Cynan Jones, Elisabeth Borchers

De Welshe schrijver Cynan Jones werd geboren op 27 februari 1975 in Aberystwyth, Wales. Zie ook alle tags voor Cynan Jones op dit blog.

Uit: Deining (Vertaald door Manon Smits)

“Toen de gedaante van de twee mannen verscheen, vlogen de vogels op, vreemd genoeg lichtgevend door de maan die nacht, van het ondiepe water waar de rivier bij de zee uitkwam. De mannen bereikten het strand, legden het pakket op de stenen, en toen ging de dikste terug om de motor te halen.
Het licht van de maan had een diepe, blauwe toon, en de witte rand van de zee zag er poederachtig uit. Waar die brak was het net de rand van gescheurd papier. Het maakte niet meer dan een zacht ratelend geluid.
Terwijl de dikkere man weg was, maakte de magere de banden van het pakket los, vouwde de opblaasboot uit en begon hem op te pompen. Hij zag eruit als een nerveuze waadvogel, extra mager door de wetsuit die hij droeg, staand op één been terwijl zijn andere been omhoog en omlaag ging op de pomp. De wetsuit zat vol vaalgrijze terriërhaartjes, alsof ze erdoor werden aangetrokken.
Toen de dikkere man terugkwam, met de motor op zijn schouder, stegen de meeuwen weer op, en deze keer vertrokken ze naar de overkant van de rivier.
Toen de boot was opgeblazen droegen ze hem naar het water.
De grotere man ging in de boot zitten en ontving de rugzak en jassen, en de vishengels die ze hadden meegenomen voor het geval ze gezien zouden worden; toen liep de magere man tot aan zijn middel in het water en sleepte de boot naar zee.
De kou stak door zijn wetsuit.
Toen hij terugliep voor de buitenboordmotor vingen de hondenharen het maanlicht, zodat het leek alsof het pak op sommige plekken was geweven met gloeidraad.
Samen monteerden de twee mannen de motor op de spiegel, hingen hem voorover zodat hij niet bleef hangen in het ondiepe water, en draaiden ze de klemschroeven vast. Toen klom de magere man onhandig aan boord.
Door het extra gewicht zakte de boot een beetje tegen de keien onderwater, en de zwaardere man gebruikte de korte peddel om de boot af te duwen naar het kalme water voorbij de brandingsgolven.
Toen ze los waren, liet hij de motor zakken. Gaf drie harde rukken aan het startkoord.
Het plotselinge kabaal toen de motor tot leven kwam werd meteen gedempt toen hij het toerental verlaagde. De motor sputterde wat, murmelde, en toen stuurde hij de boot naar open zee.”

 

Cynan Jones (Aberystwyth, 27 februari 1975)

 

De Duitse schrijfster en dichteres Elisabeth Borchers werd geboren in Homberg op 27 februari 1926. Zie ook alle tags voor Elisabeth Borchers op dit blog.

 

Laat niemand beweren

Laat niemand beweren
dat ik doof ben.
Elke avond hoor ik
de onrust der sterren.

Laat niemand beweren
dat ik blind of kreupel ben.
Ik pak stok en steen
totdat er plotseling iets gebeurt.

Laat niemand beweren
dat ik verzuimd hen te dromen.
Ik zal niet naar Tibet reizen
noch naar Tanger.

Ik droomde
dat ik de weg terug
niet kon vinden.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Elisabeth Borchers (27 februari 1926 – 25 september 2013)

 

Zie voor de schrijvers van de 27e februari ook mijn blog van 27 februari 2021 en ook mijn blog van 27 februari 2019 en eveneens mijn blog van 27 februari 2016 deel 2.

Paolo Giordano, Alexander Gumz

De Italiaanse schrijver Paolo Giordano werd geboren in Turijn op 19 december 1982. Zie ook alle tags voor Paolo Giordano op dit blog.

Uit: Tasmanië (Vertaald door Manon Smits)

“In die tijd ging mijn kleine persoonlijke catastrofe me veel meer aan het hart dan de planetaire, dan de ophoping van broeikasgassen in de atmosfeer, de terugtrekking van de gletsjers en de stijging van de oceanen. Het was vooral om er even tussenuit te kunnen dat ik aan de Corriere della Sera vroeg of ze een accreditatie voor me wilden aanvragen bij de klimaatconferentie in Parijs, ook al was de inschrijftermijn al verstreken. Ik moest dan ook echt bij ze smeken, alsof dit iets was wat ik absoluut niet mocht missen. Ze hoefden alleen maar te betalen voor de vlucht en de artikelen die ik zou schrijven. Een slaapplaats zou ik wel regelen bij een vriend.
Giulio woonde in een donker tweekamerappartement in het veertiende, de Rue de la Gaîté. De Straat van de Vrolijkheid? zei ik toen ik binnenkwam. Niet echt toepasselijk.
Nee, inderdaad. Ik zou me maar niet te veel illusies maken als ik jou was.
Jaren eerder hadden we in Turijn een flat gedeeld, Giulio als student van buiten de stad, ik als rijkeluiszoon die graag op kamers wilde ook al was de uni maar een halfuur met de bus vanaf mijn ouders. In tegenstelling tot mij was Giulio na zijn afstuderen wel in de natuurkunde bezig gebleven. Hij had in talloze steden gewerkt, uitsluitend in Europa omdat hij politiek gezien een onoverkomelijke weerstand koesterde jegens de Verenigde Staten. Intussen was hij getrouwd en gescheiden, had een zoontje gekregen en was ten slotte in Frankrijk neergestreken, met een onderzoeksbeurs aan de École Polytechnique, waar hij zich bezighield met chaostheorieën toegepast op de financiële wereld.
We schepten allebei een bord pasta vol alsof we twintigers waren en aten aan een ongedekte tafel, terwijl ik hem vertelde over de reden van mijn bezoek, de officiële reden tenminste. Giulio ging op een schap naar een boek zoeken. Heb je dit gelezen?
Ik zei nee en liet de rand van de pagina’s onder mijn duim door glijden. Ondergang, mompelde ik, dat klinkt perfect.
Hij heeft een interessante kijk op uitsterving. Hou het maar.
Het woord ‘uitsterving’ bleef even in mijn hoofd hangen, als het label van een persoonlijk lot. Ik ruimde af terwijl Giulio me snel bijpraatte over Adriano, die alweer vier jaar was.
Ik was een beetje slaperig geworden door de koolhydraten, maar de wijn was op, dus gingen we de deur uit zodat we konden blijven drinken.”

 

Paolo Giordano (Turijn, 19 december 1982)

 

De Duitse dichter, schrijver en vertaler Alexander Gumz werd geboren op 19 december 1974 in Berlijn. Zie ook alle tags voor Alexander Gunz op dit blog.

 

strak omheind groen

het einde van ons verlangen: opgetrokken
wenkbrauwen voor een rijtjeshuis.

zoveel kansen krijgt hier anders niemand.
het gras onder onze zolen wordt drie keer verkocht.

één keer aan de slager in Oberdorf, twee keer
aan kleinkinderen op de rondweg.

haal je jurk uit de kast, die strakke,
en dans met mij in het zwembad.

wij nemen nooit meer de bus van negen uur.
we zullen ons slechts alles herinneren,

toen het klein was. vóór de crashes, de gaten in het hek,
de roest in onze hand.

heb je het fornuis in de keuken aan laten staan
of wat is dat voor geur?

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Alexander Gumz (Berlijn, 19 december 1974)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 19e december ook mijn blog van 19 december 2018 en eveneens mijn blog van 19 december 2015 deel 2.