April (M. Vasalis), Sandro Veronesi, Jay Parini

 

 

Glamis Village in April door James McIntosh Patrick, 1946

 

April

Het blinkend lemmet van het licht
sneed door de donkere gordijnen,
uit ochtendlijke feestdomeinen
zongen de vogels luid en licht.

Geurloos en koel stroomde naar binnen
ademend met verse mond
de adem van de ochtendstond.

Ontwaakt zonder herinneringen.

 

M. Vasalis (13 februari 1909 – 6 oktober 1998)
Den Haag, de geboorteplaats van M. Vasalis, in april

 

De Italiaanse schrijver Sandro Veronesi werd geboren in Florence op 1 april 1959. Zie ook alle tags voor Sandro Veronesi op dit blog.

Uit: Zwarte september (Vertaald door Welmoet Hillen)

“Voordat ik jullie dit verhaal ga vertellen, moet ik het hebben over mijn ouders. In die tijd waren zij de bewakers van mijn gemoedsrust, wat betekent dat ze goede ouders waren. Ik was twaalf jaar oud en niets in mijn leven kwam ook maar in de buurt bij hoe belangrijk zij waren. Als je kunt stellen dat mijn kindertijd een veilige haven was en dat ik een gelukkig kind was, dan is dat hun verdienste. Daarom hebben de gebeurtenissen waarover ik ga vertellen me zo diep geschokt: omdat mijn ouders me voor het eerst niet konden beschermen, integendeel: zij waren een van de oorzaken van de ontwrichtingen die mij hebben getroffen. Voor het eerst raakte de wereld me direct, zonder filter – en de wereld brandt, het is open vuur, en ik wist dat niet omdat mijn ouders zich er tot dat moment dus altijd mee hadden bemoeid. Maar dit keer waren zij zelf de wereld die tekeerging, dus als je kunt stellen dat ik vanaf een bepaalde dag níet meer gelukkig was – althans niet op die manier –, dan is dat door hun toedoen.
Mijn vader was strafrechtadvocaat. In feite was hij de enige strafrechtadvocaat in het dorp waar we woonden, en als ik de naam van dat dorp nu noem, denken jullie allemaal hetzelfde: Vinci. Maar Leonardo heeft met dit verhaal niets te maken. Ik herinner me liever iets anders dat met mijn dorp is verbonden, iets wat voor mij veel belangrijker is, al herinnert niemand zich dat ooit: het instorten van de brug over de Arno op 17 november 1966, een paar dagen na de overstroming die Florence en de hele regio eromheen had getroffen. Die instorting, meer nog dan de overstroming zelf, was het eerste trauma van mijn leven: de brug stortte in de rivier en mijn dorp, samen met andere dorpen in de buurt, raakte van de wereld afgesloten. Dat isolement duurde enkele dagen. Geen school, geen catechismus, gezinnen waren van elkaar gescheiden, en wie voor zijn werk per se naar Florence moest, zoals mijn vader, moest een lange omweg maken over gevaarlijk geworden bergwegen. Ik hoorde vertellen dat het instorten van de brug heel erg was omdat de brug pas twaalf jaar oud was. Ik was nog maar half zo oud en twaalf jaar leek me nu niet echt weinig, maar toen het zes jaar later mijn beurt was om in te storten, besefte ik dat twaalf jaar inderdaad niet veel is. Daarom kan ik me die periode van de overstroming en het instorten van die brug zo goed herinneren: die brug en ik waren even oud toen we werden getroffen, hij door de natuur, ik door mensen. Het is een leeftijd waarop bepaalde dingen niet zouden mogen gebeuren, niet met bruggen en niet met mensen. Het is te vroeg.”

 

Sandro Veronesi (Florence, 1 april 1959)

 

De Amerikaanse schrijver, dichter en essayist Jay Parini werd geboren in Pittston op 2 april 1948. Zie ook alle tags voor Jay Parini op dit blog.

 

Zijn ochtendmeditaties

Mijn vader in deze eenzame gebedskamer
luistert bij het raam
in het kleine huisje van zijn eigen dromen.

Hij heeft een lange reis gemaakt, alleen maar om te luisteren,
voorbij zeeën en verdriet, door de smalle poort
van zijn verlossing.

En hij verblijft hier nu,
voorbij het dal en de schaduw,
in stilte verzameld door de dageraad.

