Sally Rooney, Björn Kuhligk

De Ierse schrijfster Sally Rooney werd geboren op 20 februari 1991 in Castlebar. Zie ook alle tags voor Sally Rooney op dit blog.

Uit: Intermezzo (Vertaald door Gerda Baardman en Jan de Nijs)

“Het leek niet eerlijk tegenover die jongen. Dat pak op de begrafenis. En dan die beugel, het toppunt van puberale ongemakkelijkheid. Bij zo’n gelegenheid zou je je haast gaan schamen voor je eigen sociale begaafdheid. Maar nu heeft hij tenminste een excuus of althans iemand om smekend aan te kijken tussen het obligate handjes geven door. De stakker. Bijna drieëntwintig nu: Ivan de Verschrikkelijke. Dat pak, niet te geloven. Waarschijnlijk in een muf ruikend tweedehandswinkeltje voor het plaatselijke hospice
op de kop getikt, contant betaald, gekreukt en wel in een herbruikbare plastic zak gepropt en er zo mee naar huis gefietst. Ja, dat kon kloppen, zo paste het wel bij elkaar, dat pak, schitterend van lelijkheid, en de persoonlijkheid van zijn tien jaar jongere broertje. Toch had hij wel iets van stijl, op zijn manier. Een zeker lef in zijn totale gebrek aan belangstelling voor het materiële. Brains and beauty, had een tante eens gezegd. Over hen allebei. Of was Ivan de ‘brains’ en Peter de ‘beauty’? Nou, bedankt, hè. Hij steekt Watling Street over naar het appartement dat geen appartement is, het huis dat geen huis is; elf, of is het alweer twaalf dagen na de begrafenis terug in
de stad. Weer aan het werk of wat daarvoor moet doorgaan. Of in elk geval weer naar Naomi’s huis. Wat zou ze aanhebben als ze zo meteen opendoet? Op de stoep haalt hij zijn telefoon uit zijn zak, het koele scherm licht onder zijn vingers op terwijl hij tikt. Buiten. Het wordt al donker. De colleges zijn waarschijnlijk weer begonnen. Ze reageert niet, maar heeft het bericht wel gezien. Dan de voorspelbare opeenvolging van vertrouwde, inmiddels indirect opwindende geluiden: haar voeten op de trap van het souterrain naar de gang. Klassieke conditionering: waarom heeft hij er zo lang over gedaan om dat te bedenken? Gewoon gezond verstand. Niet eens. Dagelijkse ervaring. De relatie tussen herinnering en gevoel.
De deur die opengaat.
Hallo Peter, zegt ze. Korte top van kasjmier, dun gouden kettinkje. Zwarte trainingsbroek, strak om de enkels. Geen elastiek, dat haat ze. Blote voeten.
Mag ik binnenkomen? vraagt hij.
De trap af, naar haar kamer, zonder de anderen te zien. Kleine ledlampjes gloeien als doffe speldenprikken tegen de muur. Schoenen uit, bij de deur neerzetten. Laptop open op het kale matras.
Geur van parfum, zweet en wiet. De lucht van al onze obsessies.
Gordijnen dicht, zoals altijd.”

 

Sally Rooney (Castlebar, 20 februari 1991)

 

De Duitse dichter en schrijver Björn Kuhligk werd geboren op 19 februari 1975 in Berlijn. Zie ook alle tags voor Björn Kuhligk op dit blog.

 

Over de tussenpozen

Hij heeft een leven en zijn vriendin
een ander; in het weekend creëren
ze raakvlakken en glimlachen

zij kan geen kinderen krijgen;
dat is haar nederlaag. Hij houdt vol
dat het hem niet kan schelen en rookt stilletjes.

hij is noch een borsten- noch een billentype.
hij merkt op hoe ze met haar wimpers knippert
en vindt haar onhandige bewegingen leuk.

hij heeft een nieuw gebit aangeschaft
en danst de pogo, als niets anders
lukt braakt hij luidruchtig in een boog

bij de overgang van fabrieks- naar
kenniscultuur heeft hij met 2,5 lichamen geslapen
met regelmatige tussenpozen.

hij wenst zichzelf een goede reis, iets
met pit en een goed humeur, hij praat
alleen in noodgevallen over zichzelf

In zijn vrije tijd beklimt zijn broer
bergen, hij klampt zich altijd
te zeer aan mensen vast

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Björn Kuhligk (Berlijn, 19 februari 1975)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 20e februari ook mijn blog van 20 februari 2021 en ook mijn blog van 20 februari 2019 en eveneens mijn blog van 20 februari 2016 deel 2.

 Jonathan Lethem, Björn Kuhligk

De Amerikaanse schrijver Jonathan Allen Lethem werd geboren op 19 februari 1964 in Brooklyn, New York. Zie ook alle tags voor Jonathan Lethem op dit blog.

Uit: A Different Kind of Tension

“Look,” says the mother of The Man Who Is Walking Around the Moons of Jupiter, “he’s going so fast.”
She snickers to herself and scuttles around the journalist to a table littered with wiring tools and fragmented mechanisms.
She loops a long, tangled cord over her son’s intravenous tube and plugs one end into his headset, jostling him momentarily as she works it into the socket.
His stride on the treadmill never falters.
She runs the cord back to a modified four-track recorder sitting in the dust of the garage floor, then picks up the recorder’s microphone and switches it on.
“Good morning, Mission Commander,” she says.
“Yes,” grunts The Man Who, his slack jaw moving beneath the massive headset.
It startles the journalist to hear the voice of The Man Who boom out into the tiny garage. “Interview time, Eddie.”
“Who?”
“Mr. Kaffey. Systems Magazine , remember?”
“Okay,” says Eddie, The Man Who.
His weakened, pallid body trudges forward.
He is clothed only in jockey undershorts and orthopedic sandals, and the journalist can see his heart beat beneath the skin of his chest.
The Mother Of smiles artificially and hands the journalist the microphone.
“I’ll leave you boys alone: she says.
“If you need anything, just yodel.”
She steps past the journalist, over the cord, and out into the sunlight, pulling the door shut behind her. The journalist turns to the man on the treadmill.
“Uh, Eddie?”
“Yeah.”
“Uh, I’m Ron Kaffey. Is this okay? Can you talk?”
“Mr. Kaffey, I’ve got nothing but time.”
The Man Who smacks his lips and tightens his grip on the railing before him.
The tread rolls away steadily beneath his feet, taking him nowhere.
The journalist covers the mike with the palm of his hand and clears his throat, then begins again.”

 

 Jonathan Lethem (New York, 19 februari 1964) 

 

De Duitse dichter en schrijver Björn Kuhligk werd geboren op 19 februari 1975 in Berlijn. Zie ook alle tags voor Björn Kuhligk op dit blog.

 

DE PRACHTIGE 38e SEPTEMBER

In deze hoogspanningsnacht, in deze
van begin tot eind
doordachte, grotedroomfabriek
bespioneert de maan, het zandkoekje,
de door slierten wolken doorsneden hemel
en de handen, waar dienen deze handen voor?
vandaag werden 1000 Senegalezen
als boodschapperstoffen van Europa teruggestuurd
het weerbericht, volgens AOL, wordt geladen
en jij, jij hoort het samengroeien
van de fontanellen van alle baby’s
van deze stad, jij pathos-ezel

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Björn Kuhligk (Berlijn, 19 februari 1975)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 19e februari ook mijn blog van 19 februari 2019 en eveneens mijn blog van 19 februari 2017 deel 1 en ook deel 2.

Aschermittwoch (Norbert van Tiggelen), Björn Kuhligk

 

 

Aswoensdag door Greg Milinovich, 2016

 

Aschermittwoch

Schluss mit lustig, hoch die Tassen
selbst der Kater kann’s nicht fassen.
Dort, wo gestern wurd’ geschunkelt,
da wird jetzt nur leis’ gemunkelt.

Backus ist jetzt schon verbrannt,
Narrentum – es wurd’ verbannt.
Fastenzeit ist angesagt,
mancher Jeck, der sich beklagt.

Karneval ist nun Geschichte,
Glanz und Liebreiz sind zunichte.
Ende ist’s mit Saus und Braus
Aschermittwoch, Schluss und Aus.

 

Norbert van Tiggelen  (23 mei 1964 – 5 april 2022)
Sankt Georgkirche in Gelsenkirchen, de geboorteplaats van Norbert van Tiggelen

 

De Duitse dichter en schrijver Björn Kuhligk werd geboren op 19 februari 1975 in Berlijn. Zie ook alle tags voor Björn Kuhligk op dit blog.

