Sander Kollaard, Kathleen Jamie, Alexander Rybak

De Nederlandse schrijver Sander Kollaard werd geboren op 13 mei 1961 in Amstelveen. Zie ook alle tags voor Sander Kollaard op dit blog.

Uit: Einde verhaal

“Dit is mijn verhaal en dus mijn begin. In Zijn begin lag het einde al besloten maar laat ik meteen afstand nemen van een kinderachtige aanname – het idee van een onvermijdelijk verloop. Deze wereld kent geen onvermijdelijk verloop. Draai de klok terug en zet haar weer in gang en de uitkomst zal een andere zijn – niet volstrekt anders natuurlijk, maar anders. Wetenschappers hebben het over toeval of chaos of entropie, maar jargon is niet nodig. Denk aan losse eindjes, rafelrandjes, de steken die jullie altijd laten vallen. Denk aan vergeetachtigheid en slijtage en verval. Denk aan dwars en scheef, inval en impuls, craquelé, barsten en scheuren. Denk aan jullie dna, zo stipt, maar desondanks niet in staat tot een vlekkeloze kopie – en dat is maar goed ook want zonder foutjes hier en daar zouden jullie er nooit zijn geweest. Denk aan Heraclitus en de rivier waar je nooit twee keer in kunt stappen, in een dubbele betekenis, want zowel jij als de rivier zijn die tweede keer niet wat ze waren – en hetzelfde geldt voor een rondje hardlopen in het park, een maaltje stamppot boerenkool of een spelletje kiekeboe met je jongste kind. Of denk simpelweg aan de anonieme stukken grond die in elke stad te vinden zijn, plekken die uit het planologisch oog verloren zijn, kleine jungles van verwilderde struiken en roestig hekwerk en een vergeten stapel zand en de geur van kleine kadavers, het niemandsland en iedersland waar jullie kinderen zo graag spelen, voor even bevrijd van volwassenen en hun onbegrijpelijke orde.
Deze wereld kent geen onvermijdelijk verloop. Wat die Eindtijd betreft zullen we dus nog wel zien. Wat ze tot nu toe heeft gebracht is een tafereel van ontregeling, van overstromingen en kou, van honger, paniek en volksverhuizingen, en van incidentele ongerijmdheden om het er allemaal nog eens goed in te wrijven – zoals de paradijsvogel die ik op het dak van de koetsenstalling zag zitten, de kleuren flets in het schaarse licht, het petje van verse sneeuw een tikje belachelijk. Al die chaos is angstaanjagend genoeg maar nog altijd herkenbaar. We hebben nog geen sterren gezien die naar de aarde vallen, geen bloedrode maan of zwarte zon, geen apocalyptische ruiters, geen hoer van Babylon, geen Laatste Oordeel, geen hemels Jeruzalem met straten van goud, of wat er verder ook aan spektakel in Zijn verhaal te vinden is.”

 

Sander Kollaard (Amstelveen, 13 mei 1961)

 

De Schotse dichteres Kathleen Jamie werd geboren op 13 mei 1962 in Currie, Edinburgh. Zie ook alle tags voor Kathleen Jamie op dit blog

 

 Het doosje

In welke rivier zwom de vis
die een haak aan een lijn aanzag voor een vlieg
en zo zijn laatste adem uitblies, zodat een zilveren mes
zijn nog verse, onkruidgroene huid
van zijn vlees kon snijden, om te bewaren
en vervolgens voorzichtig om dit kleine doosje te wikkelen,
dat de dokter zijn
aderlatingsmes bevat, en het scherpe
dat hij nu tegen je binnenarm drukt,
zodat een simpele beweging een ader kan openen

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Kathleen Jamie (Currie, 13 mei 1962)

 

De Noorse violist, zanger, componist, acteur en schrijver van Wit-Russische afkomst Alexander Igorjevitsj Rybak werd geboren in Minsk, Sovjet-Unie, op 13 mei 1986. Alexander viert vandaag zijn 40e verjaardag. Zie ook alle tags voor Alexander Rybak op dit blog.

