Godfried Bomans, James Merrill

De Nederlandse schrijver Godfried Bomans werd geboren in Den Haag op 2 maart 1913. Zie ook alle tags voor Godfried Bomans op dit blog.

 

Is het waar…?

‘Is het waar, meneer, dat gij een tijdschrift wilt oprichten?’
‘Ja, dat willen wij.’
‘En hoe is dat plan zo plotseling gekomen?’
‘Dat plan is niet plotseling gekomen. Het is gegroeid.’
‘Mijn hemel, hoe merkwaardig! Wanneer?’
‘Op een avond. Wij zaten bijeen, allemaal begaafde jonge kerels, die wat anders wilden. En opeens begrepen wij, wat het was: een tijdschrift.’
‘Een literair tijdschrift?’
‘Neen. Breder. Een tijdschrift van algemeen culturele strekking.’
‘Bestaan er van zulke tijdschriften niet reeds meerdere?’
‘Niet in de zin, waarin wij het bedoelen.’
‘In welke zin bedoelt gij het dan?’
‘In opbouwende zin.’
‘Wie van U kwam het eerst op dit idee?’
‘Niemand. Op een avond begrepen we, dat het tijd werd, de hand aan de ploeg te slaan.’
‘Uw tijdschrift heet zeker “De Ploeg”?’
‘Zeker. Hoe weet ge dit?’
‘Omdat wij gisteravond ook bij elkaar gekomen zijn.’
‘Begaafde jonge kerels?’
‘Inderdaad.’
‘Wilden zij wat anders?’
‘Ja, dat wilden wij. En opeens begrepen we, dat het een tijdschrift was dat ons ontbrak.’
‘Een letterkundig weekblad?’
‘Neen. Breder. Iets van meer algemeen culturele strekking.’
‘Ik moet U dat afraden.’
‘Waarom?’
‘Er bestaan daarvan reeds meerdere.’
‘Jawel. Maar niet in de zin waarin wij het bedoelen.’
‘U bedoelt toch niet in opbouwende zin?’
‘Zeker, dat bedoelen wij.’
‘Zeg eens, in welk café hebt gij vergaderd?’
‘In De Kring.’
‘Dank U. Wij waren in De Koepel. Er is dus wel degelijk een punt van verschil.’
‘Dat is ook mijn mening. Ik groet U.’
‘Ik groet U evenzeer.’

 

Godfried Bomans (2 maart 1913 – 22 december 1971)

 

De Amerikaanse dichter James Merrill werd geboren op 3 maart 1926 in New York. Zie ook alle tags voor James Merrill op dit blog.

 

Het land van een duizendjarige vrede

voor Hans Lodeizen (1924-1950)

Hier komen ze allemaal om te sterven,
Vloeiend, als in een vierde taal.
Maar voor een jongeman nog niet van hun ras
Was het een waanzin dat je moest liggen

Blind aan één oog en gevoed met
Het bloed van een geboend gezicht;
Het was een waanzin neer te zien
Op de speelgoedstad waar

De glinsterende neutraliteit
Van klok en chocola en meer en wolk
Elke morgen maakte tot iets
Minders dan je kon hebben;

Het doet mij hardop huilen
Om de oude meesters van de ziekte
Die hoog boven je aan een haar het zwaard
Laten bungelen dat, nooit vallend, doodt

En je nog weg wilden lokken van dat sterrenland
Onder de wereld, dat niemand ziet
Zonder een dood, de glans en ’t scherp gewicht
ervan flitsend in zijn eigen hand.

 

Vertaald door Jan Eijkelboom

 

James Merrill (3 maart 1926 – 6 februari 1995) 

 

Zie voor de schrijvers van de 2e maart ook mijn blog van 2 maart 2024 en ook mijn blog van 2 maart 2020 en ook mijn blog van 2 maart 2019 en ook mijn blog van 2 maart 2018 en ook mijn blog van 2 maart 2014 deel 2.

März (Georg Heym), Jan Eijkelboom, Franz Hohler

 

 

Maart door Boris Serdyuk, 2024

 

März

Aus der Erde quollen Kräfte,
Die in dunkler Enge schliefen,
In den Wolken gingen Stürme,
Graue Wogen in den Tiefen.

Lange Tage fuhren Winde
Regenschwer vom nahen Meere,
Große Vögel kamen nächtlich
Und verschwanden schnell ins Leere.