 

DE HEMEL MAAKT DE VLOKKEN, WIJ NIET

Laat de mens flexibel zijn, en moge hij rekbare
kinderen meebrengen, tussen
functieloosheid en een werkweek van 200 uur zet men
de kluis op scherp, er zijn dingen die kan
men niet kopen, aan de muur de kaart van
Europa een verpletterd insect

in dit van boven tot onder gepureerd
recreatiegebied, zijn de dansvloeren van
Duitsland een halfbakken licht
tussen ideaal en materieel begint
het grote haar uittrekken als een aanvullend deel
bij de volgende jeugdstudie

wanneer je met opa’s bramengezicht praat
als een object, de kleinzoon
die vrijwillig het vuilnis buiten zet
papierversnipperaar als zijn gewenste beroep noemt
de aan de keukentafel besproken dag
gaat voorbij als een mislukt landschap

weet je niet meer dan voorheen, meer dan genoeg
staan de haren in je nek rechtop tegen
alles wat stil, spraakzaam is, alles wat al geweest is
zwemt binnen na drie weken in het middelgebergte
op de fiets een everzwijnkarkas
in het zwembad, dat verder niets dan blauw is

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Björn Kuhligk (Berlijn, 19 februari 1975)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 18e februari ook mijn blog van 18 februari 2019 en eveneens mijn blog van 18 februari 2018 deel 2.

Der Rosenmontagszug (Olaf Lüken), Elke Erb

 

 

Karnevalszug door Carl Strathmann, 1913

 

Der Rosenmontagszug

Die Jecken tanzen auf den Straßen.
Viel Volk strömt durch die Innenstadt.
Es wird getrommelt und geblasen.
D’r Zoch kütt, und die Welt steht platt.

Kostümiert sind die Geschlechter.
Die Politik nimmt man aufs Korn.
Neben Geschrei viel mehr Gelächter.
Der Jecken Eintracht, noch frei von Zorn.

Unernst genommen ernste Themen.
ALLES zieht man durch den Kakao.
Niemand will sich heute schämen.
Kölle Alaaf, woanders Helau!

Und dann?

Nach dem Zug schaut sich der Mann
gern ein lecker Mariechen an.
Wie fruchtbar solch eine Liebe ist,
er den November nie wieder vergisst!

 

Olaf Lüken (Herne, 13 december 1952)
Rosenmontag in Herne

 

De Duitse dichteres en schrijfster Elke Erb werd geboren op 18 februari 1938 in Scherbach in de Eifel. Zie ook alle tags voor Elke Erb op dit blog.

 

Overweging

Stel ik me voor, wat ik zie zijn verschijningen.

En de verschijningen zijn slechts schijn.

En de schijn is niets dan de oppervlakte.

En die oppervlakte is glad.

Maar de verschijning “verdacht”
is niet glad zoals alle andere samen,

maar gerimpeld, een gerimpeld, verborgen gat
in het geel van alle andere.

Alsof er iets borrelt zonder te koken,
koud borrelt – verdacht.

Blaas bubbels.
Deze plek verbergt de hel.

En als een denkproces
adequaat zo beschreven zou kunnen worden,

en men het zo zou beschrijven –
dan zou het zich belasterd voelen.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Elke Erb (18 februari 1938 – 22 januari 2024)

 

Zie voor meer schrijvers van de 16e februari ook mijn blog van 16 februari 2019 en ook mijn blog van 16 februari 2018 en ook mijn blog van 16 februari 2016 en ook mijn blog van 16 februari 2015.

Die Jecken sind los (Olaf Lüken), Stacie Cassarino

 

 

Carnaval in Vlaanderen door James Ensor, 1929-1930

 

Die Jecken sind los

Über die breiten Straßen hüpfen.
Einmal König oder Clown zu sein.
Närrisch in eine Rolle schlüpfen.
Feiern mit Bier oder leckeren Wein.

Der Karneval uns sehr viel erlaubt.
Die Regeln fallen heute von Bord.
Die Narrenzunft an ALLES glaubt.
Der Karneval zieht von Ort zu Ort.

Die Jecken sieht man überall.
Die Straße feiert Kostümball.
Damit man das Gesicht nicht sieht,
sich eine Larve überzieht.

Gegönnt sei uns das Volksvergnügen.
Die Welt darf heute niemand rügen.
Denn, was die Welt sich ausgedacht,
heißt Karneval, Fasching, Fassenacht.

 

Olaf Lüken (Herne, 13 december 1952)
Carnaval in Herne

 

De Amerikaanse dichteres en schrijfster Stacie Cassarino werd geboren op 15 februari 1975 in Hartford, Connecticut. Zie ook alle tags voor Stacie Cassarino op dit blog.