 

Uit: Trolle og den magiske fela [Trolle and the Magic Fiddle]

Stjernen vår

Nar alt er morkt og tomt
Og hjertet grater stumt
Se opp, der skinner stjernen var
Og leger alle sar

Se, den skinner kun for oss
Der vakner hver en blomst
Og snart vil morket svinne hen
Jeg er hos deg min venn

Det var en gang en tid
Da hapet var forbi
De skjov meg vekk gang pa gang
Jeg flyktet fra meg selv
Jeg hadde ingen valg

For sent for meg a snu
Men sa en dag kom du
Og vekket alle hap igjen
Du kalte meg din venn

Hva enn som hender meg
Jeg glemmer aldri deg
Og ingen fjell far skille oss
Var stjerne viser vei
Og snart vil morket svinne hen
Jeg er hos deg min venn

 

Our Star

Alva:
When when it feels dark and heavy on your soul
And the heart cries silently
Look up, our star is shining there
And heals all wounds

Look, it only shines for us
Flowers awakens everywhere
And the darkness will soon fade away
I’m with you, my friend

Trolle:
There once was a time
When hope was over
They pushed me away again and again
I fled from myself
I had no choice

Too late for me to turn back
But then one day you came
And woke all hope again
You called me your friend

Trolle and Alva:
Whatever happens to me
I’ll never forget you
And no mountain can keep us apart
Our star shows us the way
And the darkness will soon fade away
I’m with you, my friend

 

Vertaald door Mónika Menyhért

 

Alexander Rybak (Minsk, 13 mei 1986)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 13 mei ook mijn blog van 13 mei 2023 en ook mijn blog van 13 mei 2022 en ook mijn blog van 13 mei 2020 en eveneens mijn blog van 13 mei 2019 en ook mijn blog van 13 mei 2018 deel 1 en eveneens deel 2.

Libris Literatuur Prijs 2026 voor Bert Natter

Libris Literatuur Prijs 2026 voor Bert Natter

De Nederlandse schrijver Bert Natter heeft de Libris Literatuur Prijs gekregen voor zijn roman “Aan het einde van de oorlog”.Zie ook alle tags voor Bert Natter op dit blog.

Uit: Aan het einde van de oorlog

“CHRISTINE BIJ DE KAPPER IN HET STADJE Christine sluit haar ogen, vooral om niet steeds in de spiegel de gedienstige kapper te hoeven zien. Een mankepoot. Als ze haar ogen sluit, lijkt het net of ze thuis is. Daar heeft ze er eentje die zich met soortgelijk gebonk door het leven beweegt.
Vanochtend aan de ontbijttafel vroeg ze haar echtgenoot of het niet verstandig was de jongens thuis te houden, vanwege het gerommel, dat sinds zonsopgang steeds luider leek te worden.
“Hoezo?” vroeg hij met volle mond, niet eens opkijkend van het rapport dat hij doorbladerde. Hij nam een slok thee en spoelde een hap brood weg.
“Vanwege de Russen: Het was de tweede keer dat ze het onderwerp aansneed. Vanmorgen vroeg wilde ze alleen bij haar echtgenoot schuilen, maar nu… nu verwachtte ze antwoorden en actie.
“Jij met je Russen..: zei hij zacht ‘Ik heb je toch gezegd dat ze..”
‘Ik ben niet gek. Mijn hart zegt dat mijn jongens als ze uit school komen beter binnen kunnen blijven. En we moeten hier weg.”
Haar echtgenoot zette zijn kop op tafel. ”Die jongens gaan vanmiddag gewoon naar buiten. Een gezonde geest in een gezond lichaam. En wij blijven. Ik kan toch niet als… als kapitein het schip verlaten.”
Op z’n hoogst is hij tweede stuurman, maar dat zei Christine niet, ze zuchtte alleen diep.
“Misschien moeten ze dat kettinkje afdoen” zei hij even later, terwijl hij van tafel opstond. ”Het kamp komen ze helemaal niet meer binnen.”
“Nee, laat ze alsjeblieft dat kettinkje omhouden”.
“Wat jij wilt.” Hij draaide zich van haar af, naar de piano, waar hij midden in de nacht nog op had zitten oefenen, tot wanhoop van haar. ‘Ik heb te veel aan mijn hoofd voor dit soort vermoeiende gesprekken. Vanavond moet ik spelen… Goed, ze houden het kettinkje om en als ze uit school komen, gaan ze buiten spelen, ze weten heel goed waar de grens van hun speelterrein ligt en jij ziet erop toe dat ze op tijd thuis zijn, zodat je erbij kunt zijn vanavond.”
Boink-stap, boink-stap, daar komt de kapper weer aan, met een ronde spiegel in een houten lijst. Net als hij die omhooghoudt, zodat Christine haar kapsel van achter kan zien, grijpt de man onder de kreet “Mijn been!” naar zijn houten poot.
De spiegel valt in stukken op de vloer.”

 

Bert Natter (Baarn, 19 januari 1968)