Auf dem halbgeborstnen Eise
Schoben sich die schweren Schollen,
Oft wir schraken auf aus Träumen
Von des Stromes dumpfem Grollen.

Sterne glänzten und verschwanden,
Eh wir noch die Schönen schauten,
Fern vom Sturm geläutet klangen
Glocken mit der Märznacht Lauten.

 

Georg Heym (30 oktober 1887 – 16 januari 1912)
Hirschberg in het Reuzengebergte, de geboorteplaats van Georg Heym

 

De Nederlandse dichter, vertaler en journalist Jan Eijkelboom werd op 1 maart 1926 in Ridderkerk geboren. Zie ook alle tags voor Jan Eijkelboom op dit blog.

 

Gedragen kleding

1

Hun eens per week gewassen voeten
in veelvuldig gestopte sokken
in eeuwig gepoetste bottines
gingen tweemaal ’s zondags ter kerke
in onwennig statige tred.

Jij, vader, sprong er nog uit
in je dure lakense jas,
je streepjesbroek die
– hoe is het godsterwereld mogelijk –
fantasiebroek genoemd werd
(en misschien nog wel wordt).

Door een broeder werd je berispt
toen jij, op klaarlichte zondag,
een brief op de post ging doen
en daarmee and’ren iiet werken
terwijl het nog sabbat was
(ook droeg je een zomerkostuum).

Tussen dat volk bleef je leven,
goedsmoeds. Ik heb ’t ze nooit vergeven.
Jou wel, maar veel te posthuum.

2

Dan was er die kennis
die niet naar de kerk ging
maar wel steeds de schrift
in het midden bracht.
Hij heeft meer verstand
dan menig predikant,
zo werd van hem gezegd.

Ook hij stapte op zondag
statiger dan anders
maar wandelde liever
– alleen, ongetrouwd –
in ’t lommerrijk stadspark
en sprak dan van ‘deez’ tempel
van ongekorven hout.’

Iedere ketter heeft zijn letter,
zei eens mijn moeder fel.
Zo had ik haar nooit gehoord.
Ik schrok, al bekoorden
zulke snel rijmende woorden
mij wel.

3

Ik heb dat rare geloof
als een jasje uitgedaan.
Ik was nog maar veertien jaar
en voelde mij begenadigd,
als was er een wonder geschied.
Toch, zonder kleerscheuren
is het niet gegaan.
Later kwam het besef:
je bent voorgoed beschadigd,
te nauwer nood gered.

Ik trok geen jas uit
maar een huid en
moest het voortaan zonder doen,
moest achter een
– door de geest uit de fles –
snel opgetrokken rookgordijn
verdwijnen voor wie alles ziet,
ook al bestaat hij niet.

 

Jan Eijkelboom (1 maart 1926 – 28 februari 2008)

 

De Zwitserse dichter, schrijver, cabaretier en liedjesmaker Franz Hohler werd geboren op 1 maart 1943 in Biel. Zie ook alle tags voor Franz Hohler op dit blog.

 

Turicum

Het eerste nieuws
dat ons bereikte
uit Zürich
is
in de 2e eeuw na Christus
de dood van een kind
de kleine Lucius Aelius
zijn vader was een Romeinse hoofdbelastinginner
geld was zeker geen probleem voor hem
hij had een ambt, een vrouw en genoeg te eten
en toch leefde de zoon
niet langer
dan 1 jaar, 5 maanden en 5 dagen
en zijn moeder heette Secundina
en haar verdriet is af te lezen
aan de laatste regel van de grafsteen
parentes dulcissimo filio
de ouders aan hun geliefde zoon.

Vandaag
is het slechts 5 minuten lopen
van de kastelen van het geld
en de winkels van de hoogste douanebeambten
naar de Lindenhof
waar oude mannen
schaakstukken verplaatsen onder de bomen
en soms stopt er iemand
zoals ik
en leest deze inscriptie
en denkt
ook al worden in deze stad
dingen gebouwd, geboord, gegraven en opgehoopt
totdat alles van goud, glas en staal is gemaakt
dan ligt er helemaal onderin
een dood kind
en een verdriet
dat eeuwen zal duren.

 

Vertaald door Frans Roumen

 

Franz Hohler (Biel, 1 maart 1943)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 1e maart ook mijn blog van 1 maart 2025 en ook mijn blog van 1 maart 2021 en ook mijn blog van 1 maart 2020 en ook mijn blog van 1 maart 2019  en ook mijn blog van 1 maart 2015 deel 1 en ook deel 2 en eveneens deel 3.

Anthony Staring, Derek Walcott

De Nederlandse dichter, landbouwkundige en landheer Anthony Christiaan Winand Staring werd geboren in Gendringen op 24 januari 1767. Zie ook alle tags voor Anthony Staring op dit blog.

 

De winter.

De Winter heeft, hoe grijs van kin,
Een kleur als melk en bloed!
Hij tafelt lang; schenkt naarstig in;
En ’t maal bekomt hem goed.
Hij plant, hij delft, hij ploegt bij daag,
Vermand door sneeuw noch buldervlaag;
En trekt wel eens, in jagersdragt,
Naar ’t glinstrend bosch, ter avendwacht.

Als ’t ijs den radden vloed houdt staan,
Voelt hij zijn kracht gesterkt:
Zijn schaatsen gonzen langs de baan,
Zijn hielen zijn gevlerkt!
Bevracht een aardig kind zijn sleê,
Hij zwaait er als een veder meê,
En ’t meisje tart, tot sneller vaart,
Haar speelnoot achter ’t rinklend paard.

Zijn haardsteê lokt de jeugd bijeen;
Zij wemelt om zijn stoel.
Hij pleegt terwijl zijne oude leên,
En schatert in ’t gejoel.
Een sprong in ’t ronde mag hij wel,
Doch voegt zich liefst bij zang en spel;
Of kort den nacht met gul gejok,
En heeft geene ooren voor de klok.

Omsingle ’t West, met slibbe en plas,
Zijne ongenaakbre stulp,
De Tijd gaat met geen trager pas;
Dank zij der Muzen hulp!
Gemis wordt in genot verkeerd,
Als ’t Oosten op zijn beurt regeert;
De vorst het grondloos pad bestraat,
En vriendschap weêr uit buren gaat.

Wie dan den Winter lastren meugt,
Kraait gij ons, na en voor,
Van Lenteblijheid, zomervreugd,
En Herfstvermaak aan ’t oor?
Den Grijsaard zij, als eerbetoon,
Een krans van palm bij ons geboôn;
En klank van gouden snaren zweev’
Door ’t feestgeroep: ‘De Winter leev’!’

 

Meizang.

’t Is Lente! Lente!
Het feestgeschal
Van ‘Lente! Lente!’
Klinke overal!

Hoe geurt de wasem
Der berkenspruit!
Hoe zacht is de asem
Van ’t vriendlijk zuid!

De bijtjes dragen
Weêr honig aan;
De tortels klagen;
De wachtels slaan.

Op weide en akker –
Langs vliet en poel –
Is ’t leven wakker –
Is blij gejoel.

Was ’t meerder weelde,
Dan lentevreugd,
Die Adam streelde,
In Edens jeugd?

Of breidde de aarde,
Toen de Eerste Bruid
Haar bruidkrans gaarde,
Zich schooner uit?

 

Anthony Staring (24 januari 1767 – 18 augustus 1840)
Portret door Johannes Immerzeel, 1840

 

De Westindische dichter en schrijver Derek Walcott werd geboren op 23 januari 1930 op St. Lucia, een van de kleine Bovenwindse Eilanden. Zie ook alle tags voor Derek Walcott op dit blog.

 

GOD REST YE MERRY, GENTLEMEN

Elke straathoek is Kerstavond
in het centrum van Newark. De Wijzen lopen
in zwarte overjassen en koesteren
een fles spiritus, en hoeren loeren
vergeefs uit de donkere kribben van portieken.
Een gekke koning breekt een fles ter ere
van de bijstand, ‘Ik maak ‘m dood, de klootzak’,
en voor zwarte woonblokken zonder werk
is de lucht vol kristallen splinters.

Een bus breekt uit de zinsbegoocheling van water,
een nijlpaard onder natte straatlantaarns, en knarst
verder in rook; elke schaduw lijkt te wankelen
onder het bijtend zuur van neon –
haperend als pis, sommige l tt rs uit-
gevallen, gedoofd – op twee witte
verpleegsters na, hun roeping nog witter gemaakt
door het donker. Over twee dagen zijn er verkiezingen.

Johannesburg is vol sterverlichte kroegen.
Het is anti-Amerikaans zulke vergelijkingen te trekken.
Denk aan Newark als aan Kerstavond,
als alle mensen je broeders zijn, zelfs
deze; geef ons vrede in pakketjes,
laten er geen gebroken flessen meer zijn in de hemel
boven Newark, laat het niet glanzen als spuug
op een drempel, denk aan de denneboom-
piek met de gouden ster erboven op de
fluoriserende bumper-sticker van een passerende auto.