 

Vroege sneeuw

Sommige ochtenden zijn zo,
de verdoving van verlangen of puur licht,
stilte in een opgeschrokken korhoen,
de zwarte bossen leesbaar voor een vrouw
wiens hart is gemaakt van valse starts,
het roodachtige leven van een heuvel die kaal werd
of wat het gezicht in het raam
wil geloven over haar verleden,
de architectuur van een wit huis,
dit ontwerp van kamers, minnaressenplaneten,
kinderen met zachte handen, brandhout
opgestapeld bij de pilaar van de maan, dit ontwerp
van despotische liefde, dan afstand, leegte,
dan vergeven woorden die zich ophopen
als sneeuw, net wanneer de wereld
klaar met ons is, bouwen we een muur
met stenen en het werk is het hele
lichaam binnen het idee van ergens bij horen,
ook al is het niet voor lang,
minerale wereld van leisteen en vuursteen,
numineus zoals deze dagen en andere
winterdagen, we testen wat standhoudt,
verzwakte stemmen die leunen
en vallen, de zilveren hemel, de zorgen
die we niet meer nodig hebben.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Stacie Cassarino (Hartford, 15 februari 1975)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 15e februari ook mijn blog van 15 februari 2025 en ook mijn blog van 15 februari 2019 en ook mijn blog van 15 februari 2015 deel 1 en eveneens deel 2.

Voor mekaar (Herman de Coninck), Richard Blanco

 

 

Halves. Treshold door Sergey Sovkov, 2026

 

Voor mekaar

Vroeger hield ik alleen van je ogen.
Nu ook van de kraaienpootjes ernaast.
Zoals er in een oud woord als meedoen
meer gaat dan in een nieuw.

Vroeger was er alleen haast om te hebben wat je had,
elke keer weer.
Vroeger was er alleen maar nu. Nu is er ook toen.
Er is meer om van te houden.
Er zijn meer manieren om dat te doen.

Zelfs niets doen is er daar één van.
Gewoon bij mekaar zitten met een boek.
Of niet bij mekaar, in ’t café om de hoek.

Of mekaar een paar dagen niet zien
en mekaar missen. Maar altijd mekaar,
nu toch al bijna zeven jaar.

 

Herman de Coninck (21 februari 1944 – 22 mei 1997)
Mechelen, de geboorteplaats van Herman de Coninck

 

De Amerikaanse dichter en schrijver Richard Blanco werd geboren op 15 februari 1968 in Madrid. Zie ook alle tags voor Richard Blanco op dit blog.

 

Missouri Sky Music

—naar Pat Metheny

Hij tokkelt een snaar in een windvlaag die stof opwervelt,
draait een windmolen eenzaam rond in een deken van maïs
die Leesburg Summit bedekt, waar hij opgroeide
in een achtertuin tweehonderd mijl recht naar het zuiden
van niets, spelend voor de wind en de haviken
en de hoop de staat te verlaten waarnaar hij nu terugkeert
in zijn muziek, composities van de hemel
die elke minuut urenlang voor hem vasthield.
Noten die opstijgen in wolken die bol staan van licht,
tokkels die de horizon met pruimenkleuren versieren,
terwijl ik noordwaarts reis in een trein die een plek verlaat
die ik ooit ook mijn thuis noemde, mijn gezicht tegen
het raam, mijn ogen wazig starend over een stad
tussen steden met zijn liedjes in mijn oren
en luisterend naar het gekras van zijn vingers
over de fret—die korrelige imperfecties
zo noodzakelijk en onlosmakelijk verbonden met de muziek,
niet wetend wat waarachtiger is, wat ik verkies.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Richard Blanco (Madrid, 15 februari 1968)

 

Zie voor de schrijvers van de 14e februari ook mijn blog van 14 februari 2023 en ook mijn blog van 14 februari 2019 en ook mijn blog van 14 februari 2016 deel 2 en ook deel 3.

Jan Siebelink, Elke Erb

De Nederlandse schrijver Jan Siebelink werd geboren op 13 februari 1938 in Velp. Zie ook alle tags voor Jan Siebelink op dit blog.

Uit: Rouwjournaal

“3

Een nieuwe kapperszaak in de buurt, die Absalom heet, een Marokkaanse eigenaar. Kent de Koran ook Absalom, de geliefde zoon van koning David, beroemd om zijn welige haardos? Twee medewerkers van het palliatieve team zijn rond haar bed meubels aan het verschuiven. Bij het voeteneind van het bed wordt een tafeltje geplaatst. Daarop worden twee zwarte, platte doosjes geplaatst, langwerpig, tien bij zes centimeter. Met knopjes om de dosis aan te passen. Het zal vanavond worden uitgelegd. Ter geruststelling: een overdosis geven is onmogelijk. Ik sta bij het hoofdeind, beschaamd, verdoofd, ik ben gezond, voor haar is de dood nabij, mijn voorhoofd nat van het zweet, allen om haar heen zijn gezond, niemand zou in haar plaats willen staan, een dikke vette worm van egoïsme spartelt in mijn maag, jij wordt gereedgemaakt voor het einde. Jij kijkt me aan, heldere blik, geen spoor van angst. Wat gaat er in haar om? ‘Och, Jan, ga je vandaag naar de kapper? Ik kan je niet meer knippen, alle model is eruit. Doe het voor mij ‘ Een korte stilte. ‘Ik wil dat je er dan fatsoenlijk uitziet.’

