam. We hebben allemaal onze regels, Rhoda. En de vaste regel van je vader is dat hij nooit een slecht mens wil lijken. Hij houdt van je, mam. Irene stond op en omhelsde haar dochter. Welterusten, Rhoda.
’s Morgens sjouwde Irene mee aan al die boomstammen, van de pick-uptruck naar de boot. Die passen nooit in elkaar, zei ze tegen Gary, haar man. Ik moet ze een beetje afvlakken, zei hij binnensmonds. Irene lachte. Dank je wel, zei Gary. Hij had alweer die grimmige, zorgelijke blik die al zijn onmogelijke plannen begeleidde. Waarom bouwen we geen hut van planken? vroeg Irene.”

 

David Vann (Adak Island, 19 oktober 1966)

 

De Duitse dichter, schrijver en vertaler Jan Wagner werd geboren op 18 oktober 1971 in Hamburg. Zie ook alle tags voor Jan Wagner op dit blog.

 

herfstvillanella

de dagen raken buiten licht
en een uur duurt vijf minuten.
de bomen speelden hun laatste kleuren.

aan de hemel worden decors gewisseld
te snel voor het kleine drama in ieder van ons:
de dagen raken buiten licht.

jouw grijze jas scheidt jou van de lucht,
een passe-partout voor een zin als deze:
de bomen speelden hun laatste kleuren.

ijsblauwe ramen – op de weerkaarten
van de televisies de duimafdrukken van de lage druk.
de dagen raken buiten licht,

het lege park, de vijver: de eenden worden
aan onzichtbare draden opgerold.
de bomen speelden hun laatste kleuren.

en iemand, die met drie zonnebloemen
door het donker tast, drie zwarte stippen op geel :
de dagen raken buiten licht.
de bomen speelden hun laatste kleuren.

 

Vertaald door Monique de Waal

 

Jan Wagner (Hamburg, 18 oktober 1971)

 

Onafhankelijk van geboortedata

De Duitse schrijfster en journaliste Kristine Bilkau werd geboren in Hamburg in 1974 en groeide op  in Sleeswijk-Holstein. zie ook alle tags voor Kristine Bilkau op dit blog.

Uit: Halbinsel

„Es war umsichtig von der Ärztin, sofort etwas Beruhi-gendes zu sagen. »Keine Sorge, Ihrer Tochter geht es gut.« Kreislaufkollaps, vermutlich durch Dehydration. Der Sturz habe Prellungen an Kopf und Schulter hinterlassen, sagte die Ärztin. Zur Sicherheit wolle man Linn ein oder zwei Tage im Krankenhaus behalten, um Blutwerte abzu-warten, eine Gehirnerschütterung auszuschließen, ein EKG zu schreiben. Die Ärztin gab mir die Telefondurchwahl der Station und Linng Zimmernummer, sie entschuldigte sich für ihre Eile und legte auf. Linns Handy war ausgeschaltet, es kam sofort ihre Mail-boxansage, ich hinterließ eine Nachricht, dass ich auf dem Weg zu ihr sei. Kurz darauf rief ich ein zweites Mal an, nur um ihre Stimme zu hören. In der Bibliothek gab ich Bescheid, dass ich Urlaub bis Mitte der Woche nehmen müsse, dann buchte ich eine Zugverbindung über Hamburg nach Berlin und weiter nach Nordbrandenburg. Vier Anläufe brauchte ich, bis ich meine Kreditkartennummer ohne Fehler eingetippt hatte. Ich spürte meine Bauchschlagader, ein dumpfes Pochen, das sich seit einiger Zeit bei Aufregung meldete. Ich musste mich beeilen, um den nächstmöglichen Zug nicht zu verpassen, mit dem Auto brauchte ich eine halbe Stunde bis zur Stadt, zum Bahnhof, es war eine lange Fahrt, allein zwei Stunden bis Hamburg. Hastig packte ich meine Reisetasche, erst danach fiel mir auf, dass sich jemand um den Hund kümmern musste. Ich rief bei zwei Leuten an, die ich um Hilfe bitten konnte, doch niemand ging ans Telefon.“

 

Kristine Bilkau (Hamburg, 1974)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 19e oktober ook mijn blog van 19 oktober 2018 en ook mijn blog van 19 oktober 2011 deel 1 en eveneens deel 2.