Dochter van je eigen Zoon, Moeder en Maagd,
groot is de sprankeling van het wolkenkrabber-firmament
in zure plassen, de gouden ster in etalages,
en de gele ster op de door mot aangevreten mouw van de avond
als de zwarte jas die Hij droeg door mesdunne ellebogen
uit het ghetto de veewagen in
van Warschau; nergens is Zijn komst meer immanent
dan in het centrum van Newark, waar drie lichten
de sterverlichte wieg en de evergreen kerstliederen
geloven voor het musse-kind: een jochie met zwarte flapperende jas
gevolgd door een witte ster terwijl er een politie-auto patrouilleert.

 

Vertaald door Jan Eijkelboom

 

Derek Walcott (23 januari 1930 – 17 maart 2017)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 24e januari ook mijn blog van 24 januari 2024 en ook mijn blog van 24 januari 2021 en ook mijn blog van 24 januari 2019 en ook mijn blog van 24 januari 2017 en ook mijn blog van 24 januari 2016 deel 2.

Karl Heinrich Waggerl, Emily Dickinson

De Oostenrijkse schrijver Karl Heinrich Waggerl werd geboren op 10 december 1897 in Bad Gastein. Zie ook alle tags voor Karl Heinrich Waggerl op dit blog.

Wie Ochs und Esel an die Krippe kamen

Als Josef mit Maria auf dem Weg nach Betlehem war, rief ein Engel die Tiere heimlich zusammen, um einige auszuwählen, der Heiligen Familie im Stalle zu helfen. Als erster meldete sich natürlich der Löwe: »Nur ein König ist würdig, dem Herrn der Welt zu dienen“, brüllte er, „ich werde jeden zerreißen, der dem Kind zu nahe kommt!“ “Du bist mir zu grimmig“, sagte der Engel. Darauf schlich sich der Fuchs näher. Mit unschuldiger Miene meinte er: „Ich werde sie gut versorgen. Für das Gotteskind besorge ich den süßesten Honig, und für die Wöchnerin stehle ich jeden Morgen ein Huhn!“ „Du bist mir zu verschlagen“, sagte der Engel. Da stelzte der Pfau heran. Rauschend entfaltete er sein Rad und glänzte in seinem Gefieder. „Ich will den armseligen Schafstall köstlicher schmücken als Salomon seinen Tempel!.“ „Du bist mir zu eitel“, sagte der Engel. Es kamen noch viele und priesen ihre Künste an. Vergeblich. Zuletzt blickte der strenge Engel noch einmal suchend um sich und sah Ochs und Esel draußen auf dem Felde dem Bauern dienen. Der Engel rief auch sie heran, »Was habt ihr anzubieten?“. »Nichts“, sagte der Esel und klappte traurig die Ohren herunter, „wir haben nichts gelernt außer Demut und Geduld. Denn alles andere hat uns immer noch mehr Prügel eingebracht!“. Und der Ochse warf schüchtern ein: „Aber vielleicht könnten wir dann und wann mit unseren Schwänzen die Fliegen verscheuchen!“ Da sagte der Engel: »Ihr seid die richtigen!“

 

Karl Heinrich Waggerl (10 december 1897 – 4 november 1973)

 

De Amerikaanse dichteres Emily Dickinson werd geboren op 10 december 1830 in Amherst, Massachusetts. Zie ook alle tags voor Emily Dickinson op dit blog.

 

The Soul Selects her own Society

De ziel verkiest haar eigen maatschappij,
trekt dan een lijn;
dring u niet op aan zulk een goddelijk
getweeën zijn.

Onaangedaan hoort zij hoe ’t rijtuig stopt
bij haar bescheiden poort;
een keizer knielend op haar mat
wordt nauw’lijks aangehoord.

Ik weet het: uit een wereldmacht
koos zij slechts één;
toen sloot zij heel haar aandacht af
als steen.

 

Vertaald door Jan Eijkelboom

 

Emily Dickinson (10 december 1830 – 15 mei 1886)

 

Zie voor nog meer schrijvers van de 10e december ook mijn blog van 10 december 2022 en ook mijn blog van 10 december 2018 en ook mijn blog van 10 december 2017 deel 3.