4

Mijn huis lijkt steeds meer stilte in zich op te zuigen, het raakt verzadigd, er komt een moment dat ik er niet meer kan ademen. Zelfs Sarah zwijgt als ze een poes in de tuin ziet. Een wandeling gemaakt, ik kom weer thuis, open de deur: ‘Ik ben er…’ roep ik, en verstrak. Was er dan toch hoop in mij doorgesijpeld? Nee, niemand wacht mij op, een donker, beschamend gevoel, deemoedig loop ik de kamer in, ga op de bank zitten waar tot voor kort het bed stond. Hoe mijzelf redden? Hoor haar, rauwe keelgeluiden, gebarsten, gesprongen lippen. Die bevochtigen, geen drinken, ze zou stikken. Zestig uur lang, een laag rochelen. Maar het p-team is opgetogen, ze ligt zo rustig, dat maken we vaak heel anders mee. Patiënten die woest om zich heen trappen. Het team was heel tevreden.“

 

Jan Siebelink (Velp, 13 februari 1938)

 

De Duitse dichteres en schrijfster Elke Erb werd geboren op 18 februari 1938 in Scherbach in de Eifel. Zie ook alle tags voor Elke Erb op dit blog.

 

EEN TAMME CONJUNCTIEF

De tram komt niet. Hij stopt niet. Sluit de deur
voordat je de trede bereikt.

Iets is gecompliceerd, niet ongecompliceerd.
Was het ongecompliceerd, dan zou je… Het hart is een kat

op het punt van springen. Roerloos,
staat de elzenstam van boven tot onder.

Er komt geen tram.
Dat zou niet zo moeten zijn.

Allerlei logica
Met de rug naar je toe. Met mes en vork voor zich.

Af en toe miauwt er iets. Klappert
oor jij en omgeving.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Elke Erb (Scherbach, 18 februari 1938)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 13e februari ook mijn blog van 13 februari 2025 en ook mijn blog van 13 februari 2019 en eveneens mijn blog van 13 februari 2016 deel 2 en deel 3.

Charles Dickens, Lioba Happel

De Engelse schrijver Charles Dickens werd geboren op 7 februari 1812 in Landport. Zie ook alle tags voor Charles Dickens op dit blog.

Uit: Hard Times

“He had reached the neutral ground upon the outskirts of the town, which was neither town nor country, and yet was either spoiled, when his ears were invaded by the sound of music. The clashing and banging band attached to the horse-riding establishment, which had there set up its rest in a wooden pavilion, was in full bray. A flag, floating from the summit of the temple, proclaimed to mankind that it was ‘Sleary’s Horse-riding’ which claimed their suffrages. Sleary himself, a stout modern statue with a money-box at its elbow, in an ecclesiastical niche of early Gothic architecture, took the money. Miss Josephine Sleary, as some very long and very narrow strips of printed bill announced, was then inaugurating the entertainments with her graceful equestrian Tyrolean flower-act. Among the other pleasing but always strictly moral wonders which must be seen to be believed, Signor Jupe was that afternoon to ‘elucidate the diverting accomplishments of his highly trained performing dog Merrylegs.’ He was also to exhibit ‘his astounding feat of throwing seventy-five hundred-weight in rapid succession backhanded over his head, thus forming a fountain of solid iron in mid-air, a feat never before attempted in this or any other country, and which having elicited such rapturous plaudits from enthusiastic throngs it cannot be withdrawn.’ The same Signor Jupe was to ‘enliven the varied performances at frequent intervals with his chaste Shaksperean quips and retorts.’ Lastly, he was to wind them up by appearing in his favourite character of Mr. William Button, of Tooley Street, in ’the highly novel and laughable hippo- comedietta of The Tailor’s Journey to Brentford.’
Thomas Gradgrind took no heed of these trivialities of course, but passed on as a practical man ought to pass on, either brushing the noisy insects from his thoughts, or consigning them to the House of Correction. But, the turning of the road took him by the back of the booth, and at the back of the booth a number of children were congregated in a number of stealthy attitudes, striving to peep in at the hidden glories of the place.
This brought him to a stop. ‘Now, to think of these vagabonds,’ said he, ‘attracting the young rabble from a model school.”

