Lieke Marsman, Claudia Gabler

De Nederlandse dichteres Lieke Marsman werd op 25 juli 1990 geboren te Den Bosch. Zie ook alle tags voor Lieke Marsman op dit blog.

 

Oergeknal

’s Avonds zegt een natuurkundige op televisie
dat het ook mogelijk is dat het heelal op een dag
niet langer zal groeien, maar langzaam, sneller
dan het licht, ineen zal klappen. In dat geval
zouden er na ons nog triljoenen heelallen
kunnen ontstaan en hangen we nu slechts
onderaan een stamboom van universa. Stel je voor
dat je jezelf enkel voort kunt planten
door niet meer te bestaan.

’s Ochtends, wanneer ik bij de start
van een dag zie hoe ik opnieuw ben gaan
ademhalen, vergelijk ik dit heen en weer
gegooi van sterren met mijn op en neer
gaande borsten, met de antenne van
een radio, die je doelloos in en uit
kunt blijven schuiven en vervolgens,
vooralsnog mijn meest geslaagde poging,
met een zeeanemoon.

 

Sneeuwuilen

Soms, zegt iemand, is het niet uit weerwil,
maar omdat me iets is afgenomen – laatst,
met die documentaire over het uitsterven
van de huismus, bijvoorbeeld, kon ik dat
gevoel toch niet langer negeren. Daar moet ik
even over nadenken.

Er is eens een picknick geweest waarbij ik
honderd keer werd gestoken door mieren en toch
niet kon stoppen met lachen, want er was een picknick.
Mijn vader leerde me hoe je het geluid van een uil
met je handen kunt nabootsen en nog diezelfde dag
verbrandde ik mijn vingers. Niettemin kan ik nu klinken
als een uil. Soms wordt je dus onrecht aangedaan, maar
maakt het je niet zoveel uit. Het is niet erg om bang te zijn
als het een goed verhaal oplevert. Van de andere kant,
ik heb eens gezien hoe vissen elkaar de ogen uitaten en daar
werd helemaal niemand beter van. Zoiets mag je
inderdaad niet negeren, denk ik. En zoals er vissen zijn
met gaten in het hoofd, verlies ik iedere nacht een deel
van mijzelf in de dromen die ik heb, die ik ’s ochtends
aan het ontbijt, of bij het aankleden, nog maar half weet
en dan later nog maar voor een kwart. Deze dingen gebeuren
en we hebben geen invloed. Zo sta je opeens

in een bos bij Berlijn een uil na te doen en het donker
antwoordt met krekels. Het donker antwoordt met kikkers
en kraaien, maar zijn uilen geeft het niet prijs. Je zou de
vissenogen wel van je huid willen wassen, alle uitstervende
vogels niet meer dan ondergesneeuwde herinneringen
laten zijn, sneeuwuilen, misschien nog één keer
niet durven zwemmen in een vijver vol karpers, maar daarna
volwassen worden. Onrecht rechtvaardigt
al deze wensen. Je kunt niet treuren om een mus
die nog overal rondvliegt. Laatst draaide ik me vastberaden om
om te zeggen dat ik vissen niet langer eng vond en keek recht
in de ogen van een middelgrote waterslang. Godallejezus
hoe bang ik ben voor slangen valt niet goed te praten.

 

Lieke Marsman (25 juli 1990 – 3 juni 2026)

 

De Duitse dichteres Claudia Gabler werd op 28 juli 1970 geboren in Lörrach. Zie ook alle tags voor Claudia Gabler op dit blog.

 

Houd je van de microscopische hoeveelheden sproeiwater?

Houd je van de microscopische hoeveelheden sproeiwater,
die uit de bloesems van steden opstijgen,
die zich vestigen,
en ons over bucolische landschappen vertellen,
waar ze langs zullen zijn geslingerd tijdens hun pesttochten,
die zich verspreiden
in onze badkuipen vol geluk?

———
Maar we zijn allang in de tuinen getrokken,
waar vroeger monniken graasden,
bij hun aard passend en hongerig in hun gezang.
Wij, ooit metropoolneurs.
Als wij mensenkinderen nu schoenen aantrekken,
krijgen we er soms blaren in.

———
Liefde, zeg je,
is het verkeerde woord.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Claudia Gabler (Lörrach, 28 juli 1970)

 

Zie voor de schrijvers van de 25e juli ook mijn blog van 25 juli 2020 en eveneens mijn blog van 25 juli 2018 en eveneens mijn blog van 25 juli 2017.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *