Een nieuw jaar (Toon Tellegen), Conor O’Callaghan

 

 

Wintergezicht bij Hillegersberg door Herman Bieling, 1933

 

Een nieuw jaar

Het is bijna zover
en een man dacht dat er iets ging beginnen,
iets wat niet kon beginnen, niet mocht beginnen,
iets met lente.
met water,
met vrijheid

.
en een engel sloeg hem neer
en zei:
er is geen beginnen,
er is nooit een begin geweest

.
en vrijheid werd aan een stuk hout gebonden
en losgelaten,
zodat iedereen haar kon zien,
ze hing hoog in de lucht tussen de wolken,
dreef langzaam weg

.
en de man kroop over de grond,
stilstand klemde zich aan hem vast,
en hij kromp ineen
tot hij een stofje was
en met zijn stoffigheid pronkte, lonkte

.
en het werd zomer, water werd vuur.

 

Toon Tellegen (Brielle, 18 november 1941) 

 

Onafhankelijk van geboortedata

Januari-droogte

Het hoeft geen vuurmaker te zijn, in deze tijd van het jaar,
een sigaret waarmee je twijfelt tussen auto en struiken.

Het perkament van het bos barst
bij de eerste windvlaag al open.

Gisteren kwam een grote plataan over First Street
en Hawthorne Street en staat er nog steeds.

De kranten zeggen dat het moet gebeuren,
al is het maar in kleine beetjes op de asbestgevel.
Maar vanavond zijn het emmers vol sterren, zo hard en droog als dubbeltjes
.

De voorraad etenswaren voor een maand stapelt zich op in de gootsteen.
Thee wordt gezet met water uit een volgelopen bad,
en elke dorst die ik heb opgebouwd, wordt gelest met de gedachte aan jou,
stukje voor stukje, een kerstcadeau dat verstopt ligt
en weken later wordt gevonden: het lint, de doos.

Ik heb een reservoir aan wensen, genoeg
om vele nachten in de vrieskou door te brengen.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Conor O’Callaghan (Newry, 20 september 1968)
Newry

 

Zie ook alle tags voor nieuwjaar op dit blog.

Zie voor de schrijvers van de 1e januari ook mijn blog van 1 januari 2023 en ook mijn vier blogberichten van 1 januari 2019.

Conor O’Callaghan

De Ierse romanschrijver en dichter Conor O’Callaghan werd geboren op 20 september 1968 geboren in Newry en groeide op in Dundalk. Zijn eerste roman, “Nothing on Earth”, werd in 2016 gepubliceerd en oogstte veel lof. Hij werd genomineerd voor de Kerry Group Irish Novel of the Year. Zijn tweede roman, “We Are Not in the World”, verscheen in februari 2021. Hij heeft ook vijf dichtbundels gepubliceerd. Zijn memoires, “Red Mist: Roy Keane and the Football Civil War” (2004), beschrijven het vertrek van Roy Keane uit de selectie van de Republiek Ierland voor het WK voetbal van 2002. O’Callaghan was voorheen co-houder van de Heimbold-leerstoel Ierse Studies aan de Villanova University. Hij is momenteel hoofddocent aan de Universiteit van Lancaster. In 2007 ontving hij de Bess Hokin-prijs van het tijdschrift Poetry. Hij woont in Sheffield met zijn vrouw, Mary Peace, een expert in achttiende-eeuwse literatuur.

 

Three Six Five Zero

I called up tech and got the voicemail code.
It’s taken me this long to find my feet.
Since last we spoke that evening it has snowed.

Fifty-four new messages. Most are old
and blinking into a future months complete.
I contacted tech to get my voicemail code

to hear your voice, not some bozo on the road
the week of Thanksgiving dubbing me his sweet
and breaking up and bleating how it snowed

the Nashville side of Chattanooga and slowed
the beltway to a standstill. The radio said sleet.
The kid in tech sent on my voicemail code.

I blew a night on lightening the system’s load,
woke to white enveloping the trees, the street
that’s blanked out by my leaving. It had snowed.

Lately others’ pasts will turn me cold.
I heard out every message, pressed delete.
I’d happily forget my voice, the mail, its code.
We spoke at last that evening. Then it snowed.

 

Game Night

Love not
being in the loop.

Grant the spruces’ wish,
the golf compound
graying out of use,
suvs in the it lot,
power outage,
a chorus from the quad.

Bless the elsewhere
where others are
not here or you.

And rain
after midnight . . .
Ask yourself,
is that rain or bells?

 

Conor O’Callaghan (Newry, 20 september 1968)