 

Charles Dickens (7 februari 1812 – 9 juni 1870)
Cover

 

De Duitse dichteres, schrijfster en vertaalster Lioba Happel werd geboren op 7 februari 1957 in Aschaffenburg. Zie ook alle tags voor Lioba Happel op dit blog.

 

Je hangt mij al lang het oog uit.

Je hangt mij al lang het oog uit.
En daar zit je dan, neergestreken op een stoel!

En de nacht lacht.
En een ster blaakt –
Omwille van mij?
Omwille van jou?

Kus me, als dat mag, nog een keer –
Tik in mijn oor!
Kom nog eens terug!
Zonder adjectieven.
Of ga weg!

Ik kom in de benen –
Asjeblieft een gedicht!
Vaarwel, adieu, jij gekwelde, opgehangene!
In mijn nachtoog –
Vaarwel, adieu!

Zo teder als jij bent,
ben ik behoorlijk hardvochtig!

Ik heb genoeg van je!

Ik open de deur –
Het stuift buiten!

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Lioba Happel (Aschaffenburg, 7 februari 1957)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 7e februari ook mijn blog van 7 februari 2019 en eveneens mijn blog van 7 februari 2016 deel 2 en eveneens deel 3.

Thomas von Steinaecker, Dermot Bolger

De Duitse schrijver en journalist Thomas von Steinaecker werd geboren op 6 februari 1977 in Traunstein. Zie ook alle tags voor Thomas von Steinaecker op dit blog.

Uit: Ende offen – Das Buch der gescheiterten Kunstwerke

„Plötzlichen Eingebungen gehorcht Michelangelo auf der Stelle. Er schläft in seinen Stiefeln. Bei seinem Tod 1564 defilieren Dutzende Jünger an seinem Leichnam vorbei. Sie sind in derselben Soutane gekleidet wie ihr Meister. Hier arbeitete kein anonymes Kollektiv mehr wie noch im Mittelalter. Hier schuf ein einzigartiges Individuum. Und nicht zu Gottes Ehren, sondern den Menschen zur Feier. Signed and sealed: Michelangelo, Superstar. Im Glanz einer solchen Aura beginnen Fragmente zu leuchten. Von nun an konnte es passieren, dass auch das Unvollkommene vollkommen war. Von nun an gab es eine Figur, die erst in der Aufklärung ihren Namen erhalten und sich seit der Romantik größter Popularität erfreuen sollte: das Genie. Poeta alter deus (Shaftesbury)! Ein Original, dessen in die Kunst über-setzte Regeln natürlich und deshalb natürlich absolut sind (Kant)! Prometheus (Goethe)! Flackernd, intuitiv, grenzwahnsinnig, und vor allem leidend. Kurz und exzessiv hatte sein Leben zu sein (da damals ausschließlich männlich konnotiert). Genies, das sind Unvollendete. Moment. Einschub zum Einschub in der Klammer. Auch in diesem Buch werden die geneigte Leserin und der geneigte Leser wieder einmal mehr von Männern und ihren Problemen erfahren als von Frauen. Kann es wirklich sein, dass Männer seltener fertig werden als Frauen? Sind Männer flattriger? Und zugleich: vor Schöpferkraft strotzend, vor Kraft kaum zum Gehen fähig, you name it. Genius, das stand bei den Römern nicht zufällig für die Zeugungskraft des Mannes. Weibliche Genies – lange Zeit ein Oxymoron. Sind Frauen in Wirklichkeit also einfach fleißiger, fokussierter und strukturierter? Wirklich jetzt? Was zweifellos der Fall ist: dass Männer auch in der Kunst Privilegien genossen, die Frauen sich erst sehr spät erkämpften, was die Anzahl ihrer bekannten Vertreterinnen in Musik, Literatur, Film, Architektur und Malerei über die Jahrhunderte sehr überschaubar macht.“

 

Thomas von Steinaecker (Traunstein, 6 februari 1977)

 

De Ierse dichter, schrijver en uitgever Dermot Bolger werd geboren op 6 februari 1959 in Dublin. Zie ook alle tags voor Dermot Bolger op dit blog.