Het is gekomen tot deze zoete afzondering
in het oog van God, de vroegste ochtend
in zijn besloten schedel, deze vorst van gedachten.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Jay Parini (Pittston, 2 april 1948)

 

Zie voor de schrijvers van de 1e april ook mijn blog van 1 april 2020 en eveneens mijn twee blogs van 1 april 2019 en ook mijn blog van 1 april 2018 deel 2.

Herfst (M. Vasalis), Jaap Harten, Dannie Abse

 


Herfstbos door Albert Bierstadt, 1886

 

Herfst

Toornige vreugde doet mij rechtop gaan
dwars door de herfstige plantsoenen
waar in het nat verwilderd gras
rillend naast de zwarte plas
een troep verregende kalkoenen
verworpen, onheilspellend staat.

De wind schuift in de glazen wolken
lichtende wakken hemel open
en wervelt glinsterende kolken
omhoog uit gele bladerhopen.
Als gevallen englen hokken
door geen zon meer te verzoenen
in een somber dreigend mokken
daar mijn broeders de kalkoenen.

M. Vasalis (13 februari 1909 – 6 oktober 1998)
Den Haag, de geboorteplaats van M. Vasalis, in de herfst

 

De Nederlandse dichter en schrijver Jacobus Cornelis (Jaap) Harten werd geboren in Blaricum op 22 september 1930. Zie ook alle tags voor Jaap Harten op dit blog.

 

Het jaargetij ging

Het jaargetij ging
van de ene hand in de andere
en wij gingen mee;
de zomerwei werd op slot gedaan
en een harmonika van bruin, geel of
rood hing plotseling aan alle takken,
hij speelde een liedje van kou.

Wij zaten nog
met ons hoofd in de zomer,
met onze spieren in het groen:
vuil en jong leefden wij op de akkers
en transpireerden als een drummer
die niet luisteren wil naar rede,
een nerveuze bosgod in zijn eigen rijk.

Wij bereden paarden met sterke nek
en klommen in het oor van de ruimte
die ons dan weer terugwierp op aarde.
Om de tijd mee te temmen hadden wij
handen vol oerdrift en geluk,
om de dag te verkennen leefden wij
tussen de stallen van het platteland,

waar wij vochten, tot het uiterste
gespannen, bloed tegen bloed,
een vete van boerenjongens,
ridders te vuur en te vuist.
En altijd hadden wij honger naar lucht:
een elastische god die ons tot
op het bot bezielde met staalblauw.

 

Hoe gaat de nacht voorbij

Hoe gaat de nacht voorbij,
met een ossenspan en gloeiende
sporen van demonen?
Wij hebben geen masker nodig
voor de liefde.

Wat bergt de nacht in haar schede,
messen voor de moordenaar,
blaffende honden, het harde
lichaam van de dood?
Ik adem je huid van liefde.

Wat denkt de zilversmid
van de sterren, dat hij beter
werk levert in de nacht dan jij
en ik? Wij spannen onze spieren
en adem voor de wilde liefde.

 

Jaap Harten (22 september 1930 – 2 december 2017)

 

De Britse dichter en schrijver Dannie Abse werd geboren op 22 september 1923 in Cardiff, Wales. Zie ook alle tags voor Dannie Abse op dit blog.

 

Een oude verplichting

Lang geleden sneuvelden mijn verwanten in de strijd,
voedden zwarte vliegen op al hun bleke maskers.

Ik had toen een plicht. Ik had toch zeker een plicht?
Ik was er voor hen en zij  waren er voor mij.

Nu, terwijl ik me herinner waarom, wat, wie,
denk ik de gedachte die zo leeg is als steen.

Terwijl ik vanavond reis, concentreer ik me op de achterkant
van helderheid, op die rode vlek die trilt.

Wat ben ik erachter vergeten? Het gaat
waar de rode vlek gaat, stijgend, dalend.

Ik beschrijf alleen een zonsondergang, een auto die rijdt
over een slingerende bergweg, dat is alles.

Ik kom te laat aan, nader de onverlichte duisternis.
Zij die buiten uitgangen en ingangen rondhangen,

zo verdrietig, zo geduldig, zelfs zij zijn vertrokken.
En ik ben geen geest en deze plek ligt in puin.

‘Zwart,’ roep ik zachtjes naar een dode maar geliefde,
‘Zwart, zwart,’ en verlang dat de nacht antwoordt, …
                                                                                ‘Zwart’.

 

 Vertaald door Frans Roumen

 

Dannie Abse (22 september 1923 – 28 september 2014)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 22e september ook mijn blog van 22 september 20919 en ook mijn blog van 22 september 2018 deel 1 en deel 2.