 

Kleine X’jes

Onverwacht draait de telescoop deze oktobermiddag,
Ik zie mezelf, weer klein gemaakt, door de objectieflens:

Ik ben niet de weduwnaar die onlangs mijn vrouw heeft begraven,
Noch de plichtsgetrouwe zoon die waakte terwijl mijn vader,
Als een aangeslagen bokser, vocht om de dood te slim af te zijn,

Verward en woedend, met zijn handen in cartoonachtige handschoenen
Om te voorkomen dat hij aan de slang van zijn morfinepomp trok.

Vandaag ruimen we het huis op waar hij zestig jaar heeft gewoond.
In de slaapkamer waar ik geboren ben, herinneren mijn broers en zussen zich

Hoe hun enige aanwijzing voor mijn geboorte als kinderen
Achter deze gesloten deur angstige instructies waren om te bidden.

Als we de zolder openmaken, ontdekken we de koffer
Die mijn moeder had ingepakt voor haar laatste ziekenhuisopname:

Een toilettas en talkpoeder, kleren die ze nooit meer heeft kunnen dragen,
Een tas vol gebeden en de opgevouwen brief
Die ik als tienjarige schreef voor mijn zusje.

Ik besteed één pagina aan haar te vertellen dat ik braaf ben, en prop dan
drie pagina’s vol met gekrabbelde X’en – elk een kus voorstellend.

Vorige week zong een kleindochter die ze nooit gekend heeft op het podium,
Stralend en helder, in een band genaamd Kleine X’jes Ogen

.
Vierenveertig jaar lang, in een brief in een tas in een koffer op deze zolder,
Waren deze sterrenstelsels van X’en de verbannen ogen van een verward kind.

Maar – terwijl ik ze openvouw – zie ik mezelf staren naar wie ik nu ben,
In dit leven dat ik me nooit had kunnen voorstellen toen ik slordige X’en
Krabbelde voor een vrouw die ik voor het laatst lachend in een ziekenhuisbed zag liggen,

Die ze in haar tas stopte toen de verpleegsters haar hoofd kaal schoren
Ter voorbereiding op een operatie waarvan ze nooit zou herstellen:

In de hoop dat ik op een dag haar tas zou openen en verrast zou zijn
En mijn X’en terug zou vinden: grote X’en voor kusjes, kleine X’jes voor ogen.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Dermot Bolger (Dublin, 6 februari 1959)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 6e februari ook mijn blog van 6 februari 2019 en ook mijn blog van 6 februari 2011 deel 2.

Geert Buelens, William S. Burroughs, Edzard Mik

De Vlaamse dichter, essayist en columnist Geert Buelens werd geboren in Duffel op 5 februari 1971. Zie ook alle tags voor Geert Buelens op dit blog.

 

Transit (Gelukzoeken)

Wij zijn samen onderweg
en kussen de zegelring van wie daar om vraagt

Beter worden we er niet van
al schept het misschien een band

Die we kunnen gebruiken
ankerloos als we zijn

Wagen na wagen trekt aan ons voorbij
wat de afstand alleen maar vergroot

Overal vogels, scharminkels van het ongebondene
een aansporing en aanfluiting gelijk

Een paar dozijn zou nog kunnen
maar toch geen honderden, elke dag opnieuw

We zullen worden gezien
als luxepaarden, als kamelen zonder baat

De tegenstand wordt al georganiseerd
maar wij zetten door, iets anders hebben we nooit geleerd

 

Lament

De verenigde vezelfabriek en marche
Lament
De aorta & de aars & het gat
Lament
Het klagen van het vlees & het moeras
Lament
De overdosis recycleren & de barst
Lament
De ekster op de galg & de grimas
Lament
De kwadratuur van het mirakel & de blaas
Lament
De overdruk op het bestel & de magneet
Lament
De zuigkracht van het bloed & de profeet
Lament
Het roffelen van het ritme & het dak
Lament
Het doorgaan van de maat & de matrak
Lament
Het overgeven van de eeuw & van het spel
Lament
De coalitie van de geeuw & van de rel
Lament.
            Het is het wegen van het veel & van het meer
            Het is het raadsel van de spankracht van de veer
            Het is het spektakelstuk, het galafeest, de eer
            Het is het dogma, het axioma & de leer
Het krimpen van de stof & van de naad
Lament
Het overtollig vet wegsnoeien & verraad
Lament
Het suggereren van de stop & het ventiel
Lament
Het laten groeien van de rentevoet, de hiel
Lament
Het zwaktebod, de faling, het patroon
Lament
Het opslaan van de kracht, de durf, de hoon
Lament
            Het is de lafheid & de moed, de heroïek
            Het is het spiegelbeeld van deze mozaïek
            Het is een schouwspel zonder goden of publiek
            Het is de kanker, de bevruchting, de koliek

 

Geert Buelens (Duffel, 5 februari 1971)

 

De Amerikaanse schrijver William S. Burroughs werd geboren in Saint Louis (Missouri) op 5 februari 1914. Zie ook alle tags voor William S. Burroughs op dit blog.

 

Mijn benen, Señor

Zolderkamer en raam, mijn schaatsen aan de muur
De priester kon de badkamer zien, lichtgele houten lambrisering
toilet, jonge benen, glanzende zwarte beenharen
“Het zijn mijn benen, señor.”
De glans van haarstoppels spoelt zijn lavendelkleurige horizon af
hij voelde de jongen kreunen en wat het betekende
gezicht van een rotjong op de tafel van de dokter
ik was de schaduw van de wassende avond en vreemde ruiten.
ik was de vlek en het gejammer van gemiste tijden in de weerspiegelde hemel
plekken vervuild water onder zijn lavendelkleurige horizon, raam
Vlek gekrabbeld door een jongen, koude, verloren knikkers in de kamer
De sjofele tafel van de dokter… zijn gezicht…
De huid van de jongen spreidt zich uit naar iets anders.
“CHRISTUS, WAT ZIT ERIN?” schreeuwt hij
vlees en botten rezen op als een tornado
“DAT DOET PIJN”
ik was de vlek en het gejammer van glanzende achterbeenharen
zilverpapier in de wind, rafelige geluiden van een verre stad.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

William S. Burroughs (5 februari 1914 – 2 augustus 1997)

 

Onafhankelijk van geboortedata

De Nederlandse schrijver Edzard Mik werd geboren in Groningen op 10 februari 1960. Zie ook alle tags voor Edzard Mik op dit blog.

Uit: Mea culpa

“Zijn vrouw kwam overeind maar Nazim hief zijn arm en stond erop zelf thee voor ons te halen. Hij ontworstelde zich aan zijn fauteuil en moest bij elke stap uit alle mogelijke posities van hoofd, schouders, romp en armen de juiste kiezen om zijn evenwicht te hervinden. Het was de eerste keer dat ik met eigen ogen zag dat hij nooit helemaal hersteld was. Ik begreep er niets van, dat wil zeggen, ik begreep wel hoe het een tot het ander leidde, de wurgende wetmatigheid van oorzaak en gevolg, maar wat ik begreep, begreep ik niet écht: ik kon me niet voorstellen dat de man die nu schommelend als een galjoen in de keuken verdween dezelfde was als de jongen die ooit met zijn broers voor ons was opgedoken en even later was afgevoerd, ons achterlatend in stervend zwaailicht. Ik keek naar Sybil en vroeg me af of ze in dezelfde afgrond staarde. Het kon niet anders of het duizelde haar zoals het mij duizelde. Ze had niets gedaan maar alles ge- zien, aangelicht door straatlantarens had die opeenvolging van gebeurtenissen zich voor haar ogen afgespeeld, van ons allen wist zij nog het beste wat er was gebeurd, dubieus voorrecht van de getuige. Maar haar gezicht glom, haar handen hield ze tussen haar dijen, haar onderbenen stonden uiteen, haar voeten staken naar binnen, ze zat er als een schoolmeisje bij, en als ze al ten prooi was aan vertwijfeling, dan liet ze daar niets van blijken. Uit de keuken gekletter, in de woonkamer stilte, en achter het raam gleed de stad al even stil weg in het dal. Ik liet mijn blik ronddwalen, sofa en fauteuils groot, kitsch-lamp, foto van de Bosporus, wandkleed met de Bosporus, vaas met de Bosporus, dat was het wel zo’n beetje, nee, er was meer, natuurlijk was er meer, in de hoek, bij de deur naar de gang, zag ik zijn rolstoel, opgevouwen. Zijn vrouw verroerde zich niet, haar hoofddoek sneed een ovaal uit haar gezicht, haar ogen waren groot en vochtig. Misschien kwam het door de zuiverheid van haar blik maar ik was ervan overtuigd dat ze niet van die vechtpartij wist, hij had haar er nooit over verteld, zij wist niet anders of hij was invalide geraakt door een ongelukkige val, motorongeluk of hersenbloeding, voor haar moesten Sybil en ik volstrekte vreemden zijn die uit de hemel waren komen vallen.”

 

Edzard Mik (Groningen, 10 februari 1960)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 5e februari ook mijn blog van 5 februari 2021 en ook mijn blog van 5 februari 2019.